Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

‘Het draaide altijd weer uit op seks’

home

Ally Smid

Annemarie Oster © Bodine Koopmans
Interview

Ach nee, die sixties... Schrijfster en actrice Annemarie Oster vindt haar leven nu een stuk prettiger. ‘Alles mocht, maar het moest ook.’

In een tijd waarin de meeste Nederlandse jongeren later met seks beginnen, ze langer thuis blijven wonen en ook matig roken en drinken, vergeet je soms dat het er een halve eeuw geleden anders en vooral een stuk lichtzinniger aan toeging. Het hippere deel van de jeugd experimenteerde dat het een aard had, de liefde bedrijven deed je ongeveer even vaak als een maaltijd nuttigen en vreemdgaan was gewoon.

Lees verder na de advertentie

Schrijfster en actrice Annemarie Oster heeft zo haar eigen herinneringen aan de jarenlange Summer of Love. We spreken af in het gebouw van het oude Filmmuseum in het Amsterdamse Vondelpark, vlak bij het Leidseplein, waar zij volwassen werd. Op haar 74ste is ze nog steeds een prachtige verschijning. “We houden het wel luchtig, hè?” luidt de bezorgde waarschuwing vooraf, met de prettige kwinkslag die haar siert.

Oster maakte in de jaren zestig deel uit van de hoofdstedelijke kring van acteurs, schrijvers en wetenschappers. In haar jeugd werd ze naar Gelderse pleeggezinnen en een Zwitserse kostschool gestuurd, wat allemaal niet makkelijk was, maar ze hoefde zich niet af te zetten tegen een burgerlijk milieu, zoals veel van haar leeftijdgenoten. Toch was de verwarring bij haar misschien nog wel groter, omdat haar ouders, toneelgrootheden Ank van der Moer en Guus Oster, zelf voortdurend in opwindende gezelschappen verkeerden. Vooral haar vader wist als charmeur bij uitstek dat het in een ander bed altijd leuker was.

Een overschatte periode, vindt ze, die sixties. Niks gezamenlijkheid of bevrijding. “Voor vrouwen was het vooral vervelend”, benadrukt Oster, die dit voorjaar voor de derde keer in het huwelijk trad, “want alles mocht, maar het moest ook. En ik wilde nou juist vooral dat er van me werd gehouden!”

Gebeurde dat niet dan?

“Nee. Ik was in de twintig, ik was al een paar jaar getrouwd geweest en woonde weer alleen op een zielige tweekameretage met een petroleumkachel. Douchen kon ik twee etages lager bij de huisbazin, na eerst een bierkrat te hebben weggesleept. Ik hoorde nergens bij. Ik had verhoudingen met mannen, maar zonder bevredigend resultaat. Bij de VPRO, waar ik een baantje had als omroepster, vond ik die afvallige protestantse jongens met langer haar dan het mijne kinderachtig en vervelend links. Ik droeg minirokken en werd Anne-mini genoemd en ik kwam soms regelrecht van sociëteit De Kring in Amsterdam, waar we aten en dronken en discussieerden en dansten, om een dominee aan te kondigen.”

Werd u niet blij van die nieuwe muziek, van dat dansen?

“Het dansen wel, ook met leuke zwarte mannen, maar het draaide altijd weer uit op seks. Ik hield van The Beatles, die draaide ik veel, en de musical ‘Hair’, maar ik luisterde vooral naar jazz, ‘The American Songbook’, en Franse chansons. Woodstock, nee zeg. Wally Tax, pff, met mijn halfzusje ging ik naar een concert van The Outsiders ergens in het Gooi, ik vond er niks aan. In 1964 was ik bij het optreden van The Beatles in Blokker, in Noord-Holland, ronduit vreselijk, hoe mooi ik hun muziek ook vond. Die hysterische saamhorigheid... Ach, ik wilde geloof ik ook niet bij een groep horen. Ik was daar met mijn eerste man, socioloog Abram de Swaan, die alles met wetenschappelijke blik beschouwde. Hij was demonstratief links. Trok bij voorkeur arbeideristische kleren aan, van dat spijkergoed. Ik lachte hem uit.

Als ze me al zagen staan, zagen ze me liever liggen. Een deur openhouden, complimenten? Vonden ze ouderwets

We moesten steeds naar een familiehuisje in Schoorl, waar we dan de hele tijd met elkaar naar bed gingen. Op een keer kwam het hoge woord eruit: dat je elkaar ook moest vrijlaten in een relatie. Daar werd ik heel bang van, het voelde heel onveilig. We waren getrouwd omdat we elkaar allebei een keer ontrouw waren geweest, toen kwam hij ineens met een ring aanzetten, we waren 19 en 20. Een kinderhuwelijk.”

Maar u had ook ambitie, u wilde toch net als uw ouders het toneel op?

