Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Beter een held in kleine kring'

Home

Rob Velthuis

AMSTERDAM - Sommige zaken liggen zo voor de hand dat ze ongrijpbaar zijn. Tiener Yves Kummer was een dik mannetje dat tevergeefs talrijke stations op gebied van afvallen passeerde. Tot een diëtiste hem de formule toonde: eet zoveel je wilt, maar verbrand meer dan je inneemt.

Een andere openbaring was, na vier afwijzingen wegens gebrek aan werkervaring, het sollicitatiegesprek met de Japanse directeur van zuivelfirma Yakult. ,,Na een inleidend praatje, vroeg hij al: 'wanneer kan je beginnen?' Toen ik hem erop wees dat hij niet eens mijn CV had gezien, zei hij dat niet kennis belangrijk is, maar karakter en motivatie.''

,,Hij zei me niet het geld te kunnen bieden wat ik wilde, wel een schat aan ervaring. Toen vroeg hij me een functie te kiezen, want wie zelf zijn arbeid bepaalt, zal harder en met meer overgave werken.''

De directeur is een vriend gebleven, lang was Kummer niet in dienst. ,,Ik verveelde me, moest me druk maken over allerlei onzin. Dat maakt me onrustig. Ik ben niet iemand die een situatie in stand wil houden, ik wil steeds iets nieuws ontwikkelen.''

,,Als je talent hebt, moet je dat benutten. Bij mij is dat organiseren, enthousiasmeren, nieuwe structuren opzetten. Ik kreeg ooit een compliment van een klant: You can make something out of shit. Het ligt in mijn karakter om me af te vragen 'waarom niet?' als anderen zeggen dat iets niet kan. Het onmogelijke waarmaken. Daarvoor moet je niet bij het establishment behoren, maar de andere kant kiezen.''

Kummer was voetballer bij VV Noordwijk, maar voelde zich zowel in de sport als bij de club niet thuis. Zijn Frans/Nederlandse vader had hem wel eens wat over rugby laten lezen, en toen hij als 15-jarige bij een wedstrijd ging kijken, was een altijd bloeiende liefde geboren.

,,In voetbal voelde ik mij een nummer, bij rugby kwam ik in een warm bad. Het was met z'n allen tegen de hele wereld. Dat gaf enorm veel energie. Een international van de club bood aan me op zaterdag extra training te geven, er was geen enkele afstand. Kom daar in voetbal eens om, daar waren de spelers van het eerste elftal al onbereikbaar.''

,,Binnen een jaar stond ik in jong oranje. We verloren met 16-0 van Engeland, het beste resultaat ooit behaald.'' Kummer werd het boegbeeld van het Nederlandse rugby, maar kon de sport niet blijvend naar een hoger plan tillen.

Hij leerde dat je 'beter een held kan zijn in een kleine omgeving, dan ondergewaardeerd in het voetbal'. Toch is er ook spijt. Hij had zijn rugbytalent kunnen 'verzilveren' met een studie in Oxford. Tot teleurstelling van zijn vader ging hij er niet op in. Ook zegt hij het niet te hebben aangedurfd ('misschien toch bang voor het onbekende') zijn tweede nationaliteit te benutten om het keiharde gevecht in het rugbygekke Frankrijk aan te gaan.

,,Je droom is om ooit in volle stadions tegen grote clubs te spelen. Ik was negentien en op vakantie in Toulon. Daar zat de grootste Franse rugbyclub met vele sterren. Ik heb moed verzameld, ben er binnen gestapt en heb ze in Leiden uitgenodigd.''

,,Ik blufte dat Bath, de roemruchte club uit Engeland, ook zou spelen. Tot mijn verbazing zeiden ze ja. Toen moest ik de Engelsen ook inviteren en geld regelen. Het is gelukt, het toernooi werd in zestien landen op tv uitgezonden. Het was het begin van de Europa Cup, en dat in Leiden...''

Het sterkte Kummer in de overtuiging dat je met verbeeldingskracht en doorzettingsvermogen ver kan komen. Toen hij halverwege de jaren negentig werd gevraagd zitting te nemen in de atletencommissie, zag hij dat behalve als een eer vooral als uitdaging.

,,We vergaderden elke maand, na een jaar hadden we niets bereikt. Niemand luisterde, we hadden statuut noch status. Wel kregen we van NOC-voorzitter Huijbregtsen de prins als beschermheer toegewezen. Die was dus beschermheer van iets dat niet bestond. Het enige dat we mochten, was het kledingpakket voor de Spelen van Barcelona uitkiezen.''

Een passend moment om de tijd beter te besteden. ,,Nee, juist niet! Rolf Franke, toen onze voorzitter, vond dat we onze positie ook konden uitbuiten. Als je niets bent, hoef je je ook nergens aan te houden. We gingen ons profileren. We zaten bij het ministerie aan tafel, we werden door de pers gebeld als vertegenwoordigers van de sporters en van sponsors kregen we geld voor congressen.''

Het resulteerde met hulp van scheidend staatssecretaris Erica Terpstra in de 'strippenkaart voor topsporters', de voorloper van het huidige stipendium. Kummer benadrukt: ,,Door ons geregeld, niet door NOC-NSF.''

De atletencommissie verwierf zich binnen NOC-NSF 'zware rechten', voor Kummer was het tijd om te vertrekken. ,,Als intern adviesorgaan is het moeilijk werken. Als topsporter ben je afhankelijk van NOC-NSF. Dat is moeilijk, je hebt geen bureau achter je en je hebt kennisachterstand.''

,,Ik ben blijven doen waar ik goed in ben, uit niets iets bouwen.'' De suggestie van Theo van Seggelen, vakbondsman in het voetbal, om een vakbond op te richten, kwam wat dat betreft voor Kummer als geroepen.

NL Sporter 'staat nu redelijk', ergens vallen de woorden 'afscheid nemen'. Er is nog zoveel te doen, er ligt een verzoek om zitting te nemen in een commissie van de internationale rugbybond. ,,Ik heb veel aan rugby te danken, ik wil graag iets terugdoen.''

Kummer stopt met het trainen van een jeugdteam. Het leukste moet wijken voor dingen die hij het beste kan. Toch moet het motiveren van jongeren daar ook onder vallen: ,,Overal zie je zeventienjarigen iets anders gaan doen, in mijn team is vrijwel geen uitval.''

,,Een van mijn jongens komt uit een loodgietersgezin, hij had buiten Leiden nog niets gezien. Ik heb hem gestimuleerd om in een ander stad te gaan studeren. Deze zomer heb ik hem vijf dagen meegenomen naar de Spelen in Athene. Ik heb meegekregen dat meer mogelijk is dan je denkt. Hij moet niet de fout maken dat hij zijn talent niet gebruikt, ik probeer hem te motiveren iets van zijn leven te maken. Je hoeft niet naar Afrika om dingen te verbeteren.''

Kummer zegt dat hij altijd heeft gekozen voor mensen, niet voor systemen. Hij kiest zijn eigen inspirerende pad. Hij constateert dat, zoals alles, zelfs zijn geliefde rugby verzakelijkt. Bij een topclub binnenlopen om mee te trainen is er niet meer bij. ,,Die verzakelijking zet steeds verder door, daarom moeten de belangen van sporters worden beschermd. Zij zijn slechts passanten die makkelijk kunnen worden misbruikt door bonden.''

Deel dit artikel