Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Geef de babyboomer maar weer de schuld'

Home

MARCO VISSCHER

De babyboomgeneratie krijgt ongeveer elke maatschappelijke kwaal in de schoenen geschoven. De Britse sociologe Jennie Bristow neem het voor deze zondebokken op. 'De discussie over babyboomers onthult een diepere angst over vrijheid.'

Babyboomers. Het woord alleen al zet vandaag de poort open naar venijnige kritiek. Want hebben zij het niet helemaal verkeerd gedaan? Zijn zij niet de oorzaak voor de maatschappelijke crisis waarin we ons bevinden. Och, ze hadden het vroeger zo goed, met een baan, een eigen huis en gratis opleiding voor iedereen die wilde, de wildste seks en de beste muziek ooit, plus een vette pensioenregeling, zodat ze lekker twee keer per jaar op een cruisevakantie kunnen of de hele dag golfen. Dat zijn de babyboomers, nietwaar?

Niet waar, meent Jennie Bristow. Het is - hoe kan het ook anders bij zoveel karikaturen - toch echt veel genuanceerder. De 40-jarige Britse sociologe stelt in haar boek, 'Baby Boomers and Generational Conflict', gebaseerd op haar promotieonderzoek aan de universiteit van Kent, dat veel beschuldigingen aan het adres van de babyboomers niet deugen.

Lees verder na de advertentie

Toen u aan uw doctoraal begon, schrijft u, wilde u eigenlijk over generatieconflicten schrijven. Waarom verlegde u uw onderzoek naar de babyboomers?

"Klopt. Ik was eerlijk gezegd niet zo geïnteresseerd in de hele discussie over de babyboomers. Maar tijdens mijn analyse van de vakliteratuur kon ik niet om al die opiniestukken heen, waarin de babyboomers telkens weer opdoken. Mij viel op dat ze verantwoordelijk worden gehouden voor zo ongeveer álle problemen in de samenleving. Ze krijgen de schuld van allerlei economische problemen, zoals de schuldencrisis en het woningtekort, maar ook krijgen ze de schuld van allerlei culturele en ethische problemen, van individualisering en seksualisering tot aan het verval van traditionele familie en beschaafde omgangsvormen."

Dat klinkt als kritiek uit rechtse, conservatieve hoek. Dat is geen dwarsdoorsnede van hoe de samenleving denkt.

"De beschimping van babyboomers komt net zo goed uit linkse hoek. Linkse commentatoren bekritiseren hen voor het feit dat zij ruim zouden hebben geprofiteerd van de verzorgingsstaat, maar te weinig doen voor jongere generaties. Ze zouden banen bezet houden, waardoor er zoveel jeugdwerkloosheid is, en ze houden woningen bezet, waardoor jongeren geen woonruimte meer kunnen vinden. Links betreurt de zware druk die babyboomers zouden leggen op gezondheidskosten, maar ook op het milieu vanwege het consumentisme dat zij in gang hebben gezet. De toon tussen de linkse en rechtse kritiek verschilt misschien, maar het draait allemaal om dezelfde angsten dat we dankzij die verdraaide babyboomers afstevenen op een economische en morele instorting."

Daar zal dan wel iets in zitten, als iedereen het vindt.

"Welnee. Babyboomers zijn niet overal de schuld van. Het is onmogelijk om een hele generatie over één kam te scheren. De beleving en ervaringen van al die mensen zijn onmogelijk hetzelfde. Het lijkt misschien alsof íedereen meedeed aan die seksuele revolutie, maar heel, heel veel mensen hebben er geen zier van gemerkt. Het lijkt misschien alsof íedereen jarenlang op kosten van de staat hoger onderwijs heeft genoten, maar van hen ging in Groot-Brittannië maar 4 procent naar de universiteit. Andere factoren - tot welke klasse je behoort, of je in een dorp of stad woont - zijn veel meer bepalend voor hoe je het leven ervaart dan de generatie waartoe je behoort."

Goed, maar heeft deze generatie als geheel er dan soms geen zootje van gemaakt?

