Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Alles in het belang van nabestaanden'

Home

Marno de Boer en Onno Havermans

Pieter-Jaap Aalbersberg: Het is verschrikkelijk om een land in oorlogssituatie te zien en dat voel ik ook vanuit mijn geloofsovertuiging. © anp
Interview

Forensische experts, politiemensen en militairen zoeken in Oost-Oekraïne opnieuw naar menselijke resten, persoonlijke spullen en wrakstukken van de neergehaalde MH17. Ze doen "een maximale slag" om zoveel mogelijk materiaal te verzamelen, aldus head of mission Pieter-Jaap Aalbersberg, die aanvankelijk dacht dat de klus al in augustus vorig jaar geklaard zou zijn. De oorlog en daarna de winter zorgden voor veel vertraging.

Waarom zei u ja tegen deze missie?
"Ik werd om half een 's nachts gebeld. Toen had ik een kwartier om na te denken. Ik zag de impact van de ramp op een grote groep nabestaanden, en het belang van repatriëring. Als er dan een beroep op je wordt gedaan zeg je geen nee."

Realiseerde u zich hoe groot de verantwoordelijkheid zou zijn?
"Nee. Op het moment dat ik mijn spullen inpakte waren er nog onderhandelingen gaande over het mandaat. De internationale politieke component besefte ik ook niet meteen.."

Wat was het moeilijkste aan het werk?
"We zaten daar met hiërarchische organisaties als politie en defensie, maar moesten met onderhandelen en diplomatie ons doel bereiken en partners binnenboord houden. En de politieke sturing was enorm, van de Nederlandse en Australische premiers. Daaronder probeerden we in een netwerk te opereren. Iedere ochtend bekeken we de veiligheidssituatie en overlegden we met Australië en Maleisië. Als we het eens waren spraken we eerst met de Organisatie voor Vrede en Samenwerking in Europa (OVSE) en daarna met de Oekraïense vicepremier. Daarna benaderde de OVSE de separatisten in Donjetsk.

"Druk uitoefenen werkt niet, het gaat om vertrouwen en samenwerking. De keuze voor een ongewapende missie hielp daarbij. We waren niet bedreigend. Het was in het begin ook aftasten. We hadden anderhalve week nodig om vast te stellen dat de lokale autoriteiten best goed gezocht hadden. En toen we massaal naar de rampplek gingen liep het vast op de separatisten. Er is bij hen een combinatie van vertrouwen en wantrouwen. Toen hebben we besloten met een kleine groep te gaan en de lokale rampendienst en brandweer het handwerk te laten doen."

Hoe verliep de samenwerking met al die landen?
"Er zijn natuurlijk cultuurverschillen. In Nederland zijn we gewend aan samenwerking tussen politie en defensie, dat zijn in Australië nog echt twee werelden. De Australiërs namen besluiten over veiligheid met een forse staf in Kiev. Wij werken via Defensie in Nederland, de OVSE, en een commandant ter plaatse die naar bevind van zaken kan handelen. En de Oekraïense dorpelingen rond de uitvalsbasis kookten voor ons prima maaltijden, maar altijd met varkensvlees, terwijl je voor de Maleisiërs halal moet koken.

"In Oekraïne liep onze route naar de rampplek door de frontlinie. Ons belang was daar niet het hoogste, en bij de separatisten waren verschillende fracties. Je kon in Donjetsk wel iets onderling afspreken, maar in het veld moest er soms toch opnieuw onderhandeld worden. Bij de Oekraïners speelde dat probleem minder, al had je daar ook de vrijwilligersbataljons die niet alles aan het hoofdkwartier rapporteerden."

Lees verder na de advertentie
Druk uitoefenen werkt niet, het gaat om vertrouwen en samenwerking. De keuze voor een ongewapende missie hielp daarbij

Het contact met de separatisten verliep via de OVSE. Hoe ging dat precies in zijn werk?
"Wij overlegden in Kiev met de ambassadeur van de OVSE. Vervolgens ging de OVSE-waarnemer in Donjetsk met de separatisten aan tafel. Als er iets was besprak hij dat weer met ons in Kiev of met de commandant ter plaatse, die soms in een hotel in de buurt zat.

