Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Om uitsterven te voorkomen zaaien onderzoekers zeldzame planten op 'pleegakkers'

Groen

Kirsten Dorrestijn

Peter Verbeek probeert oude akkerplanten terug te krijgen in de Nederlandse natuurakkers. © Koen Verheijden
reportage

Akkers met klaprozen en korenbloemen, het is een tafereel dat bijna nergens meer te zien is in Nederland. Op zogenoemde 'pleegakkers' zaaien onderzoekers zaden van zeldzame akkerplanten in om te zorgen dat ze niet uitsterven.

Kijk, daar staat korensla", zegt Peter Verbeek, en hij duikt vanaf de rand van een akkerveld op zijn knieën tussen het lichtgroene rogge. Met zijn handen gaat hij door de gele bloemetjes die net uit de knop zijn. "Dit plantje is internationaal ernstig bedreigd. In Nederland zijn nog maar zo'n twintig groeiplaatsen."

Lees verder na de advertentie

We zijn aan de rand van een natuurakker in ecozone De Klomp, vlak bij de spoorlijn tussen Ede-Wageningen en Utrecht. "Zes jaar geleden was dit nog een gewone maisakker die werd bemest en bespoten", vertelt Verbeek even later. "Ter compensatie van de verloren natuur door het nieuwe industrieterrein is dit omgevormd tot natuur."

Hier en daar steekt het rood van klaprozen fel af tegen de lichtgroene achtergrond

Tussen de jonge sprieten rogge wordt langzaam een blauwe waas zichtbaar van net ontsproten korenbloemen. Hier en daar steekt het rood van klaprozen fel af tegen de lichtgroene achtergrond. "En dit is stofhak", zegt Verbeek vanaf zijn knieën. Hij wijst op een pluimpje gras. "Een zeldzaam grasje." In de akker krioelt het van de hommels, bijen, zweefvliegen en rozenkevers.

Verbeek, mede-eigenaar van ecologisch adviesbureau Natuurbalans-Limes Divergens, probeert sinds zes jaar oude akkerplanten die op uitsterven staan terug te krijgen op de Nederlandse natuurakkers. Dat doet hij samen met het Louis Bolk Instituut door zogenoemde 'pleegakkers' in te richten: hij verzamelt zaden van de laatst overgebleven groeiplaatsen van oorspronkelijke akkerflora, kweekt die op, verspreidt ze over de pleegakkers en begeleidt boeren en natuurorganisaties om hun akkers zo te beheren dat de zaden tot bloei komen. Er zijn inmiddels meer dan honderd pleegakkers in Nederland, in het bezit van onder andere Utrechts Landschap, Brabants Landschap, Limburgs Landschap, Natuurmonumenten en verschillende provincies.

Valse kamille © Koen Verheijden

Sinds de komst van kunstmest, het gebruik van zware machines en pesticiden is het hard achteruitgegaan met de Nederlandse akkerflora. Zeker zestig van de honderd karakteristieke soorten zijn bedreigd en elk jaar sterven er plaatselijk soorten uit. Het is het meest bedreigde floratype van Nederland. "De meeste kinderen hebben dit nog nooit gezien", zegt Verbeek, turend over het tafereel voor ons. "Ook dorpskinderen niet. Veel akkerplanten komen nog maar op een of twee plekken in Nederland voor. Wilde weit was vroeger een heel algemene soort, nu groeit hij nog maar op één locatie in Limburg. Voor wilde ridderspoor geldt hetzelfde, net als voor akkerboterbloem, naaldenkervel en klein spiegelklokje."

Moderne boeren weten niet hoe ze het land moeten bewerken om zeldzame akkerkruiden te laten ontkiemen. "Door alleen geen herbiciden te gebruiken, ben je er nog niet", zegt Verbeek. "Er komt vakmanschap bij kijken, beheerkennis van vóór dat er herbiciden bestonden." Zelfs bij natuurorganisaties die subsidies krijgen voor hun natuurakkers is die kennis vaak niet aanwezig. "Natuurorganisaties hebben duizenden hectaren natuurakker in bezit", vertelt Verbeek, "maar ecologisch gezien zijn die vaak niks waard. Veel natuur-akkers zijn niet te onderscheiden van normale akkers. Behalve dat er geen herbiciden worden gebruikt, worden de akkers vaak op dezelfde manier bewerkt."

Daarbij komt dat de akkerplantenzaden die in de handel aangeboden worden en die veel boeren inzaaien meestal geen oorspronkelijke soorten zijn, maar gecultiveerde varianten. Verbeek grijpt naar een korenbloem en houdt hem vlak onder de kroonbladeren vast. "Echte, wilde korenbloem, zoals deze, is bedreigd. Het is een Rode Lijst-soort. In de winkel worden zaden van dubbele korenbloem verkocht, een variant met een brede rij bloembladeren. Die is niet authentiek." Voor klaprozen geldt eenzelfde verhaal.

