Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

’De val van Prometheus lijkt ingezet’

Home

Mariska Jansen

Prometheus stal het vuur bij de goden en gaf het aan de mensen. Volgens filosoof Ton Lemaire belichaamt de antieke held een achterhaald vooruitgangsidee. „Ik verdedig een houding van terughoudendheid.”

Wereldberoemd is de mythe over Prometheus, de zoon van de Titaan Iapetos. Hij roofde het vuur van de goden en schonk het aan de mensen. Volgens de Griekse mythe waren de goden furieus. Ze ketenden Prometheus aan een rots en bevalen een adelaar iedere dag zijn snelgroeiende lever weg te vreten.

In zijn onlangs verschenen boek ’De val van Prometheus’ beschrijft filosoof Ton Lemaire het verschil in betekenis tussen die halfgod uit de oudheid en Prometheus van de moderne tijd. Was de antieke held nog een soort patroon van de vooruitgang, de moderne Prometheus belichaamt een veel sterkere vooruitgangsmythe.

Volgens Lemaire ontstaat die mythe aan het begin van de negentiende eeuw. Een van de geestelijk vaders ervan is de Duitse filosoof Georg Hegel (1770-1831) met zijn optimistische kijk op de ratio en de loop van de geschiedenis.

Lemaire zelf is steeds kritisch over de vooruitgang. In zijn vorige boek ’Op vleugels van de ziel’ (2007) bijvoorbeeld, een poëtisch verhaal over onze relatie tot vogels en tegelijkertijd een verhandeling over de verstoorde verhouding tussen mens en natuur.

Hoe ziet de moderne Prometheus eruit?

„De Prometheusmythe uit mijn boek symboliseert het vooruitgangsidee en de daarmee samenhangende economische problemen en de klimaatcrisis”, zegt Lemaire. „We geloven in de vervolmaakbaarheid van de mens. In de onbegrensde ontplooiing van zijn vermogens, in een toekomst die steeds beter is en de superioriteit van wetenschap en techniek.”

Die vooruitgang kent toch ook positieve kanten?

„Natuurlijk. Ik ben niet tegen vooruitgang. De techniek heeft ons veel goeds gebracht. De auto bijvoorbeeld komt voort uit dat vooruitgangsidee. De komst van de auto luidde een belofte in. Snel en comfortabel vervoer voor iedereen; hulpverleners die snel ter plaatse zijn. Maar wegen die voordelen tegen de nadelen op? We hebben te maken met terrorisering van de binnensteden en bebouwde kommen, geluidsoverlast en vervuiling. Jaarlijks maakt het verkeer wereldwijd meer dan een miljoen dodelijke slachtoffers. Daar komt nog een veelvoud aan gewonden bij.”

Prometheus is door de mand gevallen.

„Dat zou je kunnen zeggen. De val van Prometheus lijkt ingezet. De economische groei heeft tot een crisis geleid. Er zijn grote milieuproblemen. Ik pleit voor een synthese, het samengaan van oud en nieuw. Laten we de eis stellen dat we de goede dingen uit het verleden niet weggooien maar bewaren. Mits ze mens- en natuurvriendelijk zijn uiteraard.”

Toen de auto verscheen, leken de dagen van de fiets geteld, zegt Lemaire. „Maar niets is minder waar, fietsen bleef onverminderd populair. Datzelfde geldt voor de broodfabrieken. Grootschalige broodproductie was de belofte voor de toekomst, maar het brood bleek smakeloos. In de landbouw zie je die ontwikkeling ook. We krijgen weer oog voor de positieve en nuttige kanten van het ouderwetse boerenbedrijf. We kiezen meer en meer voor producten uit de streek en van biologische, onbespoten teelt.”

Als tegenhanger van de mythische Prometheus noemt Lemaire Orpheus. Deze zoon van Apollo staat anders dan Prometheus niet bekend om zijn overmoed en heerszucht, maar om zijn muzikale kwaliteiten: Volgens de antieke volksverhalen bedwelmde hij met zijn lier bomen, dieren en zelfs de bewakers van de onderwereld. Als het noodlot toeslaat en zijn vrouw Eurydike sterft, mag hij haar uit de onderwereld meenemen. Voorwaarde is dat hij niet omkijkt. Orpheus doet dit toch en verliest daarop zijn vrouw voor de tweede keer.

Volgens Lemaire vormt de gevoelige Orpheus een tegenwicht voor de dominante aanwezigheid van de overmoedige Prometheus in onze cultuur. ’In de orphische houding ervaart de mens zich als met de natuur verwant’, schrijft hij op een van de laatste pagina’s van zijn boek. En: ’Het geheim van de natuur wordt gezocht door zich voor haar open te stellen en te luisteren in belangeloze waarneming vol respect en verwondering’.

Wat bedoelt u hiermee? Moeten we net als Orpheus de lier bespelen?

„Orpheus symboliseert de belangeloze poëtische houding tot de natuur en compenseert de productieve Prometheus.”

„Ik verdedig een houding van terughoudendheid. Niet met alle vernieuwingen meegaan. Kijk naar het navigatiesysteem TomTom. Een prachtige uitvinding, technologisch schitterend, maar ik vind het boeiender om me met een kaart zelf te oriënteren. Niet afhankelijk te zijn van een machientje dat met een metalen stem zegt waar ik heen moet. Dat leidt tot vervreemding van je omgeving.”

Deel dit artikel