Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Hoi, jong...', en dat was het

Home

Joop Bouma

Trushka Oldenbroek wil rust. Maar ze zal die pas vinden als de dood van haar kind is opgehelderd. Daarom neemt ze haar toevlucht tot een ongewoon rechtsmiddel: ze spant een getuigenverhoor aan tegen politie en justitie.

Ze had op de avond van zijn verdwijning al een onbestemd onrustig gevoel, zegt ze. ,,Tom zei tegen mij: 'Mam, ik ga nog even naar de jeugdsoos in Parrega'.”

,,Ik had het al zien aankomen, hij was zijn Nikes aan het oppoetsen en hij deed aftershave op. Mijn hart zei: blijf alsjeblieft thuis, Tom. Maar dat zeg je als moeder niet tegen je zoon van 17. Om halftien zei hij: 'Ik ga, mam, en hij fietste het erf af'. Ik riep: 'Hoi, jong...', en dat was het.”

Tom Oldenbroek kwam die nacht niet thuis. Het werd drie uur, vier uur, vijf uur. Zijn moeder was de hele nacht wakker gebleven. ,,Ik wilde 'm thuis zien komen. Tegen vijf uur hield ik het niet meer, toen heb ik hem op z'n mobieltje gebeld. Ik kreeg zijn voicemail. Dan wil je je groot houden, dus ik zei zoiets als: Tom, als jij morgen thuis komt, of overmorgen, of volgende week of volgende maand, wil jij dan de beesten even voeren?” Achteraf denkt Trushka Oldenbroek dat dit telefoontje ongeveer op het moment moet zijn geweest dat Tom die nacht voor het laatst in leven is gezien.

Rond halfzes kwam een bekende van Tom zijn jas brengen. Die was blijven hangen in de disco in Schraard.

,,Moet ik mij ongerust maken?”, vroeg ik aan die jongen. ,,'Dat weet ik niet', zei hij. En toen wist ik: het is afgelopen, ik zie Tom nooit meer levend terug.” In de ochtenduren is ze gaan bellen met de politie in Bolsward. ,,Maar ja, het komt wel vaker voor dat iemand niet thuis komt. Ik moest me maar niet al te veel zorgen maken, zei de agent.”

De volgende dag werd in het tv-programma van Omrop Fryslân een foto van Tom getoond en een opsporingsbericht geplaatst. ,,Ik ben gaan bellen, bellen, bellen, ik heb in dubieuze circuits gesnuffeld. Op woensdag, de vierde dag na zijn verdwijning, kwam de politie hier met een schoen. Die hadden ze in een weiland bij Schraard gevonden. De dag erna kwamen ze met een rechterschoen, die driehonderd meter verderop was gevonden. Maar geen spoor van Tom.”

Ze is die dag ook zelf gaan zoeken in Schraard. ,,Ik zag een brandweerwagen rijden en daar ben ik achteraan gegaan. Ze reden een erf op waar allemaal politiemensen, mannen met honden en duikers in de weer waren. Ze hadden me eerst niet eens in de gaten. Ik zei: 'Zoeken jullie die jongen?'

'Ja', antwoordde een agent, 'en wie bent u?' Ik zei: 'Ik ben zijn moeder'. Ze vroegen me of ik op afstand wilde blijven. Ik heb daar uren op een gierput gestaan en gekeken wat ze in het weiland aan het doen waren. Ik kon ze horen lachen en joelen, die mannen doen gewoon hun werk. Pas toen het donker werd en de laatste was vertrokken, ben ik ook gegaan. Uiteindelijk is hij daar vlakbij ook gevonden, de volgende dag.”

Die avond moest ze Tom identificeren. ,,Hij zag er zo gezond uit. Een mooie kleur had ie. Niet lijkwit of zo, heel gewoon, haast blozend. Ik zag meteen dat zijn oorring weg was. Hij had een keer het plan geopperd dat we bij gevaar als teken een oorring zouden afdoen. Zodat we van elkaar zouden weten dat als er iets was gebeurd, er geen sprake was van een ongeluk.”

