Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wilfred Reinhold is een eenzame strijder tegen tijgermuggen én een lakse overheid

Groen

Max van der Heijden

© TRBEELD

Sinds 2006 strijdt Wilfred Reinhold tegen de invasieve exoot. Voorlopig is zijn strijd nog niet ten einde. 'Ik ga door tot ik niet meer kan.'

Wasbeerjongen groeien op in Zuid-Limburg, de halsbandparkiet bezet Amsterdam en ook de wolf komt steeds vaker de grens over. De Nederlandse natuur verandert continu, maar van deze drie diersoorten is er slechts eentje welkom: de wolf. De andere twee zijn invasieve exoten. Dieren en planten die Nederland via menselijk handelen hebben bereikt en gevaarlijk zijn voor de Nederlandse natuur.

Lees verder na de advertentie

Sommige, zoals de tijgermug, komen de Nederlandse natuur binnen via goederentransport. Andere, zoals de halsbandparkiet, zijn vrijgelaten. Allemaal zijn ze het doelwit van Wilfred Reinhold (55). In zijn eentje vormt hij de stichting 'Platform Stop Invasieve Exoten'. Vanuit zijn Amsterdamse bovenwoning leidt hij al bijna twaalf jaar de oorlog tegen de invasieve exoot, plant of dier.

De tijgermug deed in 2006 via het transport van de populaire kamerplant lucky bamboo. De mug kan veel ziektes veroorzaken.

"Alles begon in de zomer van 2006, toen ik las dat de tijgermug in Nederland was aangetroffen." De tijgermug was een jaar eerder voor het eerst ontdekt en was via het transport van lucky bamboo, een populair kamerplantje, naar Nederland gekomen. "Ik ben heel erg geïnteresseerd in de natuur en was nieuwsgierig naar deze mug." Tijdens zijn onderzoek naar de tijgermug schrok Reinhold zich rot: "De tijgermug kan ziektes zoals knokkelkoorts en de westnijlziekte veroorzaken."

Tekst loopt verder onder de foto

© colourbox

Niet de enige enge exoot

Aangejaagd door het gevaar dat de tijgermug kan vormen voor de Nederlandse volksgezondheid neemt hij contact op met Trouw. "Ik heb de krant gebeld en binnen een paar dagen stond er een groot artikel in." Het is de eerste landelijke aandacht voor de tijgermug en voor Reinhold het begin van zijn persoonlijke missie.

"Via de Wet Openbaarheid van Bestuur heb ik documenten over de tijgermug aangevraagd bij het ministerie van volksgezondheid." De rapporten, waarnemingen en adviezen die hij ontvangt plaatst hij op een site, die hij speciaal voor dat doeleinde heeft laten bouwen. "Op die site staan alle ontwikkelingen rondom de tijgermug tot 2009, toen ontdekte ik dat die mug niet de enige enge exoot is."

Reinhold weet dat hij de strijd tegen de invasie exoten niet met Wob-verzoeken en een website kan winnen. Dus start hij zijn platform. Ook besluit hij de overheid aan het werk te zetten met handhavingsverzoeken. "Daarmee kan ik de overheid dwingen te wet te handhaven." Het succes van die verzoeken was wisselend. "Soms kreeg ik gelijk van de rechtbank. Maar dan ging het ministerie van volksgezondheid in hoger beroep en paste de minister ondertussen de regelgeving aan."

Als voorbeeld noemt hij een rechtszaak uit 2010. "Ik heb de overheid toen aangeklaagd wegens het niet handhaven van een importverbod van lucky bamboo. Dat verbod is vervolgens uit de wet geschrapt, alles wat resteerde was een verplichting tot bestrijding." Dat Reinhold, naast voorzitter en penningmeester ook huisjurist is van zijn stichting, is bij deze rechtszaken erg handig. "Bovendien vind ik het erg leuk om er moeite in te steken en goede argumenten te bedenken.

Die handhavingsverzoeken en vooral de daaraan gekoppelde dwangsommen, vormen de belangrijkste inkomstenbron van zijn stichting. Hoeveel, varieert per zaak en schommelt tussen de 20 en 1260 euro. Maar vaak ontvangt Reinhold ook helemaal geen geld. "Voordat ik een dwangsom kan eisen, moet ik de overheid in gebreke stellen." Dat is een extra herinnering aan het handhavingsverzoek. Als de overheid dan nog niets doet is zij een dwangsom verschuldigd.

