Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Donner schond de Grondwet in zaak-Krekar'

Home

Kustaw Bessems

Mollah Krekar is weer belangrijker geworden, nu minister Powell zijn Noord-Iraakse club heeft aangewezen als schakel tussen Saddam en Osama. In de zaak-Krekar heeft minister Donner van justitie de Grondwet geschonden, zegt expert Alette Smeulers. Door 'grove fouten' dreigde Krekar volgens haar te ontsnappen.

MAASTRICHT - Het was verkiezingstijd toen Krekar drie weken geleden uit zijn cel in Vught werd geplukt en op het vliegtuig naar Noorwegen gezet. Minister Donner zei dat hij Krekar had uitgezet omdat Noorwegen, waar de Koerd een vluchtelingenstatus heeft, hem zou vastzetten. De leider van de radicaal-islamitische groep Ansar-al-Islam ging in Oslo echter gewoon naar huis.

Alette Smeulers volgde de zaak met verbazing. De docente internationaal strafrecht aan de Universiteit Maastricht promoveerde vorige week op uitleveringen en mensenrechten. ,,Donners grootste fout was dat hij Krekar uitzette omdát de Noren hem zouden oppakken en vervolgen. Dat mag niet, dat is verkapte uitlevering. Donner maakte misbruik van zijn macht om de waarborgen van een nette uitlevering te omzeilen. Hij handelde in strijd met artikel 2, lid 3 van de Grondwet.''

Dat de Noren Krekar niet arresteerden, ondanks de afspraak, was volgens Smeulers wijs. De baas van het Noorse openbaar ministerie stak er een stokje voor. Smeulers: ,,Nederland handelde onrechtmatig. De Noren hebben dat ingezien. Zij zouden de wrange vruchten hebben geplukt, want hun arrestatie zou óók onrechtmatig zijn geweest en dat was Krekar goed van pas gekomen. Het Noors strafrechtelijk onderzoek was stuk gegaan.''

Dat was pijnlijk geweest, want Krekar wordt internationaal beschouwd als 'grote vis'. De groep waarvan hij een leider is en die opereert in het Koerdisch deel van Noord-Irak, zou samenwerken met zowel de Iraakse dictator Saddam Hoessein als met het terreurnetwerk Al-Kaida. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Powell zei dat eergisteren in de veiligheidsraad van de Verenigde Naties.

,,Donner had twee andere mogelijkheden'', zegt Smeulers. ,,Nederland had Krekar zelf kunnen vervolgen, op grond van deelname aan een internationale criminele organisatie. Of het had Noorwegen een uitleveringsverzoek kunnen laten indienen.''

Donner maakte meer fouten, zegt ze. Kort na Krekars arrestatie in september, op Schiphol, vroeg Jordanië diens uitlevering wegens drugshandel. Nederland heeft met Jordanië geen uitleveringsverdrag. Maar op grond van een internationaal verdrag tegen drugsdelicten was uitlevering toch mogelijk. Ware het niet, zegt Smeulers, dat de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst een bericht naar justitie stuurde waarin stond dat Jordanië Krekar zocht voor een aanslag op een Jordaanse veiligheidsman. Donner hield dit voor zich.

Smeulers: ,,Donner had de uitleveringsprocedure meteen moeten stoppen. Uitlevering aan Jordanië mocht niet, nu Krekar werd verdacht van andere misdrijven dan die onder het anti-drugsverdrag vallen. Ten minste had de minister de informatie aan de rechter moeten geven.''

De asielaanvraag van Krekar kort voor vertrek naar Noorwegen, werd afgewezen. Onterecht, oordeelde een rechter.

Smeulers: ,,Door deze zaak weet ik nog zekerder dat alleen de rechter zich met uitlevering moet bemoeien en dat de minister zich hierbuiten moet houden.'' Nu geeft de wet de rechter én de minister een taak. De rechter toetst een uitleveringsverzoek eerst. Hij vraagt zich af of het vermoedelijke vergrijp in beide landen strafbaar is, of het niet is verjaard en of de betrokkene niet eerder voor hetzelfde is berecht. Gaat de rechter akkoord, dan komt de minister aan de beurt. Die controleert of iemand niet de doodstraf kan krijgen in het land waar hij naartoe moet.

In de wet is volgens Smeulers niet uitdrukkelijk geregeld wie van de twee, de rechter of de minister, moet nagaan of in het buitenland de mensenrechten van een verdachte zijn gewaarborgd. ,,In de praktijk laat de rechter dit over aan de minister. Maar dan hebben een verdachte en zijn advocaat niets meer in te brengen. De minister is een politiek figuur, die bij zijn beslissing ook betrekt dat een land het hem niet in dank zal afnemen wanneer hij een verzoek afwijst. Een minister heeft al gauw de neiging om de risisco's van mensenrechtenschendingen te bagatelliseren.'' In het geval van Krekar had de informatie dat Jordanië hem wilde hebben voor een aanslag bij de rechter alarmbellen doen rinkelen, denkt Smeulers, terwijl het bij de minister stil bleef.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie