Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Multifunctionele landbouw op de Zonnehoeve: van zorg tot brood en natuurbeheer

Groen

Marten van de Wier

Piet van IJzendoorn: ‘Je moet geen zorg gaan verlenen voor het geld. Je moet blij worden van het omgaan met die mensen.’ © Hanne van der Woude
De Staat van de Boer

Maar weinig agrariërs voelen voor een verbreding van hun bedrijf met een bakkerij, toerisme of natuurbeheer, blijkt uit ‘De Staat van de Boer’. Maar Piet van IJzendoorn redde er de Zonnehoeve mee.

Boer Piet van IJzendoorn opent een deur, de geur van vers brood walmt hem tegemoet. Binnen klopt een bakker keurend op een tienzadenbol. Een collega met een volle baard schraapt een van de kneedmachines schoon. En de 25-jarige Mitch snijdt koffiebroodjes van een grote rol deeg. Hij stalt ze uit op een bakplaat. “Dat wordt een cadeau voor mijn moeder. Dat moet ik eerst even afmaken. Anders heb ik te veel aan mijn hoofd”, zegt hij. Buiten grazen de koeien.

Lees verder na de advertentie

We zijn op het erf van de Zonnehoeve in de Flevopolder, bij Zeewolde. Van IJzendoorn en zijn compagnons leven allang niet meer van het ‘boeren’ alleen. Sinds 1990 heeft de Zonnehoeve een bakkerij (‘Het Zonnelied’), waar de eigen tarwe wordt verwerkt tot smakelijk biologisch brood. En er wonen zo’n tien jongeren en jongvolwassenen met diagnose in het autistisch spectrum of een psychologisch probleem. Ze worden begeleid door medewerkers die zowel in de zorg als de landbouw geschoold zijn. Twintig andere cliënten komen hier regelmatig als dagbesteding, onder wie Mitch, die al jaren in de bakkerij helpt. “Ik ben graag creatief bezig, en dat kan hier”, zegt hij, als hij de koffiebroodjes voor zijn moeder in de oven zet.

Meer dan 60% van de boeren wijst ‘verbreding’ van het bedrijf af

Zorgboerderij

Zorg en brood, het zijn maar twee voorbeelden uit het brede palet aan activiteiten van de Zonnehoeve. Boerenzoon Van IJzendoorn begon het bedrijf in 1982. Zijn keuze voor een biologisch-dynamisch bedrijf was toen al een bijzondere. “Ik wilde aan conventionele collega’s laten zien: het kan wel zonder kunstmest en bestrijdingsmiddelen”, zegt Van IJzendoorn. “En zonder dat je dag en nacht op je knietjes onkruid zit te wieden.” Zijn biologisch-dynamische visie bepaalde ook zijn keuze voor een gemengd bedrijf: de strorijke potstalmest van zijn koeien (voor gangbare boeren eerder een probleem dan een grondstof) heeft Van IJzendoorn nodig voor zijn akkers. “De koeien eten planten die wij niet kunnen eten – grasklaver – en zetten die om in mest, die goed is voor het bodemleven”, doceert Van IJzendoorn.

Van IJzendoorn begon met zestig melkkoeien (die aan het eind van hun loopbaan geslacht worden voor het vlees) en akkers met tarwe en groentegewassen. Door de jaren heen werd zijn gemengd bedrijf steeds ‘gemengder’. Nu is Zonnehoeve een voorbeeld van succesvolle multifunctionele landbouw, ook voor gangbare boeren die kiezen voor extra activiteiten: zoals zorg­boerderij, camping of een boerderijwinkel.

“Volgens bedrijfseconomische ideeën is de gangbare landbouw onrendabel”, stelt Van IJzendoorn. “Je werkt je het apezuur, en het wordt niet beloond. Nederlanders geven heel weinig geld uit aan voedsel. Het zakje rond de aardappel is soms duurder dan de aardappel zelf. Dat komt doordat we een overschotmarkt zijn, met heel veel aanbieders en een paar machtige afnemers.”