"Vaak negeert de overheid mijn herinnering en betalen ze helemaal niks. In sommige zaken wacht ik al vijf jaar op mijn geld. Als wel wordt gereageerd, wordt ik meestal binnen enkele weken betaald." De grootste kostenpost is het griffierecht, 338 euro, een verplicht tarief voor een ieder die de overheid op het matje wil roepen. Reinhold kiest daarom alleen rechtszaken waarvan hij redelijk zeker is dat hij ze kan winnen. Dan krijgt hij de griffierechten terug. "Soms weet ik: 'deze zaak win ik 100 procent zeker'. Andere keren twijfel ik." Maar hopeloos is het nooit.

Het ministerie heeft wel eens foldertjes ontwikkeld, maar die zetten het dan gewoon op de website. Niemand die ze dan ziet.

Wilfred Reinhold

Dat de invasieve exoot zo lang onbekend bleef bij het grote publiek is volgens Reinhold te wijten aan de Rijksoverheid. "Die communiceert veel te weinig over exoten. Het ministerie van landbouw, natuur en voedselkwaliteit heeft wel eens foldertjes ontwikkeld, maar die zetten het dan gewoon op de website. Niemand die ze dan ziet."

Tekst loopt verder onder de foto

© Trouw Vorm010

Burgers zijn oren en ogen

Reinhold ziet ook een belangrijke rol weggelegd voor burgers bij de aanpak van invasieve exoten: "Zij zijn vaak de eigenaren van de exotische planten en dieren waarvan je niet wil dat ze in de natuur komen. Tegelijk kunnen zij met hun oren en ogen een belangrijke rol spelen bij het opsporen van invasieve exoten. De overheid kan nooit alles in de gaten houden, dus zij moet echt maximaal gebruik maken van haar inwoners."

Reinhold beleefde zijn finest hour in maart vorig jaar. Ruim 9 maanden eerder had een inwoner van Veenendaal 80 goudvissen in een gracht losgelaten. Iedereen vond het een supersympathiek initiatief, iedereen behalve Wilfred Reinhold. Hij zag de goudvissen als een gevaar voor de Nederlandse biodiversiteit. Hun eitjes zouden vanuit de gracht in open water terecht kunnen komen. Als de goudvissen daar zouden paren met de inheemse kroeskarpervissen zouden er hybriden kunnen ontstaan, waardoor de inheemse soort op lokaal niveau uitsterft, is zijn visie.

De goudvissencasus is kenmerkend voor de manier waarop Reinhold invasieve exoten aanpakt. "Ik ben heel erg van het voorzorgsbeginsel." Als waarschuwing noemt hij de halsbandparkiet. Een leuk groen vogeltje dat nu de Amsterdamse stadsparken terroriseert. "Toen die vogels 50 jaar geleden werden vrijgelaten, lag niemand daarvan wakker. Nu verstoren ze de winterslaap van vleermuizen en beschadigen ze bomen."

De hals­band­par­kiet is een exoot en verstoort de nachtrust van vleermuizen. Maar de Vo­gel­be­scher­ming durft met het oog op haar niet kritisch te zijn.

Vogelbescherming Nederland maakt zich echter niet erg druk om de halsbandparkiet. De vereniging beschouwt deze vogel niet als een invasieve exoot. Een standpunt dat Reinhold wel kan verklaren: "De Vogelbescherming durft met oog op haar achterban helemaal niet kritisch te zijn over vogels."

Volgens hem zou de Vogelbescherming een voorbeeld kunnen nemen aan de Zoogdiervereniging. "Die is echt heel kritisch over exotische zoogdieren. Ondanks dat sommige best knuffelbaar zijn." Op haar site informeert de Zoogdiervereniging over invasieve exoten en worden de leden opgeroepen om uit te kijken, bijvoorbeeld naar wasberen.

"Ondertussen is er bij de Vogelbescherming niet eens een discussie gaande. Ik ben zelf lid, misschien dat ik daarom maar een keer naar zo'n vergadering ga."

Tekst loopt verder onder de foto

© TRBEELD

Sinds Reinhold in 2006 de tijgermug op de kaart zette, is de overheidsaanpak van invasieve exoten wel verbeterd. Maar daar was wel wat aansporing vanuit de Europese Unie voor nodig. "De EU heeft een hele belangrijke rol gespeeld", erkent hij. "Zo is er een lijst gemaakt van 49 soorten, die allemaal aangepakt moeten worden." Het bezitten, handelen in, kweken of transporteren van bijvoorbeeld waterteunisbloem, beverrat of huiskraai is sinds 2017 verboden in de EU. "Die maatregel is een goede stok achter de deur voor de Nederlandse overheid."