“Ik ben uit louter fantasieloosheid naar de toneelschool gegaan, die ik niet heb afgemaakt. Ambitieus? Nee, dus. Mijn ouders werkten keihard, maar ik wist niet wat arbeidsethos was. Toen ik op die toneelschool zat, waar ik overigens les kreeg van mijn moeder, moest ik ook nog een paar jaar in psychoanalyse, net als half ‘intellectueel’ Amsterdam toen trouwens. Je moest zo’n Rorschach-test doen, waar ik blijkbaar iets verkeerds in zag. Ik ging met de tram naar de psychiater, want het was lastig fietsen met een kokerrok en stilettohakken. Terwijl ik nu door de stad race.

Ik lag daar maar op die bank en die psychiater was ook nog doof, bleek later. En daarna dood, want hij pleegde zelfmoord. Mijn ouders betaalden ieder een derde van die sessies. Mijn deel betaalde ik met een baantje bij een waterleidingbedrijf. Ik heb natuurlijk wel iets aan die analyse gehad, ja, ik leerde het verdriet uit mijn kindertijd serieus te nemen, het niet te bagatelliseren.

Toch was de allermoeilijkste tijd die tussen mijn 20ste en 30ste, die sixties dus. Terwijl ik er toen op m’n best uitzag. De linkse mannensoort blonk niet uit in charmante omgangsvormen en goede manieren. Als ze me al zagen staan, zagen ze me liever liggen. Een deur openhouden, complimenten? Vonden ze ouderwets.”

Seks, drugs en rock-’n-roll. U hield van geen van drieën, zegt u. ‘Het was makkelijker seks te hebben dan uit te leggen waarom niet’, schreef uw leeftijdgenote, de Britse auteur Jenny Diski. In Engeland was het al niet veel beter.

“Het idee is lekkerder dan het echt doen. Ik speelde voor wildebras, maar God hoorde me snikken. Echt! Ik wilde me meten met de mannen om me heen. Beter zelf promiscue zijn, dan belazerd worden, dacht ik. Als ik me op een bepaalde manier opmaakte had ik sjans, en dacht ik dat ik wat betekende. Maar ik was nooit een onbekommerde flirt.

Ik heb medelijden met de vrouw die ik toen was, en ik voel ook irritatie

Ik ben intussen bang dat mijn man het niet eens is met al deze openhartigheid. Hij waarschuwde me dat ik niet zo uit-de-school-klapperig moest zijn. Het is ook zo lang geleden, ik ben nu bijna iemand anders. Ik heb medelijden met de vrouw die ik toen was en ik voel ook irritatie. Ik heb het er weleens met vriendinnen over die ongeveer hetzelfde leven hebben geleid als ik. Hadden we maar iets structureels gedaan, zeggen we dan. Pas op mijn veertigste ging ik serieus aan het werk.”

U had meer voor uzelf willen opkomen vroeger.

“Ja, en ik heb er ook weleens over gefantaseerd hoe het zou zijn geweest als ik een man was. Dan hadden mijn ouders mij waarschijnlijk met meer respect behandeld. Een zoon laat zich niet zomaar het huis uit sturen. Dan was ik ook niet zo met mijn uiterlijk in de weer geweest. Ik was groter geweest, met langere benen. Ik zou iedere vrouw kunnen krijgen, maar ik had niet het hele vrouwenbestand aan mijn penis geregen.”

Tekst loopt door onder de afbeelding

Annemarie Oster in haar twenties © Archief Oster

Hebt u nooit marihuana gerookt om een beetje te ontspannen?

“Soms, altijd met anderen. Met Ramses Shaffy en Joop Admiraal. Of Reinbert de Leeuw... Dan moesten we ontzettend lachen. En het is ook libidoverhogend. Ik vind het lekker ruiken, ook al hangt het nu in de hele stad. Maar met die geur komen ook de herinneringen weer naar boven. Net als toen ik jaren geleden door Halfweg reed en de geur van die suikerfabriek opsnoof. Iedereen vindt het vies, maar ik hou ervan. Onbewust herinnerde het me aan mijn kindertijd in de oorlog in Den Haag, toen ik hapjes suikerbiet moet hebben gekregen van mijn moeder.

In sociëteit De Kring heeft iemand nog weleens een joint, dan neem ik een trekje. Lekker. Met alcohol, ja. Die drank is wel een probleem van mijn generatie. Ik drink helaas elke dag, soms een paar weken niet, en dan voel ik me wel veel beter. Maar dan begin ik toch weer.”

Jenny Diski schreef ook dat ‘alles mag’ en ‘je eigen ding doen’, iets wat in de jaren zestig begon, onmiskenbaar de weg heeft geplaveid voor de ik-generatie, het doorslaan in individualisme. Herkent u dat?

