Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Tuincyclamen staan graag onder een boom of struik

Groen

Roze en witte Cyclamen. Foto: Jörgen Caris

Droge grond, schaduw in de zomer en een schepje kalk op z'n tijd. Als je weet wat tuincyclamen nodig hebben, zijn het geen lastige planten.

De cyclaam kennen we als kamerplant, maar ze zijn er ook als tuinplant. Die hebben kleinere bloemen dan de vensterbankvariant, maar dat is in hun geval bepaald geen nadeel - het maakt ze 'liever'.

Van de ongeveer twintig soorten cyclamen die er zijn, zijn er twee die het in Nederlandse tuinen prima doen en daarom het meest worden verkocht: de in het najaar bloeiende Cyclamen hederifolium en Cyclamen coum die dat een paar maanden later doet. Nu dus.

Cyclamen zijn knolgewassen die van nature in Zuid-Europa en Klein-Azië voorkomen. Die met de achternaam coum komen uit het gebied ten zuiden van de Zwarte Zee en Klein-Azië. Hun bijna ronde blaadjes zijn vaak effen groen, maar ook zilvergrijs gemarmerd en soms zelfs helemaal grijs, of grijs met een groene rand. Ze bloeien van januari tot april met bloemen die wit kunnen zijn en karmozijnrood, en verder alles wat daar tussenin zit.
Tuincyclamen blijven laag bij de grond en breiden zich, als je geluk hebt, langzaam uit. Als je geluk hebt.... cyclamen zijn namelijk nogal grillig van aard. Dat kan een reden zijn om ze niet te nemen, maar je kunt het ook zien als een uitdaging. En als je weet welke verzorging ze nodig hebben, wordt het alleen maar makkelijker.

Laten we daarom eens kijken waar deze wispelturige dames zich prettig bij voelen. In hun land van herkomst zijn de zomers zo heet, dat ze hebben afgesproken om tegen die tijd ondergronds te gaan en hun bloeitijd te beperken tot de koudere maanden. Nu begrijpen we ook waarom ze vaak aan de voet van een boom of struik worden geplant - daar is de grond droog en worden de planten 's zomers beschut door het bladerdak. Na het planten willen ze niet meer gestoord worden, dus geef ze een plek waar niet gespit of geschoffeld wordt.

Cyclamen worden, behalve als zaad, verhandeld als potplant en als droge knol. Het voordeel van potplanten is dat je kunt zien welke kleur het blad en de bloem hebben. Bovendien hebben potplanten een grotere kans om aan te slaan dan knollen. Al was het maar omdat je aan de knollen niet kunt zien of ze voor of tijdens het transport vanuit Turkije beschadigd zijn geraakt.

Ga je toch voor knollen, neem dan kleintjes met een omtrek van 10, 13 of 15 cm, adviseert C. van Roon van bloembollenhandel C.S. Weijers. "Hoe ouder de knol, hoe moeilijker hij aan de gang komt." Een bijkomend probleem van knollen planten is dat het moeilijk te zien is wat de bovenkant en wat de onderkant is. Volgens Van Roon is de bovenkant van C. hederifolium een beetje kraterachtig en heeft die van C. coum aan de bovenkant een kleine oneffenheid. Als je de knollen een beetje scheef plant, zegt hij, zit je altijd goed. En ook op hun kop komen ze heus wel op, alleen hebben ze dan langer werk.
De meeste cyclamen komen uit Turkije. Miljoenen knollen zijn daar, legaal en illegaal, uit het wild opgegraven en verhandeld. Omdat ze vaak met een hooivork werden opgeschept of hardhandig uit de grond getrokken, raakte een groot deel beschadigd en kregen schimmels vrij spel. Om deze praktijken een halt toe te roepen, worden cyclaamkwekerijen in Turkije steeds meer gestimuleerd om de planten uit zaad op te kweken. Bovendien is in Nederland, dat een belangrijk doorvoerland is voor cyclaamknollen, de regelgeving verscherpt. Van Roon: "Van de geboorte tot aan het graf moet je tegenwoordig kunnen laten zien waar de knollen vandaan komen."

De knollen van Cyclamen coum houden van humusrijke en goed gedraineerde grond, waar de nattigheid vooral 's winters niet al te lang blijft liggen. Is de grond niet droog genoeg, werk dan wat steenslag of grit door de aarde. Doe er wat potgrond en kalk of beendermeel bij en plant de knollen vooral niet te diep - de bovenkant hoeft maar net onder de grond te zitten.

Na de bloei rolt de bloemstengel zich op. Aan het eind daarvan ontwikkelt zich de doosvrucht, die uiteindelijk openbarst. De zaadjes kun je opvangen, drogen en in potjes uitzaaien. Verwacht niet meteen een bloemenzee, want het kan jaren duren voordat de planten beginnen te bloeien. Natuurlijk kun je de kiemplantjes die uit het zaad opkomen ook gewoon laten staan. Behalve uit zaad is de plant ook te vermeerderen door de knol in stukken te snijden. Doe het wel zo dat er op alle delen ogen zitten. Zodra de snijwonden opgedroogd zijn, kunnen de stukken knol worden opgepot.

In de zomer sterft het blad af en zijn de planten niet meer te zien. Liggen de knollen onder een boom die in de herfst zijn blad verliest, dan krijgen ze vanzelf een nieuw laagje humus. Is die boom er niet, geef ze dan elk jaar een laagje bladaarde en extra kalk. Niet alleen omdat ze dat lekker vinden, maar ook omdat de knollen zich na elke bloei omhoog werken en dus opnieuw toegedekt moeten worden.

In tuincentra zijn tuincyclamen maar mondjesmaat te krijgen, maar via internet is de keus in zowel planten als zaad onbeperkt. Enkele betrouwbare adressen zijn www.bravenboer.tk en www.florima.nl.

Lees verder na de advertentie
Na de bloei rollen de bloemstengels zich op. Foto: Jörgen Caris

Trouw.nl is vernieuwd. Vanaf nu is onbeperkte toegang tot Trouw.nl alleen voor (proef)abonnees.


Wilt u dit artikel verder lezen?

Maak vrijblijvend een profiel aan en krijg gratis 2 maanden toegang.

Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kun je vinden in je inbox.
Ben je de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Ongeldig e-mailadres

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Wij gaan vertrouwelijk om met uw gegevens. Lees onze privacy statement.

Deel dit artikel

Advertentie