"In het veld gingen we altijd samen met de OVSE en separatisten. Die boden bescherming maar hielden ons ook in de gaten. Als we iets van hen wilden, vroegen we het aan een OVSE'er en die vroeg het dan aan de separatisten. Die constructie werkte goed. Iedereen had compassie met de nabestaanden. Aanvankelijk bestond in de media het beeld dat het daar allemaal plunderaars en rovers waren, maar dat was echt niet zo."

Wanneer is uw missie geslaagd?
"Als ik de nabestaanden in de ogen kan kijken en zeggen dat we er alles aan hebben gedaan om de slachtoffers hier te krijgen. Daar zitten we heel dichtbij. Vooraf denk je dat identificatie van 60 à 70 procent al heel mooi is, maar we zijn veel verder gekomen. Dat is natuurlijk ook dankzij nieuwe technieken die we gebruiken, we kunnen veel meer dan voorheen.

"Het team is deze week weer bij de crashsite om opnieuw te zoeken op de plaats waar het laatste deel van het vliegtuig is neergestort en in brand heeft gestaan. Er zijn nog twee slachtoffers niet geïdentificeerd, die zaten in dat deel van het toestel.

"Het forensisch werk lijkt hier op archeologisch werk. Je kunt niet uitsluiten dat van hen nooit wat wordt gevonden, maar ik heb goede hoop. Ik kan ook niet geheel uitsluiten dat na deze laatste zoektocht ooit nog resten opduiken die in de loop der tijd verplaatst zijn."

U bent ook hoofdcommissaris in Amsterdam. Kon u daar wel weg?
"Amsterdam kun je niet zomaar loslaten, daar ligt mijn prioriteit. Het Maagdenhuis, het vreemdelingenvraagstuk, radicalisme, liquidaties, het overleg in de driehoek met burgemeester en hoofdofficier van justitie. Gelukkig heb ik een kei van een vervanger, het zou raar zijn als het niet zonder mij zou kunnen, ik zat er ook al lang genoeg om er een taak bij te kunnen nemen, maar het is wel een belasting.

Het forensisch werk lijkt hier op archeologisch werk

"Ik had maar één focus: zo snel mogelijk naar dat gebied. Het was een bewuste keuze om geen staf mee te nemen, maar die ter plaatste samen te stellen uit diverse geledingen: defensie, buitenlandse zaken, politie, NCTV (Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid, red). Eerst was ik er drie weken fulltime, daarna nog een keer twee weken en sindsdien regelmatig een dag. Er is ook dagelijks contact via de telefoon of email. Eigenlijk hadden we de missie in een maand willen doen, maar je bent afhankelijk van de omstandigheden. De gevechten daar en het invallen van de winter zijn externe factoren waar je geen invloed op hebt.

"Alles is opzij gezet, in het belang van de nabestaanden. Politiemensen die niet gewend zijn in oorlogsgebied te werken - in Donetsk lagen ze een hele nacht onder mortiervuur - en militairen die naar persoonlijke spullen zochten - stonden opeens met beertjes en stoffelijke resten in de hand - wat juist de politie meer gewend is. In die eerste periode sliep ik vier uur per nacht, daar past je lichaam zich op aan. Het is moeilijk om daarna van de adrenaline af te kicken."

Speelt uw geloof dan nog een rol?
"Ja en nee. Ik ben voor deze klus ingehuurd om mijn competenties als politieman. Het is verschrikkelijk om een land in oorlogssituatie te zien en dat voel ik ook vanuit mijn geloofsovertuiging. Ik ben protestant, ik ga in Zwolle naar de christelijk gereformeerde kerk. Het is belangrijk wat ik daarmee in eigen omgeving doe, maar het werk moet ik doen vanuit vakmanschap. Wel zie je ook daar de invloed van religieuze overtuiging: de Russisch-orthodoxe kerk is nadrukkelijk aan beide kanten van de strijd aanwezig. En de Maleisiërs die daar aan het werk zijn moeten ook de ruimte krijgen hun geloof te belijden."

De Rus­sisch-or­tho­doxe kerk is nadrukkelijk aan beide kanten van de strijd aanwezig

Deel dit artikel

Druk uitoefenen werkt niet, het gaat om vertrouwen en samenwerking. De keuze voor een ongewapende missie hielp daarbij

Het forensisch werk lijkt hier op archeologisch werk

De Rus­sisch-or­tho­doxe kerk is nadrukkelijk aan beide kanten van de strijd aanwezig