Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

’Dit vonnis werkt averechts’

Home

Laura van Baars en Nico de Fijter

Een dakloze kreeg deze week een boete omdat hij koningin Beatrix beledigde. De vorstin heeft die bescherming heus niet nodig, menen deskundigen. „Nu valt de belediging juist op.”

Majesteitsschennis is terug van lang weggeweest. In 1969 was tekenaar Bernhard Willem Holtrop de laatste die ervoor veroordeeld werd. Holtrop had in het tijdschrift God, Nederland en Oranje, een uitgave van de provobeweging, een tekening gemaakt van koningin Juliana als prostituee achter het raam. Achter haar hoofd hing een bordje met haar tarief: 5,2 miljoen gulden. Een protest van de tekenaar tegen de hoge kosten van het koninklijk huis, een actie die hij moest bekopen met een boete van 200 gulden wegens belediging van het staatshoofd.

De eerste die, sinds Holtrop, weer een vonnis over zich hoorde uitspreken wegens majesteitsschennis was, eerder deze week, Regilio A., een verwarde Surinaamse dakloze uit Amsterdam. Opnieuw is de aanleiding voor de aanklacht de vereenzelviging van de koningin met een prostituee. Tijdens een heftige scheldpartij tegen een agent riep A.: „Ik haat jullie koningin. De koningin van Nederland is een hoer.” Vervolgens beschreef hij de seksuele handeling die hij met de koningin wilde verrichten. „Dat vindt ze lekker.”

Het openbaar ministerie besloot A. te vervolgen. Voor majesteitsschennis, maar ook voor belediging van de agent, en overtreding van het wijkverbod dat A. was opgelegd. Het OM erkent dat het lang geleden is dat iemand voor majesteitsschennis werd vervolgd. Al werd in 2002 nog een man veroordeeld voor het werpen van een verfbom naar de gouden koets met bruidspaar Willem- Alexander en Máxima. Boete: 250 euro. Majesteitsschennis is ook van toepassing op de familieleden van het staatshoofd.

Maar het OM is tijdens de 27 jaar die Beatrix op de troon zit nooit eerder tegen beledigingen aan haar adres opgetreden. Niet toen Hans Teeuwen het deed voorkomen alsof hij haar op het toneel een orgasme liet krijgen, niet toen Youp van ’t Hek schreef dat ‘het Nederlandse publiek pas geschokt zou zijn als Willem-Alexander en Beatrix neukend bij het monument op de Dam zouden worden aangetroffen’.

„Mogelijk heeft het iets te maken met de hernieuwde discussie over normen en waarden en omgangsvormen”, zegt hoogleraar rechtstheorie Dorien Pessers. „Een paar jaar terug nog beval toenmalig justitieminister Donner een onderzoek naar de mogelijkheden om het wetsartikel dat godslastering verbiedt vaker te gebruiken. Daarbij lijkt de centrale gedachte: dat wat sacraal en heilig is, moet worden beschermd. En het koningschap heeft nog steeds zo’n sacrale en heilige dimensie.”

Majesteitsschennis is een delict dat de koninklijke waardigheid ondermijnt. Pessers: „De vorstin is niet alleen de uitdrukking van de eenheid, maar ook van de waardigheid van de staat. Koningin Beatrix heeft zelf ook eens gezegd dat ze het bevorderen van de waardigheid van de staat en de natie als een van haar belangrijkste taken ziet. Maar daarbij is haar persoon irrelevant. Het gaat om het ambt. Dat moet waardig zijn. Want wat waardig is, heeft gezag. De soevereiniteit van een land wordt gediend door die waardigheid.”

Maar de waardigheid van het staatshoofd is op dit moment helemaal niet in het geding, zegt Pessers. „Wetsvoorstellen beginnen in Nederland nog steeds met de woorden ’Wij, Beatrix, bij de gratie Gods’ en in elke rechtzaal hangt een portret van de vorstin. Dan gaat het niet om haar persoon, maar om het ambt als symbool van de eenheid van het land. De koningin zelf heeft nog nooit iets gedaan wat die waardigheid aan had kunnen tasten.”

Maar volgens de hoogleraar is het lastige dat de term waardigheid met het verstrijken van de tijd, door secularisatie abstracter is geworden en dat we ons er steeds minder bij voor kunnen stellen.

„Toen minister Jorritsma in een koddig pakje met Sterrenslag meedeed en later minister Hoogervorst tijdens een debat in de Tweede Kamer een kotsgebaar maakte, had iedereen wel in de gaten: dat hoort niet, dat past niet bij het ambt. Op het moment dat iemand roept dat Beatrix een hoer is, weet iedereen dat dat niet netjes is. Maar met aantasting van de waardigheid van het ambt heeft het niets te maken. Pas als je een gezagsdrager stelselmatig beledigt, wordt het gezag ondermijnd. Daar is hier geen sprake van.”

Volgens Gerard Schuijt, hoogleraar mediarecht en deskundige op het gebied van koningshuis en privacy, heeft het jongste vonnis een averechts effect. „Het stomme is dat het OM juist door nu ineens vervolging in te stellen zoveel aandacht op de zaak gevestigd heeft. Als die agent de opmerking verder had genegeerd, had niemand daar wakker van gelegen. In plaats van het te voorkómen, draagt het OM nu eerder bij aan het verlies van waardigheid van het staatshoofd. Terwijl ze het eigenlijk helemaal niet nodig heeft dat beledigingen aan haar adres tot vervolgingen leiden.”

Onduidelijk blijft of het OM majesteitsschennis in de toekomst vaker wil vervolgen. Is er sprake van nieuw beleid? Hierop wil de woordvoerster van het OM niet ingaan. Majesteitsschennis kan volgens haar altijd vervolgd worden. Maar in dit geval is het één van de drie onderdelen van de tenlastelegging, samen met belediging van de agent en overtreding van het wijkverbod. Het is een samenloop van omstandigheden geweest die tot de vervolging geleid heeft. Pessers concludeert: „Het openbaar ministerie had deze man ook kunnen vervolgen zonder het wetsartikel over de majesteitsschennis van stal te halen.”

Deel dit artikel