Korenbloem © Koen Verheijden

Authentieke zaden

Het pleegakkerproject begon in 2012, toen Natuurbalans samen met de partnerorganisaties een subsidie kreeg van de provincie Brabant om kennis op te bouwen over het beheren van natuurakkers en om akkers te herstellen met authentieke zaden. "Er waren op dat moment maar vijf oude, originele akkers in Brabant en Limburg waar we zaden konden oogsten voor een basismengsel van korenbloem, klaprozen, gele ganzenbloem en verschillende kamilles", zegt Verbeek. "Op akkers van boeren en natuurbeheerders die het toevallig goed deden of nog wisten hoe ze een authentieke natuurakker moesten onderhouden. Inmiddels hebben we door de verspreiding via pleegakkers meer plekken waar we zaden kunnen oogsten." De onderzoekers zaaien deze basismengsels in grote hoeveelheden in op nieuwe pleegakkers. Zaden van de meest bedreigde soorten strooien ze aan de randen van de akkers, waar het meeste licht komt.

Mensen stappen van hun fiets als ze langs zo'n akker komen. En in Limburg zag ik dat pleegakkers werden gebruikt voor trouw­re­por­ta­ges

Peter Verbeek

De laatst overgebleven groeiplaatsen van die zeldzame soorten zijn vaak te vinden op begraafplaatsen, bermen en spooremplacementen. "Daar zitten nog weleens relicten van oude akkerplanten in de grond." De medewerkers van Natuurbalans sporen die plekken op met behulp van een digitale database met waarnemingen van planten. Ze oogsten de zaden met de hand. Omdat veel akkerplanten bij wet beschermd zijn, hebben ze een ontheffing om ze te mogen verzamelen.

De tijd vóór kunstmest

Het Louis Bolk Instituut doet onderzoek naar de manier van bewerken van de akkers die de zaden nodig hebben om tot bloei te kunnen komen. Medewerker Udo Prins houdt interviews met boeren die nog kennis hebben van een tijd vóór kunstmest en herbiciden. Het beheer luistert heel nauw, is gebleken. "Op zandgrond hebben we het inmiddels behoorlijk in de vingers", vertelt Prins, "en op kleigrond gaat het ook steeds beter. Voorheen dachten beheerders dat akkerplanten vooral schrale grond nodig hebben, maar dat blijkt niet helemaal te kloppen. Het is de kunst om de juiste hoeveelheid vaste mest of compost toe te voegen om de akkerzaden te laten ontkiemen."

Korensla © Koen Verheijden

Prins en collega's ontdekten de afgelopen jaren dat het land de eerste drie jaar beter niet kan worden omgeploegd. Bewerken met een schijf-eg en cultivator om de wortels van kweek en distels los te maken, kan wel. Het graan moet elk jaar geoogst worden, anders ontkiemen er te veel graanzaden die de akkerplanten wegconcurreren. En zomerteelt kan het best worden afgewisseld met winterteelt. De onderzoekers maken van elke nieuwe pleegakker een profiel van de grond en een plan van aanpak . Zodra de beheerders het zelf in de vingers hebben, kunnen ze de zaden verspreiden over andere natuurakkers die de natuurorganisatie in bezit heeft.

Natuurbalans krijgt veel aanvragen van natuurorganisaties en provincies voor begeleiding van pleegakkers. Verbeek: "We moeten het soms zelfs een beetje afhouden, anders kunnen we het niet aan".

De waarde van de pleegakkers ligt vooral in het ruimte geven aan de zeldzame akkerplanten. Het oogsten van de granen (graan, rogge, gerst) doen de meeste natuurorganisaties niet; de percelen zijn te klein om daaruit winst te halen. Ook fauna zoals kwartels, patrijzen en geelgorzen profiteren van de bloemrijke en insectrijke akkers. Daarnaast genieten mensen ervan. "Mensen stappen van hun fiets als ze langs zo'n akker komen", heeft Verbeek gemerkt. "En in Limburg zag ik dat pleegakkers werden gebruikt voor trouwreportages."

Lees ook: Een op de vijf plantensoorten met uitsterven bedreigd

Planten zijn essentieel voor onze gezondheid, en dat één op de vijf soorten met uitsterven wordt bedreigd, baart de Royal Botanic Gardens (RBG) dan ook zorgen. De Britse organisatie - 's werelds oudste botanische tuin - heeft in 2016 voor het eerst in kaart gebracht hoe de flora er wereldwijd voorstaat.

Deel dit artikel

Hier en daar steekt het rood van klaprozen fel af tegen de lichtgroene achtergrond

Mensen stappen van hun fiets als ze langs zo'n akker komen. En in Limburg zag ik dat pleegakkers werden gebruikt voor trouw­re­por­ta­ges

Peter Verbeek