"Er zijn veel misverstanden en mythes over de babyboomers. Het Centre for Policy on Ageing heeft er eens een paar op een rij gezet: ze hebben helemaal geen gouden pensioenen, want veruit de meesten van hen zijn getroffen door de crisis bij de pensioenfondsen. Zelfs de stereotypen kloppen niet: ze gaan niet vaker op een cruisereis dan anderen en ze spelen niet vaker, maar zelfs minder vaak golf dan andere leeftijdsgroepen. Laten we niet vergeten dat veruit de meeste mensen die toevallig behoren tot de babyboomers vandaag gewoon keurig netjes werken, belasting betalen, vrijwilligerswerk doen, voor hun kleinkinderen zorgen en relatief gezond zijn. De werkelijkheid is veel genuanceerder.

"Veel van de aantijgingen zijn volstrekt hysterisch. Heel veel academische studies trekken veel van die beweringen in twijfel. Door een beetje gezond verstand te gebruiken, zien we dat ze niet deugen. Neem het wijdverbreide idee dat de ouderen de banenmarkt op slot zetten, omdat ze voorkomen dat jongere mensen aan het werk komen. Dat is onzin, want

jongeren concurreren doorgaans met jongeren om een baan. En trouwens, door van een oudere een baan af te pakken en werkloos thuis te laten zitten en die baan aan een jongere te geven, maken we de samenleving heus niet welvarender.

"Het is een moderne versie van hetzelfde argument dat werd gebruikt om te voorkomen dat vrouwen op de arbeidsmarkt werden toegelaten, uit vrees dat ze de banen van de mannelijke kostwinners zouden afpakken. Dat is een misverstand. Het is niet zo dat er een vast aantal banen beschikbaar is dat moet worden verdeeld; wij mensen máken werk, wij creëren banen. Dat dit niet voldoende gebeurt, is een serieus probleem, maar het is niet een probleem dat je kunt afschuiven op andere generaties."

Gevraagd naar wie zij ziet als de verpersoonlijking van de babyboomers komt Jennie Bristow op de proppen met Edina en Patsy, de vriendinnen uit de comedyserie Absolutely Fabulous. In deze BBC-sitcom zijn zij de alcoholische, snuivende en promiscue gescheiden vrouwen van middelbare leeftijd die naarstig jong proberen te blijven. "Zij zijn in onze verbeelding de ultieme babyboomers", zegt Bristow. "Oppervlakkig, hedonistisch en verdorven."

En, niet te vergeten: de dames uit Ab Fab worden sterk geassocieerd met de jaren zestig. Dat zijn dé beeldvormende jaren geworden voor een hele generatie, ook al heeft lang niet iedereen er actief aan deelgenomen. Immers, wie is geboren tussen 1946 en 1965 behoort officieel tot de babyboomers. Maar om te behoren tot de groep die heeft meegedaan in de maatschappelijke revolutie van de sixties moet wel direct na de oorlog zijn geboren; daarna zouden ze simpelweg te jong zijn geweest om het bewust mee te krijgen.

Dat is volgens Bristow meteen de valkuil van het denken in termen van generaties: alles wordt teruggebracht tot een afgebakende periode, waarover we achteraf bepaalde opvattingen hebben. "Hoe we denken over babyboomers", zegt Bristow, "weerspiegelt hoe we vandaag denken over vrijheid."

Wat bedoelt u daarmee?

"De jaren zestig hebben altijd symbool gestaan voor vrijheid. Het was een tijd waarin jonge mensen zich wilden bevrijden en loswurmen uit hiërarchieën en oude, vastgeroeste structuren. In de literatuur had die tijd doorgaans vooral positieve associaties. De sixties waren cool en het was altijd wat sneu voor de mensen die net te jong waren om erbij te zijn.

"Dat beeld is gekanteld. Wat we niet lang geleden nog waardeerden, daar kijken we nu beschaamd op terug. Steeds vaker vragen we ons af of we niet te ver zijn doorgeschoten in die hang naar vrijheid. Als je kijkt naar het opiniecircuit zie je steeds meer mensen - links en rechts, jong en oud - beginnen de jaren zestig te associëren met slechte dingen die zij zien als het resultaat van te veel vrijheid: overmatig drugsgebruik, onverantwoordelijke seks, een economie die is gebouwd op schulden en groei, teveel consumptie, uitputting van de aarde, etcetera. Steeds meer wordt de opheffing van sociale beperkingen en normen gezien als een probleem."

En daar bent u het niet mee eens?

"Inderdaad. Vandaag hebben we een conservatieve kijk op seks, drugs en rock 'n' roll. Natuurlijk is dit alles door de jaren heen geromantiseerd en heus niet alles aan de sixties was zo fantastisch, maar de reactie ertegen wordt meer bepaald door een onderliggende overtuiging dat het verkeerd is om plezier te verwachten, om te genieten van vrijheid en om anders over bepaalde zaken te mogen denken."

