Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Ik weet dat het nooit meer leuk wordt'

Home

Rob Pietersen

Michel Boerebach verloor vorig jaar juli zijn zoontjes Lesley en Sven bij een auto-ongeluk. Sindsdien probeert de oud-voetballer te overleven. ,,Maar de enige echte Michel is toen ook overleden.''

DEVENTER - Het gesprek zou ook nog over het bekerduel gaan. Go Ahead Eagles stuit vanavond op Roda JC. In Deventer en in Kerkrade beleefde Michel Boerebach mooie tijden. Maar dat was toen.

Het ging nauwelijks over voetbal. Natuurlijk niet. Wie kan er nou mooie herinneringen ophalen als het heden zo akelig echt is. Eigenlijk was alles mooi, tot 22 juli 2003, de dag waarop een haastige automobilist twee jongetjes met toekomstdromen doodreed.

Sindsdien staat de klok voor Boerebach doodstil. De oud-voetballer van de Eagles, Roda JC, PSV, het Spaanse Burgos en Twente, is nu assistent-trainer in Deventer. Vanavond treedt zijn ploeg dus aan tegen Roda. ,,Het is bekervoetbal...'', zegt hij. ,,Dus misschien is er een stuntje mogelijk.''

Het zou mooi zijn voor de club die hem zo onvoorwaardelijk steunt, maar het in de eerste divisie zo bar slecht doet. Maar belangrijk? Voor Boerebach (41) is niets meer belangrijk. ,,Maar zo mag je niet denken. Je mag niet alles stuk relativeren.''

Het ongeluk van ruim een jaar geleden werd veroorzaakt door een 30-jarige man uit Lelystad. Lesley (12) en Sven (9) zaten achter in de auto bij de ex-vrouw van Boerebach en overleefden de aanrijding niet. ,,De haat voor die man... Zou hij weten wat-ie heeft aangericht? Ik heb nooit wat van 'm gehoord. Ik heb er wel eens aan gedacht... Maar wie schiet er wat mee op als ik in de bak zit?''

,,Ik voetbal met ze, maar besef me dat ze er niet meer zijn. In mijn dromen zijn mijn zoontjes dood, maar als ik wakker ben kán en wíl ik het niet geloven. Ik speel verstoppertje. Elke dag weer.''

,,Thuis, alleen op de bank, kan ik mezelf zijn. Mezelf? Nee, toch niet. Ik ben mezelf niet meer. De enige echte Michel Boerebach is op dezelfde dag als zijn zoontjes overleden.''

,,Je houdt jezelf wel eens voor de gek. Drie, vier weken na het ongeluk liep ik hijgend door het bos. Ik voelde me goed, dacht dat ik eroverheen was... We zijn nu vijftien maanden verder en ik zit af en toe nog steeds zo verschrikkelijk diep in de put... Er hoeft maar íets te gebeuren. Jongetjes die op ze lijken, een liedje op de radio. Dan ben ik ineens weer helemaal terug bij af.''

,,Het slijt wel, zeggen ze. Maar ik heb contact met ouders die hun dochter al tien jaar kwijt zijn... Ik heb pas John Bosman nog gesproken. Zijn zoontje overleed drie jaar eerder. Ook hij is elke dag bezig om te 'overleven'. En hij heeft tenminste nog een kind om voor verder te gaan. Dit is de hel. Iets ergers kan ik me niet voorstellen.''

,,Ik praat nu honderd-uit, maar eigenlijk ben ik een binnenvetter. Ik kan niet huilen. De keren dat ik in tranen uitbarstte luchtte dat geweldig op, maar meestal lukt het niet. Ergens van binnen wordt er tegen gevochten. Als ik zo'n liedje hoor en ik krijg een brok in mijn keel, dan gaat de radio uit.''

,,Ik spreek er niet over met mijn vriendin, mijn moeder of mijn broer. Ik kan hun verdriet niet aanzien. Ik durf nog steeds niet naar foto's van de jongens te kijken. Thuis bij mijn moeder staan ze overal. Dan heb ik de neiging ze om te draaien.''

,,Ik heb er vaak over nagedacht, ik ben er dichtbij geweest. In de eerste maanden sliep ik niet en dronk ik veel te veel. Maar ik ben te laf om ermee te stoppen. Ik weet dat het nooit meer leuk wordt, maar ik moet verder. Het klinkt tegenstrijdig, maar voor mijn gevoel zou zelfmoord ook laf zijn.''

,,Ik ben nu tweehonderd procent beter dan een jaar geleden. Nee... Minder slecht. Ik slik geen slaappillen meer, de drank heb ik wat beter onder controle. Ik kan niet elke keer ladderzat op de club verschijnen. Mijn beste uren zijn op het veld, als ik met goeie jonge spelers als Jesse Schotman en Demy de Zeeuw bezig ben. Hun plezier doet me goed.''

,,Ik ben ook trainer van de amateurs van Achilles in Hengelo. Die draad heb ik weer opgepakt. Afgelopen zondag stond ik heel toevallig twee keer te juichen. Ik ben helemaal niet zo'n juicher. Het was mooi... Maar toch eigenlijk ook niet. Ik neem het mezelf ook kwalijk. Wat sta je nou te juichen? Hoe kun je nou nog lachen? Elke keer weer dat schuldgevoel.''

,,Je moet het een plaatsje geven... Dat hoor je steeds weer. Mensen snappen er helemaal niets van. Ze vinden dat het allemaal veel te lang duurt, dat verdriet. Dat maakt me woedend. Dit is de hel. Dit gaat nooit meer over. Mijn ex-vrouw vindt troost in het geloof, ik wou dat ik het kon. Ik word alleen maar bozer als ik aan een eventuele God denk. Als hij bestaat, dan is er iets mis met zijn rechtvaardigheidsgevoel.''

Deel dit artikel