Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Ik zie te weinig wereldverbeteraars' Ian Buruma

Home

Voor zijn boeken gebruikt Ian Buruma graag persoonlijke verhalen. Fragmenten uit romans of films, anekdotes uit brieven, de weerslag van een gesprek. Zijn nieuwste boek '1945, biografie van een jaar' begint met een cruciaal moment uit het leven van zijn vader. Maar de schrijver zelf blijft op afstand.

Hij luisterde gretig naar de verhalen van zijn vader, maar één ding kon Ian Buruma maar niet begrijpen. Hoe was het mogelijk dat hij zich kort na de Tweede Wereldoorlog opnieuw liet vernederen tijdens de ontgroening van het Utrechtse studentencorps?

Vader Leo Buruma aarzelde toen hij in de zomer van 1945 terugkeerde in Nijmegen. De 22-jarige student had als tewerkgestelde in Berlijn de geallieerde bombardementen meegemaakt, hij had na de val van het nazi-bewind door de kapotte stad gedwaald, was ternauwernood aan een Russische kogel ontsnapt en dankzij hulp van een Duitse prostituee niet van uitputting omgekomen. Vanuit een kamp voor ontheemden bereikte hij Nederland, en nadat hij in Enschede was ondervraagd om te achterhalen of hij wellicht vrijwillig had gekozen voor de Arbeitseinsatz kon hij eindelijk naar huis. Maar opeens zakte de moed hem in de schoenen.

Waarvoor hij terugdeinsde begreep de inmiddels 90-jarige Buruma later zelf niet meer - hij kon het zijn zoon niet uitleggen. Uiteindelijk ging hij toch naar huis en het werd een vreugdevol weerzien met zijn familie. Hij hervatte zijn studie rechten in Utrecht en onderging opnieuw de vernederende riten van de ontgroening. Die had hij in de eerste oorlogsjaren ook al doorstaan, maar dat gebeurde toen illegaal - de Duitse bezetter had het verboden - en daarom vond het Utrechtse studentencorps het goed om alles nog eens over te doen.

De jonge Ian Buruma hoorde zijn vader met verbijstering aan. Hoe was het mogelijk dat instituten van de gevestigde orde, zoals het studentencorps, na vijf verschrikkelijke oorlogsjaren verdergingen alsof er niets was gebeurd?

"Vanaf dat ik vrij klein was, heb ik uitvoerig alles gehoord wat mijn vader zich kon herinneren over zijn ervaringen in de oorlog. Net als veel mensen van mijn generatie was ik geïnteresseerd in die verhalen. Wij hebben zelf het geluk gehad dat we in vrijheid zijn opgegroeid, dat we dat drama niet hebben meegemaakt, dat we nooit zijn getest door een oorlog."

Het verhaal van zijn vader fascineerde hem zodanig, dat hij het tientallen jaren later besloot te gebruiken voor zijn nieuwste boek. Wat zijn vader in de Tweede Wereldoorlog had meegemaakt was weliswaar niet uitzonderlijk, maar het liet zien wat een oorlog met mensen kan doen. '1945, biografie van een jaar' kwam begin oktober uit in Nederland. In de proloog schrijft Buruma: 'Er zijn veel ergere verhalen, maar het zijne was erg genoeg'.

Buruma had allang begrepen dat het verhaal van zijn vader niet op zichzelf stond. Hij kende tal van vergelijkbare verhalen uit romans, films, brieven en memoires, genoeg om een beeld te schetsen van 1945 als keerpunt in de geschiedenis. Het 'jaar nul', dat werd gekenmerkt door wreedheid en wraak, maar ook door nieuw idealisme en bevlogenheid.

Hij liet zijn vader het boek als eerste lezen. "Ik geloof dat hij het mooi vond. Hij was blij dat zijn verhaal is vastgelegd, dat het niet verdwijnt als hij er straks niet meer is. Achteraf begreep hij mijn verbijstering over die nieuwe ontgroening wel, maar toen was de samenleving veel conservatiever, het was een poging tot herstel van de oude orde."