Er was een reden voor die merkwaardige afspraak, legt Trushka Oldenbroek uit. Ze zegt dat zij en Tom zo'n tien jaar lang zijn gestalkt door een familielid, die kennelijk vond dat de moeder haar zoon niet goed verzorgde. ,,Hij heeft op allerlei manieren geprobeerd Tom van mij los te weken. Hij heeft er jaren aan gewerkt dat ik dat kind zou kwijtraken. Hij heeft me verkapte dreigbrieven geschreven, druk uitgeoefend op de leiding van de scholen waarop Tom zat. Hij wilde een wig drijven tussen mij en mijn kind.”

Eind 1999, twee maanden voor de dood van Tom, besloot ze het openbaar ministerie in Leeuwarden op de hoogte te stellen van de familieproblemen. Ze schreef in een brief dat zij en haar zoon zich niet langer veilig voelden en verzocht justitie om een onderzoek in te stellen. De officier van justitie antwoordde dat haar brief onvoldoende aanknopingspunten bevatte voor een strafrechtelijk onderzoek. Op 3 februari 2000, twee weken voordat Tom overleed, belde ze de officier nog eens op. Maar justitie kon niets voor haar doen.

Drie dagen nadat Tom was gevonden, is er in het Nederlands Forensisch Instituut in Rijswijk sectie verricht op het lichaam. Er werden 'geringe huidletsels' aangetroffen, maar die bevindingen waren voor justitie geen reden voor een nader onderzoek. ,,Nog belangrijker was dat er geen water in zijn longen is aangetroffen en ook geen micro-organismen die vrij snel in het lichaam binnendringen als dat in het water ligt.”

Een toxicoloog vond in het bloed een zeer hoge concentratie van een medicijn dat Tom slikte, om zijn stemmingswisselingen te onderdrukken. Het zou om twaalf tot twintig tabletten zijn gegaan. En dat was vreemd, die grote hoeveelheid. ,,Tom vergat die pillen telkens in te nemen. Hij moest er twee per dag slikken. Omdat hij het telkens vergat ben ik er voor gaan zorgen dat hij 's ochtends en 's avonds zo'n pil nam. Ik bleef er dan bij staan, zodat ik ook zag dat hij 'm doorslikte. Hij kan nooit zo'n grote hoeveelheid van die pillen hebben verzameld, dat had ik gemerkt.”

Het is maar één van de vele vragen waarop volgens Oldenbroek geen deugdelijk antwoord is gekomen. ,,Er is op de plek waar Tom is gevonden geen technisch onderzoek gedaan. Ze hebben niet naar sporen gezocht. Het is toch raar dat zijn schoenen driehonderd meter uit elkaar lagen en dat hijzelf nog een eind verderop werd gevonden. Dat wijst er toch op dat Tom kennelijk in blinde paniek voor iets is weggerend?”

Bij de politie en het openbaar ministerie werd haar uiteindelijk dringend te verstaan gegeven dat ze moest stoppen met haar bemoeienis. ,,Ik moest ophouden ze lastig te vallen. Ze wilden dat ik verder mijn mond hield. Ze vonden mij gewoon vervelend. Maar het enige wat ik wil is een behoorlijk onderzoek en daar blijf ik voor knokken.” Op een tafeltje staat een foto van Tom in een lijstje, maar er hangt een kleedje overheen. ,,Op die manier probeer ik de rauwe werkelijkheid tot mij door te laten dringen, dat hij hier lichamelijk niet meer is. Het went nooit. Je kunt het verlies van je kind niet verwerken. Het houdt nooit op.”

Trushka Oldenbroek vertelt over de dag van de begrafenis. ,,Een garagebedrijf heeft kosteloos zo'n grote Amerikaanse pickup-truck met een V8motor ter beschikking gesteld. Daar hebben we 'm achterin gelegd. Je kunt zo'n jongen toch niet in zo'n lelijke begrafenisauto douwen? We zijn hier vertrokken met vuurwerk en keiharde housemuziek. Ik had Tom in een mooi, oranjegeel laken gewikkeld. Mijn buurvrouw heeft geholpen. Zo zijn we in optocht naar de begraafplaats in Koudum gereden. De politie hield de kruispunten vrij. En toen we passeerden salueerden ze naar Tom. Dat was wel mooi. Bij het graf heb ik meditatiemuziek gedraaid. Al die mensen hebben daar drie kwartier lang, want zo lang duurde die cd, roerloos gestaan. Toen heb ik het graf helemaal volgeschept. Ik heb geschept, geschept, geschept en geschept. Helemaal dicht.”

Deel dit artikel