“Volgens mij heeft het vooral tot het populisme geleid. Je mag alles maar zeggen en laten zien; mensen kennen geen schroom. En die vieze programma’s, vooral op de commerciële televisie, komen er ook uit voort. Op straat lopen dames van boven de zestig in hempjes en met korte broek, terwijl de meesten daar niet voor zijn geëquipeerd. De schaamteloosheid van nu hebben we aan de sixties te danken.”

Nog even over seks. Er zijn toch ook vrouwen die een geweldig libido hebben en er wel van genieten?

“Ja, het schijnt zo. Laatst vertelde een vrouw, iets jonger dan ik, dat ze een vriend van vroeger weer had opgezocht in Parijs, en tijdens het geslachtsverkeer twintig keer was klaargekomen. Ik dacht: misschien schept ze op, maar ik had er ook bewondering voor. Zo’n tien jaar geleden deed ik mee aan het theaterstuk ‘De Vagina Monologen’. De actrice naast mij op het toneel moest dan verschillende soorten orgasmes faken. Hilariteit alom in veel zalen. Ik vond er niks aan. Dat met-z’n-allen-vrouw-zijn werd op den duur stomvervelend.”

Ik heb echt lol in het leven. Ik ben gestopt me tegen het gewone leven te verzetten. Dat helpt ook

Jonge vrouwen van nu zouden zich er ook om generen, maar ze profiteren ook nog steeds van dit soort feministische uitingen, toch?

“Dat is waar. Mijn twee zoons van in de 40 zijn toegewijde huisvaders. Ze houden vooral heel erg van hun kinderen. Maar de boel thuis draaiende houden komt nog steeds vooral op de schouders van hun vrouwen neer. Ik let scherp op de vrouwen om me heen, en ben blindelings op hun hand, zelfs als het die van mijn eigen zoons betreft. Ik zeg er zo weinig mogelijk over, maar dat is lastig voor mij, haha! Of vrouwen van nu een hoger zelfbeeld hebben, weet ik niet... De combinatie carrière/kinderen is nog steeds een probleem, maar hoe zwaar het ook is: geen kinderen hebben lijkt me een schraal bestaan. Ik ben ook heel sentimenteel over mijn kleinkinderen.”

Vijf jaar geleden werd u geridderd door wethouder Andrée van Es, die u een sieraad voor Amsterdam noemde.

“Ja, dat was heel leuk, maar ‘een sieraad’ was weer wat overdreven. Ik beschouw mezelf vooral als iemand met gevoel voor humor. Dat is een van de weinige dingen die ik zeker weet. Mijn zoons zijn ook buitengewoon grappig, dan ben ik toch trots, dan denk ik: dat hebben ze van mij.

Ja, ironie van vrouwen wordt niet altijd gewaardeerd, dat klopt. Mannen denken dat alleen zij diep van binnen Kees de Jongen zijn, maar vrouwen hebben die escapistische fantasieën ook, die dagdromen à la Walter Mitty.”

Uw moeder trouwde drie keer. U ook, was het daarom?

“Ja, ik vind dat wel een leuk idee, ja. Hoe langer ze dood is, hoe meer ik van mijn moeder ga houden. Maar ik trouwde ook om bij de familie van mijn man Arend Jan te willen horen. Anders blijf je zo’n bijzit. Ik heb het idee dat je dan serieuzer wordt genomen. Zijn kleinkinderen noemen mij oma. Mijn grootvader had na oma behalve een papegaai ook een tante Mary, dat vond ik als kind al geen echte oma. Een beetje hoerig was ze. Ik wilde geen tante Mary zijn.

Ik ben nu gelukkig, ik durf ook liever te zijn, eerder was ik dat niet, uit zelfverdediging en angst om gekwetst te worden. Ik heb me nog nooit zo vrij gevoeld. Vrij van schuldgevoel, vrij van gepieker. Ik heb echt lol in het leven. Ik ben gestopt me tegen het gewone leven te verzetten. Dat helpt ook.” 

Annemarie Oster (Scheveningen, 1942) begon als omroepster bij de VPRO en werkte daarna onder andere mee aan het satirische tv-programma ‘Hadimassa’. Ze schreef verschillende boeken en had columns in kranten en tijdschriften. In 2014 en 2015 toerde ze rond met Liesbeth List, twee jaar achter elkaar was ze te zien in een eenakter op de Parade, en afgelopen april trad ze op met eigen liedjes en columns in het Betty Asfalt Complex in Amsterdam. Op 15 april trouwde Oster met advocaat Arend Jan van der Marel.

Lees ook: We zijn allemaal hippies geworden.

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.

Deel dit artikel

Advertentie
Als ze me al zagen staan, zagen ze me liever liggen. Een deur openhouden, complimenten? Vonden ze ouderwets

Ik heb medelijden met de vrouw die ik toen was, en ik voel ook irritatie

Ik heb echt lol in het leven. Ik ben gestopt me tegen het gewone leven te verzetten. Dat helpt ook

Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang tot Trouw.nl.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden

Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.