Morele paniek
Hoewel over de Tweede Wereldoorlog veel boeken en films zijn gemaakt - "Nederland is vredig en welvarend en dus is er weinig drama, vandaar misschien dat de obsessie met de oorlog er veel groter is dan in andere landen, het is het grote drama" - viel het Buruma op dat 1945 doorgaans alleen als bevrijdingsjaar wordt gememoreerd. "De meeste mensen, zeker in Nederland, denken bij 1945 alleen aan dansen op straat. Niet aan de morele paniek die veel mannen overviel toen ze zagen dat hun vrouwen met de Canadezen vreeën, ook niet aan de honger of aan de wraak."

Als redacteur en journalist bij twee internationale tijdschriften en inmiddels hoogleraar democratie, mensenrechten en journalistiek had Buruma oog gekregen voor de ontwrichtende werking van oorlogen. "In Irak, Libië en met name Afghanistan hebben we gezien hoe ernstig de gevolgen van oorlog zijn. Sommige oorlogen zijn misschien noodzakelijk, maar als je lichtzinnig aan een oorlog begint - en dat was zeker het geval in Irak - dan creëer je chaos. Als je een land of maatschappij door oorlog of bezetting uit elkaar trekt en de tegenstellingen vergroot, dan roep je een reactie op van wraak en in het ergste geval een burgeroorlog. Na 1945 gebeurde dat in Griekenland, in Italië scheelde het niet veel en ook in Frankrijk stonden de partijen lijnrecht tegenover elkaar."

Het persoonlijke verhaal bleek voor Buruma een middel om de chaos te beschrijven die een samenleving kan verscheuren. Onderwijl groeide bij hem het begrip voor zijn vaders aarzeling bij zijn terugkeer naar huis. "In Nederland hield de combinatie van koningin Wilhelmina en vadertje Drees het land bij elkaar. Maar veel mensen die terugkeerden uit de kampen of van waar ze te werk waren gesteld, troffen een andere situatie aan dan toen ze vertrokken. Sommigen hadden helemaal geen thuis meer, of het was drastisch veranderd."

Waar veel mensen al moeite hadden met hun persoonlijke omstandigheden leek het bijna ondoenlijk om grip te krijgen op de gewijzigde internationale verhoudingen. "Doordat de Russen zo ver in Europa waren doorgedrongen is in 1945 al de basis gelegd voor de Koude Oorlog. En in Azië begon de strijd om onafhankelijkheid. Ondanks de wrede bezetting had de Japanse leus 'Azië voor de Aziaten' veel Aziaten geraakt. In de ogen van westerse machthebbers heulden deze vrijheidsstrijders met de Japanse bezetters. Uitgerekend onder premier Drees namen oud-verzetsstrijders het in Nederlands-Indië op tegen de onafhankelijkheidsstrijders. In Algerije, toen nog in Frans bezit, ging het precies zo."

Maar niet alles was kommer en kwel. Het einde van de oorlog bood ook volop kansen om aan een nieuwe wereldorde te bouwen, met meer vrijheid en gelijkwaardigheid en bruisend van de idealen. "Er was een hang naar iets nieuws. In de eerste naoorlogse jaren voerde links de boventoon, ook in Amerika."

Met spijt stelt Buruma vast dat daarvan na 68 jaar niet veel meer over is. "In de vlaag van idealisme uit 1945 is de basis gelegd voor de Verenigde Naties, de Europese Unie, de voorbeeldfunctie van de Amerikaanse democratie. Die ontwikkeling loopt min of meer door tot nu, al is er wel een knak in gekomen. De sociaal-democratie is door Thatcher en Reagan nog net niet aan flarden geschoten, de leidende rol van de Amerikanen staat onder druk, de VN zijn niet de alternatieve wereldregering geworden waarop sommigen hadden gehoopt."

