Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nederlandse economen pleiten voor CO2-taks, anders is het klimaatakkoord verloren

Groen

Esther Bijlo

© STUDIO VONQ

De uitstoot van CO2 moet serieus geld gaan kosten, adviseren Nederlandse economen het kabinet. Anders komt gevaarlijke opwarming dichtbij.

Zonder een koolstofdioxideheffing maken de doelen uit het klimaatakkoord van Parijs geen enkele kans. Een belasting op CO2 is absoluut noodzakelijk om de aarde te behoeden voor 3 à 4 graden opwarming. En Nederland kan en moet daarin het voortouw nemen. Die oproep doen Nederlandse economen vandaag aan minister Wiebes van economische zaken en klimaat. De goede raad staat in de zogeheten Preadviezen die het kabinet ieder jaar rond deze tijd van de Nederlandse economengemeenschap ontvangt. Dit keer zijn die helemaal gewijd aan het klimaat en opvallend eensgezind: zet een serieuze prijs op de uitstoot van broeikasgassen.

Lees verder na de advertentie

De economen constateren dat er een levensgroot probleem is. In het klimaatakkoord van Parijs, uit 2015, zijn doelen afgesproken om de opwarming van de atmosfeer tot 2 graden, liefst 1,5 graad, te beperken. Het is tijdens opeenvolgende klimaatberaden en ook in Parijs niet gelukt harde afspraken te maken. Dat komt omdat het klimaat een ‘mondiaal publiek goed’ is, legt hoogleraar Jeroen van den Bergh in de adviesbundel uit. Beleid van de goedwillenden lijdt onder freerider-gedrag: zij die niets doen, profiteren gratis van de inspanningen van anderen. Een setje ‘vrijwillige en niet gecoördineerde en dus tamelijke willekeurige beloftes’ is het gevolg.

Het beprijzen van milieuschade mag dan een typische eco­no­men­op­los­sing zijn, ik hoop op steun vanuit de sociale wetenschappen

Jeroen van den Bergh

Dit ‘ineffectieve klimaatverdrag’ zal de uitstoot in de wereld nauwelijks omlaag brengen en rond 2100 een temperatuurstijging van 3,2 en mogelijk 4 graden opleveren. Dat landen zelf bepalen hoe ze de Parijse ambities halen, zonder beleid op elkaar af te stemmen, is een zeer zwakke schakel in het tegengaan van gevaarlijke klimaatverandering, constateert Van den Bergh, hoogleraar in Barcelona en aan de VU in Amsterdam. Een prijskaartje aan koolstofdioxide hangen is een snelle en effectieve manier om uit deze impasse te komen. Het is eigenlijk een vorm van ‘gedecentraliseerd overheidsbeleid’, stelt Van den Bergh.

Economenoplossing

Het beprijzen van milieuschade mag dan een typische economenoplossing zijn, Van den Bergh hoopt op steun vanuit de sociale wetenschappen. Die varen wat hem betreft te veel op het milieubewustzijn van de consument. Dat mag best gestimuleerd, maar is volgens de hoogleraar geen oplossing voor het klimaatprobleem, gedrag is juist de oorzaak. Ook ander beleid zoals het aanjagen van innovatie en subsidies uitdelen aan hernieuwbare energie, werkt hooguit aanvullend op een CO2-taks.

Gaan de lagere inkomens niet onevenredig opdraaien voor zo’n heffing? Het idee is immers dat producten die met veel CO2-uitstoot zijn geproduceerd duurder worden. Juist niet, stelt Van den Bergh, het kan ‘een van de meest rechtvaardige instrumenten voor klimaatbeleid opleveren’. Nu is het zo dat groen beleid eerder de meerbedeelden ten goede komt. Denk aan subsidies op zonnepanelen, stimuleren van elektrisch rijden en landeigenaren die subsidies voor windmolens binnenhalen. Het mooie van een CO2-prijs is dat die geld in de schatkist laat vloeien. Daarmee is de inkomstenbelasting te verlagen. Dat zou ook goed zijn voor het draagvlak. Burgers steunen een heffing eerder als duidelijk is waar het geld voor wordt gebruikt.

Concurrentiekracht

Of Nederland op eigen houtje een CO2-belasting moet invoeren en maar hopen dat anderen volgen, daar is discussie over. Onderzoek van De Nederlandsche Bank liet onlangs zien dat de negatieve effecten van een eigen beleid, zoals verlies van concurrentiekracht in de zware industrie, meevallen. Universitair hoofddocent Steven Poelhekke betoogt dat ook in de adviezen, anderen vallen hem bij. Bovendien zijn er al landen die vormen van koolstofdioxidebeprijzing invoeren, zoals het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Zwitserland.