Die lijst is echter verre van compleet. De tijgermug en halsbandparkiet ontbreken bijvoorbeeld en dus blijft Wilfred Reinhold doorgaan met zijn strijd. En daar heeft hij veel voor over: "Ik ben minder gaan werken om meer tijd te hebben voor de invasieve exoten." Momenteel besteedt Reinhold drie dagen per week aan zijn exotenhobby, zoals hij het zelf noemt. De rest van de week is hij werkzaam als milieujurist.

Een hobby waardoor hij nu anders naar de natuur kijkt: "Als ik even rondfiets let ik wel extra op de Japanse duizendknoop of de reuzenberenklauw. Ook halsbandparkieten vallen mij veel vaker op. Door deze hobby heb ik er een derde oog voor gekregen."

De publieke strijd tegen de invasieve exoot voert Reinhold weliswaar alleen, maar niet eenzaam. Achter de schermen krijgt hij bijvoorbeeld wel wat steun. "Wouter van der Weijden (directeur van de Stichting centrum voor Landbouw en Milieu) leest mijn persberichten en suggereert verbeteringen." Op Twitter heeft het platform ruim duizend volgers. "Er zijn in elk geval mensen die het interessant vinden wat ik doe." Ook zijn eigen familie biedt hem veel steun.

Deze strijd voer ik voor de komende generaties. Voor de toekomst.

Wilfred Reinhold

En voor zijn nageslacht doet hij het vooral. "Deze strijd voer ik voor de komende generaties. Voor de toekomst. Want dat is lastige van het aanpakken van invasieve exoten, het vereist een ruime toekomstblik."

Tekst loopt verder onder de foto

© Anya Lit000

Lelystad

Als een invasieve exoot zoals de tijgermug zich ergens heeft gevestigd is het heel moeilijk om die populatie nog te verwijderen, weet Reinhold. "In Italië zijn ze veel te laat begonnen met de bestrijding van de tijgermug en daar worden nu mensen van de terrassen gejaagd door muggen."

Ook een andere tropische muggensoort dreigt zich in Nederland te vestigen: de Aziatische bosmug is in groten getale in Lelystad en omgeving gesignaleerd. Net als de tijgermug kan ook dit insect ziekten verspreiden. De kans op besmetting is volgens de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), belast met de bestrijding van de mug, echter klein.

"Het wordt een hele operatie om de muggenpopulaties nog te verwijderen. Als dat niet gebeurt, zal de mug zich vanuit Lelystad verspreiden." Reinhold ziet zichzelf vooral als realist. "Vergis je niet. Als Lelystad die bosmug nog weg wil krijgen moet de NVWA haar bestrijdingsgebied flink uitbreiden. Momenteel bestrijden ze de mug alleen in volkstuintjes, maar ook woonwijken is ze gezien. De NVWA moet daarnaast beter informeren en veel beter omgaan met meldingen." Daarom pleit hij voor vroegtijdig ingrijpen: "Wie meteen ingrijpt is er misschien wat geld aan kwijt, maar op de lange termijn wordt heel veel geld bespaard."

Door fans van de halsbandparkiet wordt Reinhold beticht van natuurpurisme. Een negatieve kwalificatie? Nee, dat vindt hij niet. "Het is toch goed dat je opkomt voor de inheemse natuur? Er is een biodiversiteitsverdrag van de Verenigde Naties, dat is door Nederland ondertekend. Daarin staat iets over invasieve exoten. Dat betekent dat je verantwoordelijk bent voor de bescherming van je inheemse natuur tegen exotische soorten. Die taak mag je best serieus nemen." En dus gaat hij door tot hij niet meer kan. "Nu besteed ik al een groot deel van m'n vrije tijd aan invasieve exoten, als ik over een tijd met pensioen mag dan ga ik hier zeker mee door."

Deel dit artikel

De tijgermug deed in 2006 via het transport van de populaire kamerplant lucky bamboo. De mug kan veel ziektes veroorzaken.

Het ministerie heeft wel eens foldertjes ontwikkeld, maar die zetten het dan gewoon op de website. Niemand die ze dan ziet.

Wilfred Reinhold

De hals­band­par­kiet is een exoot en verstoort de nachtrust van vleermuizen. Maar de Vo­gel­be­scher­ming durft met het oog op haar niet kritisch te zijn.

Deze strijd voer ik voor de komende generaties. Voor de toekomst.

Wilfred Reinhold