Ook het enthousiasme en de bevlogenheid lijken verdwenen. "De wanorde en chaos van de oorlog scheppen nieuwe kansen, het moet allemaal beter. Maar dat is niet vol te houden. Dergelijke ontwikkelingen komen en gaan in golven. Het politieke enthousiasme van de jaren zestig, toen ik opgroeide, had een duidelijke band met de oorlog. Jongeren, zeker in Duitsland en Japan, wilden goedmaken wat hun ouders fout hadden gedaan, of waar hun ouders de andere kant hadden opgekeken, geen verzet hadden gepleegd, zoals in Nederland. Van dat protest is te weinig overgebleven. Mensen klampen zich vast aan wat ze hebben, dat heeft ook te maken met de economische crisis, maar ik mis de bevlogenheid, ik zie nu te weinig idealisme om de wereld te verbeteren. Ik vind niet dat we in een positief klimaat leven, er is geen reden tot groot optimisme."

Nee, somberen wil Buruma niet. Hij heeft als hoogleraar in New York een prachtig leven: "In mijn colleges doe ik waar ik zin in heb". Dus hij gaat geen anderen de schuld geven van het gebrek aan elan.

Rechtvaardige oorlog
"Als individuele burger kun je natuurlijk heel weinig, maar in een democratie word je wel geacht om mee te denken als het gaat om politieke vraagstukken. Dat is wat moeilijk in het geval van de Verenigde Staten: ik ben geen Amerikaan dus ik heb geen directe invloed. Maar ik kan wel deelnemen aan het publieke debat, zoals ten tijde van de keuze voor een inval in Irak, door de regering Bush. Ik was daar toen al erg sceptisch over. Een militaire interventie is zelden een oplossing voor de problemen van een land. Het is niet zo moeilijk om nu het regime van Assad in Syrië op te rollen, maar wat dan? De Tweede Wereldoorlog is een van de zeldzame gevallen waarin het absoluut noodzakelijk was om in te grijpen. Maar een rechtvaardige oorlog zorgt nog niet voor een evenwichtige samenleving met vrede en vrijheid."

"Die moet komen van iedereen die serieus nadenkt en zich bezighoudt met politieke vraagstukken, van u en mij, schrijvers en journalisten, gewone burgers. Wij moeten de politiek aansturen. Ik vind dat in de politiek een zeker idealisme moet bestaan, anders is het alleen een vorm van management. En politiek moet meer zijn dan dat. Het is heel belangrijk dat mensen nadenken over hoe de wereld in elkaar zit en hoe we haar kunnen verbeteren. Vanuit conservatief oogpunt gaat het vooral om het vasthouden aan dingen die er al zijn. Daar moeten andere standpunten tegenover staan van hoe het misschien ook anders kan."

"De crisis in de democratie is misschien wel groter dan de crisis in de economie. Mensen hebben steeds minder vertrouwen in de instituten en in het politieke bedrijf. Steeds meer mensen hebben het idee: 'het maakt toch niks uit'. Dan krijg je een gebrek aan vertrouwen in de democratie zelf en dan gaan mensen snel denken in termen als 'er is een sterke leider nodig', iemand die de rommel opruimt."

"Ik ben geen ziener, ik heb geen idee wat er verder gebeurt, hoe de toekomst eruit ziet. Maar dat je serieus moet blijven nadenken over misstanden en hoe die moeten worden opgelost, dat is een wezenlijk onderdeel van de politiek die elke burger aangaat."

Maar ja, een Buruma is geen Obama. Politiek meedenken is één ding, politiek meedoen is wat anders, zover is hij nooit gegaan. "In mijn studententijd was ik geen revolutionair, geen socialist, ik voel geen nostalgie naar het marxisme of maoïsme." Nu nog gaan deelnemen is dan ook geen aanlokkelijke gedachte voor iemand met een van nature Engelse gereserveerdheid. De gaven van de retoriek, de manier waarop zijn grootvader preekte en zijn vader een betoog kon houden, gebruikt hij veel liever om te schrijven. Hij is nu eenmaal meer een beschouwende schrijver dan een activist. Niet voor niets haalde de Prins der Nederlanden behalve zijn betrokkenheid ook zijn distantie aan, toen hij hem vijf jaar geleden de Erasmusprijs uitreikte.

