Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Het komt terwijl ik leef'

Home

JOOST VAN VELZEN

interview | Dichteres Anne Broeksma debuteerde onlangs met haar bundel 'regen kosmos kamerplant'. Haar poëzie is aangenaam ontregelend, door de spanning tussen levende en dode dingen.

Talent is noodzakelijk, natuurlijk, maar goed je best doen helpt zeker, als je wilt debuteren met een dichtbundel. Anne Broeksma (Almelo, 1987) schreef haar eerste gedicht al op haar achtste, over een vogel in een kooitje die naar de ondergaande zon keek en ernaartoe wilde vliegen. Toen ze Nederlandse literatuur ging studeren in Utrecht, kwam ze automatisch in het circuit van poetry slams en literaire avonden terecht. Gedichten schrijven bleef ze doen. In 2011 drong ze door tot de finale van de landelijke schrijfwedstrijd Write Now!, waar ze lovende kritiek kreeg van het door Broeksma bewonderde jurylid, de dichteres Delphine Lecompte. "Zij heeft mij echt een zetje gegeven. Het zetje van het geloof in een eigen bundel."

Die bundel ligt er nu en heet 'regen kosmos kamerplant'.

Je gedichten gaan vaak over de spanning tussen dode en levende dingen. Wat fascineert je daar aan?

"Ik heb de neiging aan dode dingen een persoonlijkheid toe te kennen. In het gedicht 'Etalage' gaat het bijvoorbeeld over een muis achter een winkelruit die met een cadeautje aan een touw naar beneden zakt en snel weer opstijgt. Zonder het cadeautje af te geven. Dat herhaalt zich steeds. Op een of andere manier ontroert me dat dan toch, ondanks dat het een zwakke, eentonige nabootsing is van het echte leven. Of misschien wel juist daardoor."

"Ons leven is net zo goed verweven met dingen, met voorwerpen, als met andere mensen. Toch kennen we dingen veel minder waarde toe. We hechten ook minder aan spullen omdat we ze zo snel vervangen. En doordat we de oorsprong van dingen vaak niet meer weten. Maar ook de andere kant vind ik interessant. In veel van mijn gedichten verworden mensen tot dieren of zelfs tot een soort robots. Dan is het dus andersom. Het primaire in mensen zien en het persoonlijke in dingen, dat is het geloof ik."

"Of grote groepen mensen zien als organismen, ook zoiets. Een mensenmassa is een hecht geheel waarbij de ongeschreven regel is dat je geen contact met elkaar zoekt. Ik zoek daarin naar het onvoorspelbare. In het gedicht 'Station' komt er een kalf het perron op rennen. De onbeholpenheid van dat kalf weerspiegelt de onbeholpenheid van de mens. Omdat mensen niet goed weten wat ze met die situatie aan moeten."

Er klinkt ook biologie door in je poëzie. Waarom is dat?

"Ik ben graag op zoek naar wetmatigheden in de natuur. De verwondering daarover probeer ik eerst mooi te formuleren, om dat mooie vervolgens voor een deel weer af te breken. Want ik wil niet bij de verwondering blijven, ik wil verder op zoek naar de betekenis erachter. En het dan neerzetten in een context waar het niet thuis hoort. Om het uit te lichten. Je hebt van die mooie, precies kloppende gedichten, waarin bijvoorbeeld de natuur op een subtiele, romantische wijze wordt beschreven. Maar dat trekt mij toch niet. Omdat de beelden die worden beschreven al van ons allemaal zijn. Ze vertellen mij te weinig over de binnenwereld van de schrijver."

Voel je aan wanneer een situatie of gedachtegang een gedicht dreigt te worden?

"Eigenlijk wel. Ik bedenk een beeld, ik neem iets waar terwijl ik ergens naar op weg ben, een gelezen boek, een film die ik heb gezien - het kan van alles zijn. In ieder geval een beeld dat ik graag wil onderzoeken. Het komt terwijl ik leef."

Je werkt bij Greenpeace. Sluit dat goed aan bij het dichterschap?

"Dat onderzoekende heb je ook wel bij Greenpeace. Kijken naar het grote geheel. Greenpeace werkt, denk ik, rationeler dan veel mensen denken. In de campagnes wordt gekeken naar hele ecosystemen en naar duurzame oplossingen en niet alleen naar knuffelbare diersoorten. Dat spreekt me wel aan.

"Van dichten kun je niet leven, al heb ik de laatste tijd veel optredens. Dat is een mooie aanvulling. Wat je aan papieren verkoop mist, compenseer je in de poëzie met optredens. Maar dat klinkt wel erg commercieel wat ik nu zeg. Poëzie blijft een niche, het is een klein wereldje. Sommige mensen vinden dat benauwend, maar het heeft ook wel iets. Er zijn veel meer mensen die gedichten schrijven dan lezen of kopen. Wie gaat er daadwerkelijk naar een literaire boekhandel om een bundel te kopen? Gek genre, eigenlijk: poëzie schrijven is voor veel mensen gewoon, maar in de boekenwereld een klein onderdeel. Een extraatje."

Etalage

mensen lopen voorbij in dikke vachten

en ik wil ze stuk

voor stuk vangen, er prikkers van maken

feestelijke vlaggetjes

voor mijn tijdbalk, mijn wereldbol

in de etalage van een winkel zakt een muis

aan een touw langzaam op een muis in een jurkje

hij geeft zijn cadeautje niet af en stijgt snel weer op

waarna de scène zich herhaalt

ik blijf staan op de tegels

en leg mijn handschoen op de ruit

waarachter het kinetisch zombiedier

traag langs vaste lijnen leeft

neergeslagen, opgetuigd

(Uit 'regen kosmos kamerplant'.

Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam.

56 bladzijden. Prijs: euro17,99)

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie