Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Ik voel de kilte, en het doet pijn in elke cel van mijn lijf'

Home

INTERVIEW | ROB PIETERSEN

Oud-vluchtelinge: Overheid verzaakt bij de begeleiding van vluchtelingen

Onverschilligheid is onze grootste vijand, vindt Guity Mohebbi. "Mensen zeggen weleens: 'Wat ben je kritisch. Als Nederland je niet bevalt, ga je toch weg?' Zelfs in mijn eigen vriendenkring krijg ik dat soms grappend te horen. Maar dit land heeft mij zoveel gegeven. Ik ben kritisch uit liefde en uit bezorgdheid over onze saamhorigheid."

Guity Mohebbi (48) vluchtte in 1984 van Iran naar Nederland. "Toen ik hier aankwam, voelde Nederland als een warm bad. Nu sluiten extreem-rechtse mafketels asielzoekers op achter een hek en blijft het ijzingwekkend stil. Wat zegt dit over onze samenleving als we zo met vluchtelingen omgaan? Hoe het maatschappelijke debat over migranten nu wordt gevoerd? Hoe de asielprocedures zijn? Ik voel de kilte, en het doet pijn in elke cel van mijn lichaam", zegt de directeur relatiebeheer bij ProRail die morgen meepraat en meedenkt bij een maatschappelijk congres van VluchtelingenWerk (Slim aan de slag met vluchtelingen) in Amersfoort.

Ze schudt haar hoofd, met vragende, niet begrijpende ogen. Miljoenen mensen kijken naar 'Boer Zoekt Vrouw', het 'Journaal' opent met Badr Hari, daarna komt past de toestand in Syrië aan bod. "Het lijkt alsof we onverschillig zijn geworden voor de rest van de wereld, voor de medemens: 'met mij gaat het goed, de rest boeit me niet'."

"Ik zat pas met collega's te praten over kinderopvang. Mijn dochter is 17, zij keken ervan op dat ik me zo druk maakte. Nou, omdat het straks zo duur is dat de arbeidsparticipatie van vrouwen drastisch daalt. Er is generatieslang hard voor gevochten en nu lijken we dat in een mum van tijd te verkwanselen. Vrijheid van meningsuiting, persvrijheid, vrijheid: dat zijn verworvenheden en waarden waarvoor we moeten vechten. Samen vormen wij een samenleving. Die samenleving is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid."

"Ik heb twee oorlogen meegemaakt, en een dictatoriaal regime. Ik weet waarom we vrijheden moeten koesteren. Vorige week was de dag van protest tegen de bezuinigingen in Europa. Ik zag beelden uit heel Europa. Behalve Nederland. Is dat een teken dat we het hier zo goed voor elkaar hebben? Er wordt hier dagelijks gemopperd. Maar we hebben het dan vooral over de economische crisis. Wat mij betreft moeten we het als samenleving ook hebben over de morele crisis."

De revolutie in Iran, de opstand tegen de sjah: ze noemt het de mooiste periode uit haar leven. "Mijn moeder huilde wel eens, dat ze bang was haar kinderen te verliezen. Maar ik heb vooral mooie herinneringen aan de saamhorigheid. Alle deuren stonden open. Je kon overal naar binnen, als je op de vlucht was, na een huiszoeking, of na rellen. Die solidariteit. Dat is de wereld waarvan ik droom."

Ze vertelt over de eerste dag na het vertrek van de sjah, de aankomst van Khomeini. "We stonden hem met miljoenen op te wachten. Mijn moeder en ik werden aangesproken door een vrouw: waarom we uit respect voor de ayatollah geen hoofddoek om hadden gedaan? Maar wij stonden daar juist om de vrijheid te vieren."

Van thuis heeft ze haar rechtvaardigheidsgevoel meegekregen: gelijke rechten en plichten, onderwijs en gezondheidszorg voor iedereen. Kortom basisrechten die ieder mens nodig heeft om waardig te kunnen leven. Ze streed ervoor in Iran. Ze moest erdoor vluchten. Alleen.

Voor haar gevoel was Nederland in 1984 beschaafder dan nu. "Misschien dachten mensen toen hetzelfde over buitenlanders en vluchtelingen, maar hadden ze nog het fatsoen het niet uit te spreken. De vrijheid van meningsuiting is een groot goed. Maar dat betekent niet dat je alles mag zeggen. Beschaving is nadenken voor je iets zegt."

"Pas zat ik met mijn dochter aan tafel met een dierenarts. Die vroeg haar: 'Uit welk land zijn jullie geïmporteerd?' Mijn dochter keek mij niet begrijpend aan. Ik dacht: 'We zijn toch geen varkens of koeien?', vertelde dat we allebei gewoon een Nederlands paspoort hebben. 'Dat zegt niks', zei ze. Het Nederlandse paspoort dat voor mij zoveel betekent, zei haar helemaal niets. Het was zó kwetsend."

De overheid trekt zich terug bij de maatschappelijke begeleiding van vluchtelingen, Mohebbi vindt het onbegrijpelijk. "Vluchtelingen moeten bijvoorbeeld hun eigen inburgering gaan betalen. Maar één op de drie vluchtelingenhuishoudens leeft op een minimumniveau van hoogstens 10.000 euro per jaar. Dan is het toch een keuze tussen een boterham voor je kinderen of taalles?"

"Er wordt me weleens gevraagd waar ik de energie vandaan haal om zo maatschappelijk actief en betrokken te zijn. Ik heb het gevoel dat ik vijf jaar moet inhalen. Ik heb een aantal jaren stilgestaan in mijn ontwikkeling, als nieuweling in een onbekend land, die de weg niet weet en de taal niet kent. Je moet weer leren kruipen, alles opnieuw ontdekken. Het is zeer teleurstellend dat de overheid haar rol en verantwoordelijkheid niet meer neemt. Gelukkig ben ik onderweg veel mooie mensen tegengekomen. En ze zijn er nog steeds, neem al die vrijwilligers van VluchtelingenWerk."

Deel dit artikel