"Om te schrijven moet je een zekere afstand in acht nemen. Zelfs in de kunst is afstand nodig. Iemand die een roman schrijft op basis van eigen ervaringen heeft de omzetting naar fictie nodig, anders is het alleen maar een onverwerkte herinnering. Je kunt niet volstaan met alleen het uiten van je emoties. Ik denk dat dit past bij mijn temperament. Ik ben geen activist, ik denk dat schrijven en activisme niet goed samengaan. Dat ik meer een beschouwer ben komt waarschijnlijk ook doordat ik ben opgegroeid als kind van een Nederlandse vader en een Engelse moeder. Op school was ik veel uitzonderlijker dan nu het geval zou zijn. Daar is mijn gevoel voor verschil, mijn belangstelling voor wat vreemd is waarschijnlijk al ontstaan. Ik voelde me anders dan andere kinderen. Tegenwoordig gaat dat voor zoveel kinderen op. Mijn dochter heeft een Japanse moeder, ze wordt tweetalig opgevoed en gaat hier in New York naar een Franse school. Ze is pas 6, dus ik weet niet welke invloed dit uiteindelijk op haar heeft, maar zij leeft in een tijd en een stad waarin dit niet uitzonderlijk is."

Grote wijde wereld
"Ik was nieuwsgierig, ging al in 1975 vanuit Amsterdam naar Japan. Ik studeerde Chinees in Leiden en Japanse film in Tokio. Vervolgens werd ik redacteur in Hongkong, daarna in Londen, en inmiddels woon ik al acht jaar in New York. Ach, het is een grote wijde wereld. Zoveel jongeren die zijn opgegroeid in een klein dorp trekken naar de stad. Ik denk dat de stap die mijn grootvader heeft gemaakt door te verhuizen vanuit een dorpje in Friesland via Amsterdam naar Nijmegen, waar hij predikant werd, veel groter is dan die van mij."

"Dat ik in het Engels schrijf is misschien wel de voornaamste reden om in New York te blijven. Ik denk met grote genegenheid terug aan plekken waar ik heb gewoond en ik bezoek graag vrienden en familie in Nederland. Ik heb nooit anders dan een Nederlands paspoort gehad, maar het zou me te weinig boeien om over Nederlandse onderwerpen te schrijven. En ik zou het moeilijk vinden om in mijn vaderstaal te leven en in mijn moederstaal te schrijven. Dat lijkt me lastig."

'1945' is eerst in de VS verschenen, net als zijn eerdere boeken. Natuurlijk. Zo'n boek in het Nederlands schrijven en daarna vertalen is pervers. Hij heeft dan wel volledig in Nederland onderwijs genoten, zijn Engels is inmiddels beter dan zijn Nederlands. En het onderwerp van zijn boeken, handelend in Europa, Amerika en Azië, vraagt om een universele taal, hij beschrijft universele geschiedenis. "Het zou anders zijn als ik een roman over het Den Haag van mijn jeugd zou schrijven."

Wie is Ian Buruma?
Ian Buruma, geboren op 28 december 1951, groeide op in Den Haag als zoon van een Nederlandse vader (jurist S.L. Buruma) en een Britse moeder (zus van filmregisseur John Schlesinger). Hij studeerde Chinese literatuur en geschiedenis aan de Universiteit Leiden en Japanse film in Tokio.

De Rijksuniversiteit Groningen verleende hem in 2004 een eredoctoraat in de theologie.

In 2008 bezette hij de Cleveringaleerstoel aan de Universiteit Leiden.

In datzelfde jaar ontving hij in Rotterdam de Erasmusprijs.

Hij werkte als documentairemaker en fotograaf in Japan, was redacteur van The Far Eastern Economic Review in Hongkong en van The Spectator in Londen en voorzitter van het Humanistisch Centrum aan de Universiteit van Centraal-Europa in Boedapest. Tien jaar geleden werd hij aangesteld als hoogleraar democratie, mensenrechten en journalistiek aan het Bard College in New York. Daarnaast is hij lid van The Einstein Forum in Potsdam.

Ian Buruma schreef zestien boeken over uiteenlopende onderwerpen als Japanse kunst, de verliezers van de Tweede Wereldoorlog, de verhoudingen tussen Oost en West, de Japanse economie en de moord op Theo van Gogh.

Deel dit artikel