U zegt eigenlijk: we moeten een debat voeren over onze toekomst, over de verzorgingsstaat en over vrijheid, maar we laten ons afleiden door telkens over de babyboomers te beginnen.

"Ja, ik denk dat commentatoren en beleidsmakers deze discussie veel te nauw afbakenen. Voor sommige politici komt het wel goed uit dat er in de vorm van babyboomers ineens een makkelijke zondebok te vinden is, want zou houden ze hun eigen rol in complexe maatschappelijke problemen buiten beeld. Het idee dat de uitdagingen van vandaag - en die zijn er genoeg - het gevolg zijn van het gedrag van een vorige generatie weerhoudt ons van een belangrijker debat.

"Wat ik bovendien zorgwekkend vind is dat we hele leeftijdscategorieën zo tegen elkaar opzetten. We serveren een hele generatie af - eentje die nota bene nog volop in het leven staat en dagelijks een bijdrage aan de samenleving levert."

Hoe kunnen we voorkomen dat het generatieconflict uit de hand loopt?

"Nou, weet u, er ís volgens mij helemaal geen generatieconflict. Het is geconstrueerd door de culturele elite. Politici, journalisten en opiniemakers beginnen er voortdurend over, maar alle studies laten zien dat jongeren in werkelijkheid heel dicht bij ouderen staan. Met hun ouders hebben ze juist een hechte, liefhebbende band. Juist in de jaren zestig was er een generatieconflict, toen het heel gebruikelijk was voor jongeren om keihard met hun ouders te breken. 'Vertrouw niemand boven de dertig' werd een gevleugelde uitspraak, waar ook echt waarde aan werd gehecht. Nu zie je dat soort agitatie niet meer.

"Toen ik me verder ging verdiepen in onze ideeën over de babyboomers dacht ik nog dat de discussie ooit was aangezwengeld door jongeren die erkenning wilden voor de problemen waarin zij verkeerden, waarna journalisten en politici het thema hadden opgepakt. Maar zo is het helemaal niet gegaan. Het ging juist andersom en nu worden jongeren aangemoedigd om ook vijandig te staan jegens de oudere generatie."

Ironisch genoeg zijn babyboomers oververtegenwoordigd in die culturele elite.

"Ja, precies. Het wemelt dan ook van het zelfbeklag. Het zijn niet zelden juist babyboomers zélf die erover beginnen dat ze verkeerd zaten en spijt betuigen."

Misschien spreken jongeren hun zorgen niet uit, maar deze babyboomers zullen spreken namens hen.

"Ze presenteren zichzelf inderdaad graag als de hoeders over de jeugd, of zelfs over ongeboren generaties, maar ik betwijfel of iemand er werkelijk iets mee opschiet. Wat wordt gepropageerd, is een leefwijze waarin persoonlijke vrijheid aan banden wordt gelegd, inclusief rondom de dingen die het leven leuk en aangenaam kunnen maken."

U bedoelt: dan wordt iedereen zoals Saffy, de dochter van Edina in Ab Fab?

"Ja, precies. En wie wil er nou zo braaf, saai en verantwoordelijk zijn als Saffy? Want kennelijk moeten jongeren zien te voorkomen dat zij zich wagen aan al die vervelende zaken uit de sixties: naïef idealisme, onnadenkend gedrag, experimenteerdrift, tolerantie, vrolijkheid... De discussie over babyboomers komt neer op een aanval op jeugdigheid en vrijheid - en ik geloof niet dat jongeren daarbij zijn gebaat."

Wie is Jennie Bristow?

Jennie Bristow doceert sociologie aan de Canterbury Christ Church University en is verbonden aan het Centre for Parenting Culture Studies aan de University of Kent. Haar boek, 'Baby Boomers and Generational Conflict', gebaseerd op haar doctoraal onderzoek, is verschenen bij Palgrave Macmillan. Over ouderschap schreef ze diverse boeken en essays, zoals 'Standing Up to Supernanny', waarin ze zich afzette tegen de trend om ouderschap te zien als een definieerbare set kwaliteiten die zijn aan te leren, en 'Licensed to Hug', een aanklacht tegen de inmenging van Britse autoriteiten in het ouderschap.

Deel dit artikel