Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

’Nee’ tegen kwade boodschap Wilders

Home

Doekle Terpstra

Wilders misbruikt zijn positie om op te hitsen. Dat is gevaarlijk. ’Redelijke mensen’ moeten zich verzetten.

Ik weet het, boosheid is een slechte raadgever. Toch word ik tot op het bot uitgedaagd en wordt mijn gemoed door Geert Wilders wel erg op de proef gesteld. Vol bravoure kondigt hij aan dat hij een film gaat maken waarin hij de islam neerzet als een fascistische religie. Dat doet een man die zegt dat hij het beste met Nederland voorheeft.

Maar ondertussen schept hij er genoegen in mensen bewust te schofferen door de religie waar zij (mede) hun identiteit aan ontlenen af te schilderen als een kwaadaardige bron. Volgens Wilders kan de Koran worden ingedikt tot het formaat van de Donald Duck. Hij vergelijkt het boek met Mein Kampf en zijn nieuwste credo is nu dus dat de Koran ’fascistisch’ is. Telkens opnieuw creëert Wilders over de ruggen van moslims een podium voor zichzelf en stuurt hij bewust aan op polarisering in de samenleving.

De eerste reacties op het plan van Wilders waren beheerst en afwachtend. De minister van justitie liet weten dat hij niet gelukkig is met het initiatief, maar dat hij het niet kan of wil verbieden. Voor een minister van justitie is dat natuurlijk de enige juiste reactie. Maar waar blijven de verontwaardigde reacties uit het land? Is dit plan van Wilders niet meer dan wat wild geraas, waarover we onze schouders moeten ophalen? Ben ik de enige die boos en bezorgd is? Ik voel me meer en meer getergd door de voortdurende beledigingen aan het adres van de moslims. Ik erger me aan de man die als een splijtzwam fungeert en bevolkingsgroepen tegen elkaar opzet. Ik erger me over het feit dat Wilders op geen enkele manier verantwoordelijkheid neemt voor een inhoudelijk debat over de multiculturele samenleving.

Geert Wilders is niet zomaar een Nederlander met een mening. Hij is politicus en lid van de Tweede Kamer. Ook hij heeft uiteraard het recht van het vrije woord. Maar juist als volksvertegenwoordiger heb je plichten tegenover de samenleving. Van een Kamerlid mag gevraagd worden zich verantwoordelijk op te stellen en mensen of groepen niet bij voortduring op hun te ziel trappen. Maar Wilders misbruikt zijn positie en het vrije woord als een alibi om op te hitsen en kloven in de samenleving te slaan.

Terecht wees de alom gewaardeerde (en vertrekkende) politicus Ed van Thijn er onlangs op dat democratie niet vanzelfsprekend is. Democratie kent ook het risico van implosie. Als we niet behoedzaam omgaan met het vrije woord en daar ook de beperkingen niet van kennen, is dat riskant voor de kwaliteit van samenleven en voor het democratisch bestel. We kunnen de democratie ook opblazen onder het mom van datzelfde vrije woord. Wilders’ zogenaamd ’vrije woorden’ vormen een bedreiging voor een samenleving waarin tolerantie, gastvrijheid en solidariteit kernwaarden zijn.

Onbegrijpelijk vind ik het, dat de ’redelijke mensen’ – waartoe ik mijzelf ook reken – zo onverschillig lijken te zijn. Wanneer staan wij eens op? Wanneer manifesteren wij ons met de oproep dat genoeg, genoeg is. Wanneer maken wij Wilders duidelijk dat wij een samenleving voorstaan waarin mensen op basis van respect met elkaar samenleven, dat wij de onderlinge dialoog wensen op basis van respect voor elkaars eigenheid. Met waardering voor elkaars identiteit en met een open vizier willen leren van verschillende religieuze gewoonten en belevingen. Met respect voor de woorden van de Koran, zoals ikzelf graag met respect bejegend wil worden op de woorden die voor mij heilig zijn en die mij via de Bijbel worden aangereikt.

Als Wilders de Bijbel op een vergelijkbare manier zou beoordelen als hij doet met de Koran zou hij constateren dat ook daarin verhalen staan die ik – en hij waarschijnlijk ook – niet graag werkelijkheid zie worden. Toch is de Bijbel vooral een boek dat uitnodigt om met elkaar te leven in vrede, in liefde en in hoop. Als christen vind ik het onacceptabel dat een landgenoot mensen met een bepaalde religieuze overtuiging categorisch diskwalificeert.

Het is tijd om op te staan tegen de verWildering van de samenleving. Het is tijd om een krachtig signaal af te geven aan alle moslims in ons land. Het geluid van Wilders is niet het geluid van Nederland. Extremisme is nooit de juiste weg. Redelijkheid en tolerantie mogen onder geen enkel beding onder druk komen staan. Dat gebeurt nu wel. Daarom is het tijd voor een breed maatschappelijk gedragen ’nee’ tegen de kwade boodschap van Wilders en de zijnen. Laten we ons opstellen als verschillege mensen die eenheid binnen onze samenleving willen nastreven, waar plaats is voor iedereen en waar mensen zich niet hoeven te generen voor het feit dat ze moslim zijn.

Het initiatief hoeft niet per definitie uit de politiek te komen. Laat het een stem zijn die gedragen wordt door een breed maatschappelijk front. Ik roep de leiders van toonaangevende maatschappelijke bewegingen en instellingen op om hun stem te laten horen tégen polarisatie en vóór respect voor medeburgers. Vakbonden, werkgevers, moslims, kerken, humanisten en andere groeperingen en instellingen: kom bijeen, sla de handen ineen, en keer het tij.

Doekle Terpstra schreef dit stuk op persoonlijke titel

Deel dit artikel