Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Elke training is een kijk in het lichaam'

Home

John Graat

De EK-deelnemers Ralf van der Rijst, Gianni Romme en diens coach Jac Orie zijn exponenten van de Haagse School, een stroming in het Nederlandse schaatsen waarvan gewestelijk trainer Wim den Elsen de vormgever is. Den Elsen staat dit weekeinde in Heerenveen voor het eerst op een groot toernooi als coach op het ijs.

HEERENVEEN - In het dagelijks leven is Wim den Elsen als bouwkundig medewerker verantwoordelijk voor het onderhoud van gebouwen van Defensie. Per week gaan er nog eens gemiddeld 25 uur op aan schaatsen, zonder dat hij er een cent aan verdient.

Dat hij dit weekeinde in Thialf op het ijs staat, als coach van Ralf van der Rijst, beschouwt hij als een mooie geste van de KNSB. ,,Op deze manier laat de bond zien waardering te hebben voor het werk van al die vrijwilligers in de gewesten.''

Den Elsen is trainer van het gewest Zuid-Holland. In het afgelopen halfjaar begeleidde hij Van der Rijst naar zijn spectaculaire vierde plaats op het NK allround, eind december.

Gisteravond stond de 54-jarige coach uit Zoeterwoude met een muts op in het dampende Thialf, om Van der Rijst bij te staan.

Het is voor het eerst dat Den Elsen op een internationaal titeltoernooi op het ijs staat. In bijna twee decennia was hij vooral opleider van talenten, van wie Gianni Romme de meest prominente is. Jac Orie, nu de coach van Romme, was in het verleden schaatser in zijn Haagse selectie en begon zijn trainerscarrière als assistent van Den Elsen. Zijn voormalige pupillen roemen hem om zijn bijzondere, nogal eigengereide aanpak.

Dat 'concept' heeft hij mede op basis van zijn bouwkundige achtergrond ontwikkeld. ,,Schaatsen is biomechanica, de beweging is natuurkunde. De lichaamsbouw van de schaatser bepaalt de eigen stijl'', is een van zijn uitgangspunten. ,,Elke training is een kijk in het lichaam'', is een ander principe. Zijn belangrijkste adagium, overgehouden van een oude leermeester: ,,We kunnen ze niet maken, we kunnen ze alleen kapotmaken.''

Al tijdens zijn eigen carrière -op de langebaan, de marathon en in het shorttrack- gebruikte hij zichzelf als proefkonijn. Na het abrupte einde, als gevolg van een kniebreuk in 1983, experimenteerde hij verder als coach. Nog altijd snuffelt hij in academische literatuur en bezoekt hij congressen en lezingen. Hij luisterde aandachtig naar een Duitse professor in de biomechanica, hij bezocht een hordenloopschool in Polen en laatst hoorde hij een opticien praten over het optimaliseren van het oog door een revolutionaire bril. ,,Ik ben altijd op zoek naar nieuwe dingen.''

Befaamd zijn de colleges die hij aan zijn schaatsers geeft. De eerste keren dat de jonge Romme hem aanhoorde, in een kring rond de trainer op het middenterrein, klapperde hij met zijn oren. De verhandelingen van Den Elsen waren doorspekt met latijnse aanduidingen en natuurkundige termen.

Discussiëren over schaatsen is naar de mening van Den Elsen minstens zo essentieel als het trainen zelf. Met de dagboeken die Orie nu zijn schaatsers bij laat houden, werkt Den Elsen al jaren.

,,Ik wil dat ze alles snappen. Als ze gaan nadenken kunnen ze elk probleem ook zelf oplossen. De meeste schaatsers die bij mij vandaan komen, kunnen zo trainer worden. Orie stapte over en pakte het direct op. Schaatsers moet je niet alles domweg laten doen. Er moet slaafs gewerkt worden, maar het moet duidelijk zijn welke gedachte er achter zit.''

Gianni Romme lijkt soms teveel na te denken. Den Elsen: ,,Bij mij was hij soms aan het experimenteren. Dan moest je hem keihard terugfluiten. Dan bleef hij scherp. Als hij geen tegengas krijgt, gaat het fout. In Jac Orie heeft hij een volwaardige tegenpool. Henk Gemser wist precies wanneer hij bij hem de teugels moest laten vieren en wanneer hij ze moest aantrekken. Gianni is na Gemser in handen gevallen van mensen die minder verstand van schaatsen hebben dan Gianni zelf. Hij is een trainer, kan zijn eigen schema's rijden, maar van tijd tot tijd ontstaat er wildgroei. De kunst voor een trainer is te bepalen welke tak hij moet wegsnoeien.''

Romme is een typische exponent van de Haagse School, die zich vooral in de jaren negentig sterk onderscheidde. Tegenover nuchtere Friezen als Ids Postma, Rintje Ritsma en Falko Zandstra stonden verbaal vaardige mannen als Gianni Romme, Bart Veldkamp, Ben van de Burg, Jeroen Straathof en Martin Hersman. Den Elsen: ,,Ik stimuleer altijd om open te praten met elkaar. Ze moeten geen geheim hebben. Ze moeten zich realiseren dat ze elkaar naar de top kunnen drijven. Kruip niet weg, zweep elkaar op.''

Ralf van der Rijst, oorspronkelijk opgeleid in het gewest Noord-Holland/Utrecht, maakte Den Elsen sinds juni mee. De schaatser uit Woerden ondervond zijn gedrevenheid. ,,Bij een video-analyse wordt precies nagegaan wat er fout gaat. Dat perfectionisme, dat is typisch Haags. De trainer draait geen videoband om dan de pupil te vertellen wat hij fout doet. In Den Haag zegt de trainer: leg maar eens uit wat je daar aan het doen bent. Dan ga je zelf nadenken. Dat is voor mij een groot verschil met een commerciële ploeg. Daar werd ik wat te gemakkelijk.''

Na de komst van Van der Rijst naar Den Haag maakte Den Elsen, met hulp van Jac Orie, eerst een fysiologische en coördinatieve analyse van zijn manier van rijden.

Den Elsen: ,,Ik vond hem schaatstechnisch niet optimaal rijden, met zijn knieën teveel naar buiten. In de bochten reed hij stram. Ik constateerde uit testen dat de verhouding tussen bepaalde spiergroepen niet optimaal was. Daar heb ik eerst het krachtprogramma op aangepast. Stabiliteit in het lichaam en technische vasthoudendheid waren mijn doelen met Ralf.''

Nu dat gelukt is, gaat de commercie alweer met Van der Rijst aan de haal. Hij tekende een contract bij DPA. Den Elsen, die alleen in 1996 met de rebellerende Straathof, Romme en Hersman even de kans had op een commercieel avontuur, heeft leren leven met de gang van zaken. ,,Ralf heeft gelijk. Hij moet nu de eindjes aan elkaar knopen en kan een mooie cent gaan verdienen. Dat hij hier op het EK rijdt, is een mooi bewijs dat we vanuit de gewesten de competitie aankunnen.''

Deel dit artikel