Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Wetenschapper wordt ganzenvader en vliegt met ze mee

Groen

Joop Bouma

Michael Quetting vliegt samen met zijn ganzen. © Michael Quetting

Een Duitse vogelonderzoeker trainde jonge ganzen om hem te volgen bij vluchten met een ultralicht vliegtuigje. Hij bracht ze groot en leefde een jaar met ze samen. Daarover schreef hij een boek.

Negen vuistgrote ganzeeieren liggen in een broedmachine in de kelder van het Max Planck Instituut voor vogelkunde in Radolfzell, een stadje aan het Zuid-Duitse Bodenmeer. De temperatuur in de stoof wordt constant op 37,6 graden gehouden, de luchtvochtigheid tussen de 65 en 70 procent. Meerdere keren per dag worden de eieren automatisch gekeerd.

Lees verder na de advertentie

In de broedmachine staat een speakertje waaruit geregeld de stem van een man klinkt die voorleest uit Selma Lagerlöfs kinderboek over de avonturen van Nils Holgersson. Op andere momenten knijpt dezelfde man vlakbij de eieren op een kinderclaxon en laat hij uit het speakertje ronkende propellergeluiden van een ultralicht vliegtuigje horen.

De kuikens piepen hardvochtig als hun ganzenvader even niet in de buurt is

Die man is vogelonderzoeker Michael Quetting. Hij prent zijn nog ongeboren kroost geluiden in die de ganzen later zullen herkennen. Ganzenkuikens kunnen al horen terwijl ze nog in het ei zitten. Zo wennen ze aan de klank van hun ouders. Quetting wordt hun ganzenvader. Zijn stemgeluid, de claxon, de propellers, het zijn geluiden die de ganzen moeten leren. Hij gebruikt een brabbeltaaltje, roept wiwiwiwi en gakgakgakgak tegen de negen eieren. Naast het broedsel ligt een ongewassen T-shirt van Quetting. Dan kunnen de kuikens vast aan zijn geur wennen.

Twee dagen voordat de eieren volgens schema uitkomen, zit de wetenschapper bij de broedmachine weer een hoofdstuk uit Nils Holgersson voor te lezen. Ineens hoort hij zacht gepiep uit de eieren. “Het eerste geluid van de ganzen! Ik ben ontroerd. De eieren bewegen heel licht. Een paar millimeter heen en weer. Blijkbaar herkennen ze mijn stem.” Kort daarna breken de kuikens één voor één hun schaal open en kruipen ze tegen Quetting aan, hun ganzenvader en -moeder in één persoon verenigd.

Michael Quetting en zijn kuikens. © Michael Quetting

Quetting schreef een persoonlijk boek over een ongewoon wetenschappelijke experiment met jonge ganzen. De onderzoekers willen ganzen trainen om met een meetinstrument - een datalogger ter grootte van een luciferdoosje - op hun rug te vliegen. De instrumenten zullen gegevens vastleggen over hun vlieggedrag. Quetting zal met een ultralicht vliegtuigje de ganzen leren te vliegen met deze dataloggers.

Dampkring

De Duitse ornithologen willen meer te weten komen over de mechanica van het vliegen, over aerodynamica en over de toestand van de dampkring. Dat laatste is het hoofddoel: het registreren van weergegevens op grotere hoogte. De ganzen worden mobiele weerstations die bijvoorbeeld aan weerstations op de grond kunnen doorgeven hoe de luchtbewegingen zijn op 3000 meter hoogte boven Mongolië. Weersomstandigheden worden nu hoofdzakelijk verzameld vanaf grondstations.

Maar eerst moet Quetting zijn zeven kuikens - twee van de negen eieren komen niet uit - zien groot te brengen. Gloria is de eerste die uit het ei kruipt. Quetting schrijft dat hij de andere eieren toefluistert: “Papa is hier en wacht op jullie”. “Bij de klank van mijn stem piepen ze meteen opgewonden.”

Zijn boek beschrijft een jaar samenleven met de ganzen, van ei tot afscheid. De ganzen kiezen uiteindelijk hun eigen weg, zoals dat ook in de natuur gebeurt. Maar dan hebben ze al een schat aan data geleverd met de meetinstrumentjes op hun rug.

Direct na hun geboorte schuift Quetting de ganzen een gekleurde ring om de poot om ze uit elkaar te kunnen houden. In een caravan op het terrein van het ornithologisch instituut zal hij de kuikentjes groot brengen. Hij blijft de klok rond bij de dieren. Ze slapen ’s nachts op zijn borst, overdag onder zijn wollen trui en schijten alles onder. Ze piepen hardvochtig als hun ganzenvader even niet in de buurt is. Quetting kan het geluid niet weerstaan. Als hij ’s ochtends de caravan uitloopt, een weiland in, lopen ze in ganzenmars achter hem aan. “Keurig in het gelid. Dat kunnen ze en dat weten ze, hoewel niemand het ze heeft voor gedaan.”

