Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Invloed Greet Hofmans schromelijk overschat'

Home

Van onze redactie religie & filosofie

Greet Hofmans was een integere vrouw. Haar politieke invloed op koningin Juliana in de jaren vijftig is schromelijk overschat. Mogelijk hebben figuren aan het hof naar macht gestreefd, maar niet Hofmans.

Dat zegt emeritus hoogleraar (kerkgeschiedenis) Gilles Quispel, internationaal expert op het gebied van de gnosis. In die tijd waren hij en zijn vrouw enkele keren aanwezig op bijeenkomsten op Het Loo en Paleis Soestdijk. Daar werd, in aanwezigheid van de vorstin, in een kleine kring van prominenten -onder wie Martin Buber en Eleanor Roosevelt- gesproken over geestelijke en esoterische zaken.

Een van de permanente aanwezigen was de gebedsgenezeres Greet Hofmans (1894-1968). Juliana had haar geraadpleegd in verband met de oogkwaal van prinses Marijke (Christina). Hofmans zou hierdoor aanzienlijke invloed hebben verworven bij de koningin en binnen bepaalde kringen aan het hof. Met name zou ze de pacifistisch-neutralistische opvattingen van de koningin op z'n minst hebben versterkt. Het kwam tot een conflict met prins Bernhard en met de regering. Als gevolg daarvan werden in augustus 1956 de relaties tussen Juliana en Hofmans verbroken en werd de hofhouding gereorganiseerd.

In het jongste nummer van Bres, 'onafhankelijk tijdschrift over keerpunten in mens en cultuur' herinnert Quispel zich: ,,Het zal waarschijnlijk 1952 geweest zijn. Ik gaf in Londen voor zielenartsen een reeks lezingen over de Gnosis. Eens kwam na afloop een Nederlandse sterrenwichelaar naar mij toe. Hij heette Philip Metman. Hij kwam me waarschuwen: 'Binnenkort ontvangt u een uitnodiging om te spreken op een bijeenkomst op Het Loo bij Apeldoorn. Er is daar iemand die denkt dat zij een telefoonlijn met de hemel heeft'.''

Volgens Quispel beschouwde de Cia de bijeenkomsten als een gevaar, want de leiders ervan spraken zich uit voor vrede en dat was ten tijde van de Koude Oorlog verdacht. ,,Van de weeromstuit zagen de Russen hun kans schoon. Het moet op de bijeenkomsten op Het Loo gewemeld hebben van Amerikaanse en Russische spionnen. Een van hen was Philip Metman.''

Quispel sloeg de waarschuwing in de wind en ging op 29 mei 1954, samen met zijn vrouw Lien, naar Het Kleine Loo. ,,We troffen daar een heel gezelschap aan: de bankier Pierson met zijn lieve vrouw, een deftige verzekeraar met echtgenote, een dokter Fentener van Vlissingen, barones Van Heeckeren van Molecate en zijn vrouw, alsmede zijn moeder die over de lakeien als 'die kerels' sprak. Verder de heer Kaiser, oud-secretaris van de directie van de Maatschappij Nederland, een opgewonden standje met een knappe vrouw, koningin Juliana en juffrouw Hoffmans die niets zei.''

Onder de buitenlandse sprekers bevond zich luchtmaarschalk Lord Dowding, leider van de Battle of Britain. ,,Dowding hield een toespraak over de landing op aarde van buitenaardse mensen, waarin hij vast geloofde, ofschoon hij niet kon verklaren waarom die wezens Engels spraken.''

Volgens Quispel werd noch op die eerste bijeenkomst noch ook bij latere ontmoetingen, met ook maar een woord over politiek gerept. ,,Ook Greet Hofmans had het daar nooit over. Zij was een bescheiden vrouw, altijd stemmig gekleed, die geneeskrachtige gaven had en vast geloofde in de kracht van het gebed. Een profetes in de oerchristelijke betekenis van het woord, een vrouw die door de Geest geïnspireerd wordt om iets nieuws aan de Openbaring toe te voegen.''

Koningin Juliana vond in dit gezelschap vriendschap en genegenheid, maar ze liet zich , aldus Quispel niets op de mouw spellen. ,,Ik werd (op een zondagmiddag) opgebeld met het verzoek direct naar Het Loo te komen. Daar liep juist een bijeenkomst ten einde. Een Engelsman, een zekere Tudor Pole, vertelde in kleine kring de sterkste verhalen. Door bovenzinnelijke waarneming wist hij, dat onder de muren van Istanboel, voorheen Constantinopel, rijke schatten verborgen lagen. De koningin moest hem helpen die op te sporen. Hofmans ging voor in gebed en zei dat dat moest.

Wat ik vond? Gelovige mensen moet je nooit tegenspreken. Met veel omhaal van woorden betoogde ik, dat men daarover een deskundige moest raadplegen. Tudor Pole suggereerde de beroemde Engelse kunsthistoricus Sir Kenneth Clark. En mijn nuchtere vrouw zei tegen Juliana: 'U gelooft toch niet alles wat u verteld wordt?' De volgende dag zei Juliana dat ze niets ondernam voor Kenneth Clark werd geraadpleegd. Die reageerde zeer negatief. De zaak liep met een sisser af.''

Deel dit artikel