Het beste zou zijn als Nederland, met de ambitieuze klimaatdoelen die het zichzelf gesteld heeft, het initiatief neemt een ‘klimaatclub’ op te richten, stelt Van den Bergh. In die club zouden landen eenzelfde brede koolstofdioxideheffing moeten hanteren, landen buiten de club zouden de nadelen moeten voelen geen lid te zijn. De club zou importtarieven voor koolstofintensieve producten kunnen heffen. Het is zaak, vindt hij, de wereldhandelsorganisatie WTO ertoe te bewegen hier een uitspraak over te doen. Een klimaatclub die duidelijk voordelen voor de leden biedt, kan snel groter worden en kan een parallel spoor zijn naast de klimaatonderhandelingen.

Het is niet realistisch te doen alsof de groene economie een grote banenmotor is

Marjan Hofkes

De economen wijzen er nog op dat een CO2-heffing snel nodig is en oplopend moet zijn. Rick van der Ploeg, hoogleraar aan de Universiteit van Oxford, becijfert dat de CO2-prijs in 2020 ten minste 40 tot 80 euro per ton kooldioxide zou moeten zijn, en met 2 tot 5 procent per jaar moet stijgen. Een oplopend tarief geeft zekerheid en zorgt ervoor dat bedrijven zich op de lange termijn kunnen instellen en investeren in schone technieken. Bij te veel talmen en een te lage prijs kan daarnaast de ‘groene paradox’ optreden. Dan gaan fossiele bedrijven hun brandstoffen ongestraft dumpen op de markt zodat zij voor zichzelf het risico verkleinen van stranded assets, voorraden die onder de grond blijven.

‘Klimaatbeleid hoeft geen banen te kosten’

Het verdwijnen van fossiele industrie zoals kolen, olie en gas en zware industrie, kost banen, maar daar staat nieuwe werkgelegenheid tegenover in de groene sector, betoogt hoogeraar Marjan Hofkes van de Vrije Universiteit. Het is niet realistisch te doen alsof de groene economie een grote banenmotor is, maar per saldo hoeft het aantal banen niet te lijden onder ambitieus groen beleid. Als daarnaast milieuheffingen worden ingezet om arbeid goedkoper te maken kan er zelfs werkgelegenheid bijkomen. Wel ontstaan op korte termijn fricties op de arbeidsmarkt. De groene banen vragen andere kennis en vaardigheden en dan de krimpende fossiele werkgelegenheid. Dat probleem is al merkbaar in de bouw en installatiesector, constateren hoogleraar Henri de Groot en Ton van der Wijst van de Ser. Er is nu al een grote vraag naar monteurs en technici. De komende jaren wordt een tekort van 15.000 mensen verwacht, op alle niveaus. Netbeheerders kampen ook al met te weinig geschikte werknemers.

Hieronder enkele van de Preadviezen van Nederlandse hoogleraren economie:

Rick van der Ploeg, hoogleraar aan de Universiteit van Oxford:

“De klimaattafels zijn een ramp voor het klimaatbeleid. Ze scheppen veel te hoge verwachtingen, maximeren de lobby’s van bestaande vervuilers om zelf niet te veranderen of niet voor de energietransitiekosten op te draaien, leiden tot verkeerde keuzes om uitstoot te verminderen, en zijn absurd duur. Het is daarom zaak dat minister van financiën Wopke Hoekstra ingrijpt en duidelijkheid en zekerheid verschaft door een serieuze oplopende CO2-belasting af te kondigen en in te voeren – in plaats van een pot met subsidies open te trekken voor technologieën waar de overheid geen verstand van heeft.”

Steven Poelhekke, universitair hoofddocent aan de Vrije Universiteit Amsterdam:

“Vanuit het perspectief van klimaatbeleid lijkt het erop dat bedrijven, en vooral energie-intensieve bedrijven, uit de wind worden gehouden omwille van de concurrentiepositie en werkgelegenheid. Beprijzing van CO2 kan leiden tot een verlies aan concurrentiepositie met handelspartners, maar uit de literatuur blijkt dat dit risico niet moet worden overdreven.”

Cees Withagen, emeritus hoogleraar en Gerard van der Meijden, universitair docent VU Amsterdam:

“Bij het ontbreken van een correcte beprijzing van CO2 en bij het op grote schaal subsidiëren van alternatieve energiebronnen, moet er rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat landen die fossiele brandstoffen aanbieden, deze gaan dumpen.”

Lees ook:

CO2-belasting niet slecht voor de economie

Help je met extra heffing op uitstoot van kooldioxide niet de economie om zeep? Dat valt reuze mee, zegt De Nederlandsche Bank

‘We doen lang niet genoeg tegen klimaatverandering, maar er zijn nog zat knoppen om aan te draaien’

Met de beloftes die ieder land nu gedaan heeft, stevent de wereld af op een opwarming van drie graden. Kunnen staten die ambities komende maand op een conferentie in Katowice nog aanscherpen? Klimaatexpert Detlef van Vuuren is voorzichtig optimistisch: ‘Er zijn knoppen zat om aan te draaien.’

Deel dit artikel

Het beprijzen van milieuschade mag dan een typische eco­no­men­op­los­sing zijn, ik hoop op steun vanuit de sociale wetenschappen

Jeroen van den Bergh

Het is niet realistisch te doen alsof de groene economie een grote banenmotor is

Marjan Hofkes