© Michael Quetting

Knijpclaxon

Later gaat hij met de zeven kuikens zwemmen. Met zijn knijpclaxon houdt hij de toom bij elkaar. Hij hoeft maar één keer kort te toeteren en ze stuiven naar hem toe. Als hij de kuikens vast wil laten wennen aan het échte geluid van de propeller van zijn ultralichte vliegtuig, schrikken ze even, maar al snel malen ze er niet meer om. Als hij rustig taxiet over het gras, hobbelen ze kalmpjes met het vliegtuigje mee.

Gezamenlijk stormen we over de startbaan. De eerste die vliegt, is Nils, daarna verheft Gloria zich in de lucht en uiteindelijk zweven al mijn ganzen met een adembenemende souplesse naast me

Michael Quetting

Quetting leeft zich helemaal in in zijn rol als ganzenvader. Hij voelt een sterke band met de zeven snel groeiende watervogels. Hij schrijft: “Sinds ik samenleef met de ganzen, eet ik geen gevogelte meer. Toen een collega onlangs nasi goreng van de Chinees voor me meebracht voor de lunch, moest ik de stukjes kip laten liggen. Ik kreeg ze gewoon niet naar binnen.”

Hij ontdekt dat zijn kuikens stuk voor stuk een eigen karakter hebben. Bij de eerste serieuze vliegles rent Quetting, wild knijpend in zijn claxon, ‘met molenwiekende armen de heuvel af, gevolgd door zeven zelfbewuste ganzenpubers’. Hij ziet de ganzen hem op één meter hoogte voorbijvliegen. “Ze strekken hun halzen naar voren en hebben hun vleugels wijd uitgespreid. Mijn ganzen vliegen!” Een week later stijgen ze probleemloos tot grote hoogte, alsof ze nooit anders hebben gedaan.

© Michael Quetting

De eerste vlucht van de ganzen in het kielzog van het ultralichte vliegtuigje, beschrijft Quetting adembenemend. “Ik druk als een bezetene op de knijpclaxon, die rechts aan de stuurkolom is bevestigd. Het getoeter schalt over het grote veld, de motor begint te loeien. Gezamenlijk stormen we over de startbaan. De eerste die vliegt, is Nils, daarna verheft Gloria zich in de lucht en uiteindelijk zweven al mijn ganzen met een adembenemende souplesse naast me. Maar het vliegtuig hobbelt nog steeds over de baan, het is nog niet snel genoeg om op te stijgen. Ik ben omringd door klapwiekende vleugels en ritmisch bewegende halzen. Opeens stijgt het vliegtuig zachtjes op. Voor het eerst vliegen we samen. ‘Jippie’, laat ik me ontvallen en het komt uit de grond van mijn hart. De ganzen antwoorden met luid gegak dat ver over de weide weergalmt.”

© Michael Quetting

De wijde wereld in

Er volgen nog vele oefenvluchten, maar het lukt telkens niet om met de ganzen op voldoende hoogte te komen. Twee van de ganzen kiezen niet snel daarna hun eigen weg, op een dag zijn ze gewoon verdwenen, de wijde wereld in. Uiteindelijk besluit Quetting met een paar van de overgebleven ganzen te gaan vliegen. Hij neemt gans Paul mee op schoot in zijn ultralicht vliegtuig, het dier vindt het prima. Onderweg op grote hoogte gaat de gans staan, slaat zijn vleugels uit en besluit naast het vliegtuig mee te vliegen. “Hij is zo dicht bij me dat ik tijdens het vliegen zijn staartveren kan strelen.”

De vliegende ganzen verzamelen een schat aan data tijdens de vluchten. Het zijn, aldus Quetting, gegevens die voorheen niet bestonden. “Nu we aangetoond hebben dat dit mogelijk is, kunnen we ganzen inschakelen als levende meetboeien in de lucht. We kunnen ze heel doelgericht in bepaalde luchtlagen of turbulentiezones laten vliegen en die ook onderzoeken.”

Ook Paul zal snel daarna zijn eigen weg gaan. Twee van de ganzen zijn uitgevlogen naar een pretpark in de buurt, waar ze leven met een groep soortgenoten. Quetting vertelt in een e-mail dat hij ze nog geregeld ziet. “De school van mijn dochter is naast dat pretpark en ik ga vaak even bij de ganzen langs om ‘hallo’ te zeggen, ze zijn inmiddels volwassen en hebben hun eigen familie. Ze trekken zich niets aan van hun oude menselijke vader en voor mij is dat een teken dat ik het goed heb gedaan. Paul heb ik nooit meer teruggezien. Een collega-ornitholoog heeft Gloria deze zomer door een verrekijker gespot in het Bodenmeer, met een vrouwtje en vijf kuikens.”

Quetting en zijn collega’s werken nog aan wetenschappelijke publicaties over hun experiment. Eind dit jaar worden die gepubliceerd.

© Michael Quetting

‘Opeens ganzenvader’
Geschreven door Michael Quetting, vertaling Davida van Dijke. 240 blz. 18,99 euro. A.W. Bruna Uitgevers.

Deel dit artikel

De kuikens piepen hardvochtig als hun ganzenvader even niet in de buurt is

Gezamenlijk stormen we over de startbaan. De eerste die vliegt, is Nils, daarna verheft Gloria zich in de lucht en uiteindelijk zweven al mijn ganzen met een adembenemende souplesse naast me

Michael Quetting