Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

’Ik zie er steeds meer de waarde van in’

Home

Edo Sturm

Oud-winnaar van Milaan-Sanremo Arie den Hartog ziet dit jaar geen Nederlander de openingsklassieker winnen. „Iedereen wil hier zegevieren en zijn seizoen meteen laten slagen.”

Arie den Hartog sloft het kleine kantoortje uit van zijn Limburgse fietsenzaak. Om de hoek, boven de kassa, plukt hij een weggemoffeld fotolijstje van een schap. De licht vergeelde foto („ergens halverwege de jaren zestig, schat ik”) heeft de tand des tijds redelijk doorstaan. Een jonge coureur met helblonde haren kijkt zielsgelukkig de camera in.

„Het is de enige foto uit mijn hele wielercarrière die in de zaak hangt. Oh nee, toch niet”, schiet de 68-jarige oud-winnaar van Milaan-Sanremo te binnen. „Daar, boven de deur, hangt een foto van mijn zege in 1965.” Den Hartog steekt op de aankomstlijn op de Via Rome in San Remo zijn beide handen de lucht in. Op de achtergrond berust de Italiaan Vittorio Adorni in het verlies. Op de jonge Hollander stond die zaterdag 19 maart in ’65 geen maat.

De omstandigheden waren die ochtend, op de kop af 45 jaar geleden, niet uitnodigend. Het miezerde en het was mistig bij de start in Milaan. Dat ’donderde’ Den Hartog nog het minst. Hem zat iets anders dwars. „Ik had vooraf wat zenuwen voor deze koers”, herinnert hij zich. Hij was pas tweedejaars professional. Weliswaar had hij een jaar eerder Parijs-Camembert en de Ronde van Luxemburg gewonnen, Milaan-Sanremo stond velen malen hoger aangeschreven. Er was geen renner die La Primavera niet wou winnen.

Den Hartogs voorgevoel bleek niet ongegrond. „Die gekke Italianen vlogen er vanaf het begin als raketten in. Iedere plaats waar wij doorheen kwamen, had zijn eigen favoriet. En zij wilden allemaal als eerst hun eigen dorp inrijden.” Het peloton had zijn handen vol aan het terughalen van de ’knettergekke Italianen’ die dag. Het kostte kracht. Telkens moesten de coureurs vragen of er nog vluchters vooruit reden. „Ik hield niet van dat gefriemel. Half koers sloeg bij mij de twijfel toe”, bekent Den Hartog. Het waren zijn ploeggenoten onder wie kopman Jacques Anquetil die op hem inspraken en hem er zo van weerhielden vroegtijdig af te stappen.

Onder impuls van de ploeg van de Belg Rik van Looy werden de ontsnapten één voor één teruggepakt. Den Hartogs vertrouwen groeide met elke inhaalslag. „Uiteindelijk voelde ik me supersterk. Het is opmerkelijk dat je zelfvertrouwen van kleine zaken afhankelijk kan zijn. Enfin, toen de Italianen Balmamion en Adorni wegslopen, ben ik er achtaan gegaan.” Op achttien kilometer voor San Remo haalt de Nederlander de twee bij. Wat zich dan ontspint op de fiets, sterkt Den Hartog nog meer. „Ze wilden een deal sluiten. Op dat moment dacht ik: Ze zijn onzeker, ik ga hier winnen.” De geboren Zuid-Hollander was in zijn beste dagen zeker niet de snelste in het peloton, maar waande zich die zaterdag in maart onoverwinnelijk. Zijn gevoel bedroog hem niet.

Den Hartog is met Jan Raas in 1977 en acht jaar later Hennie Kuiper, de enige Nederlander die als eerste de streep passeerde op de Via Roma. Een bijzonder klein maar aansprekend gezelschap, zegt Den Hartog. „Vroeger deed het mij niet veel. Maar naarmate ik ouder word, ga ik er steeds meer de waarde van inzien.” De meesterknecht en alleskunner wordt nog weinig herinnerd aan zijn palmares. In 1967 won hij de Amstel Gold Race. Het jaar erop hielp hij Jan Janssen aan het geel in de Tour de France, en in 1970 pakte hij de bergtrui in de Ronde van Zwitserland. „Ik ga zelden naar de koers. Het ontbreekt mij vaak aan tijd. En wat heb ik daar te zoeken?”

Omkijken en mijmeren over het verleden doet Den Hartog zelden. Bijna al zijn trofeeën en truitjes liggen opgeslagen in een doos op de vliering thuis. „Ik hou er niet van om het wielrennen van toen te romantiseren. Weet je dat ik voor mijn overwinning in Milaan-Sanremo 600 gulden kreeg? Dat lijkt veel. Maar een paar dagen later vloog ik naar het Criterium International. Dat kostte mij 275 gulden. Nee, die winstpremies van toen stelden niets voor.” Ter vergelijking: De winnaar van vorig jaar, de Brit Mark Cavendish, mocht 20.000 euro bijschrijven op zijn rekening.

„Als je die verzorging ziet tegenwoordig. Er komt meteen een auto langsrijden met eten en drinken. Echt waar, wij moesten het jatten in een café onderweg. Felice Gimondi had ooit eens een halve kip in zijn achterzak. Ik hoor hem nog zegen: „Als het warm is, gaat-ie lopen en bergop is-ie bevroren.” Dat is wat er veranderd is. Voor het overige niet zo veel. De renners moeten nog steeds zelf fietsen.”

Vandaag staat in de zaak van de Den Hartog de tv aan. „Tuurlijk ga ik Milaan-Sanremo kijken, mits de werkzaamheden in de zaak dat toelaten. Ik ga er niet voor dicht, als u dat bedoelt.” De Spanjaard Oscar Freire van de Raboploeg zou een mooie winnaar zijn, hoopt Den Hartog. De kans op een vierde Nederlandse overwinning schat hij erg klein. „Er staan meer dan tweehonderd coureurs aan de start die allemaal willen zegevieren. Want winnen in Milaan-Sanremo maakt je wielerseizoen in één klap geslaagd.”

Lees verder na de advertentie
Den Hartog; 'Winnen in Milaan-Sanremo maakt je wielerseizoen in één klap geslaagd.' ( FOTO KOEN VERHEIJDEN)

Deel dit artikel