Van IJzendoorn kiest al jaren voor verbreding in plaats van schaalvergroting. Daardoor gaat het de Zonnehoeve beter af dan veel conventionele boerenbedrijven, denkt hij. “De ellende daar is niet te overzien. Het is niet zo dat wij nu een heel rijk leven leiden. Maar we zijn met z’n zeventienen, en iedereen heeft een goede boterham van de boerderij.” Hoe goed die boterham belegd is? “Iedereen verdient een bedrag dat vergelijkbaar is met een cao-loon”, zegt Van IJzendoorn. “Voor veel boeren geldt dat niet.” Zes van de zeventien medewerkers zijn inmiddels als ondernemer ingestapt in het bedrijf, terwijl Van IJzendoorn, die de zeventig nadert, steeds meer op de achtergrond treedt. De jaaromzet van de boerderij is zo’n twee miljoen euro.

Elke tak van de Zonnehoeve is inmiddels even noodzakelijk voor het geheel

Grote grazers

Voor wie de eenvormigheid van de grote Brabantse varkensstallen of Westlandse kassen kent, is het wat rommelige, levendige erf van de Zonnehoeve een feest. Fruitbomen en een kippenhok staan naast de koeienstal. Achter de bakkerij ligt een ruimte die te huur is voor bijeenkomsten. Er ligt een gebouw met zorgappartementen. En een huis waar binnenkort tienermoeders met hun baby’s op adem kunnen komen. Van IJzendoorn heeft nog meer ideeën. “Hier kan een huis met acht seniorenwoningen komen.”

In een ronde omheining in de open lucht staat een groep merries met veulens. De paarden van de Zonnehoeve onderhouden al sinds de jaren tachtig terreinen van Staatsbosbeheer. Van de honderd staan er zo’n zestig in de natuur, waar ze functioneren als ingehuurde ‘grote grazers’. Ook dat levert geld op. Na vier jaar komen ze terug op de boerderij, en worden ze als rijpaard getraind. “Soms wordt er een voor een mooi bedrag verkocht. Dat is de slagroom op de taart”, zegt Van IJzendoorn.

Een grote wedstrijdmanege was in 2003 een logische uitbreiding. In veertig boxen ernaast kunnen particulieren hun paarden stallen. Het paardensportcentrum trekt bezoekers uit de wijde omgeving. Dat die ook weer bekend raken met het biologische assortiment uit de boerderijwinkel, is mooi meegenomen. “Het is niet zo dat we flyeren, hoor. Maar ik denk dat het helpt dat ze ons kennen”, zegt Van IJzendoorn. Een vrouw loopt voorbij, met een paard aan de teugel. Medewerker, cliënt of bezoeker, bij de Zonnehoeve weet je het nooit. “Iedereen is gelijkwaardig, we laten alles door elkaar lopen”, zegt Van IJzendoorn.

Onafhankelijk

Elke tak van de Zonnehoeve is inmiddels even noodzakelijk voor het geheel. Van IJzendoorn kan niet zeggen wat het meeste geld oplevert. “Alles hangt met alles samen. We zouden niet meer zonder de zorg kunnen. Maar ook niet zonder koeien, paarden of akkers. Dat cliënten van waarde kunnen zijn op de boerderij, meeleven met de dynamiek van een reëel bedrijf, dat werkt”, vertelt Van IJzendoorn.

De Zonnehoeve probeert ook een steeds groter deel van de keten in eigen hand te houden. De zuivel gaat via een kleine corporatie naar de winkels, en niet meer via Friesland-Campina. De boerderij verkoopt vlees en andere producten zoveel mogelijk via de eigen webwinkel Hofweb.nl. En de eigen bakkerij zorgt dat de boerderij onafhankelijk is van de broodindustrie.

“Wij leveren veel producten direct aan de burgers. Ja, dat is financieel aantrekkelijk”, bevestigt Van IJzendoorn. “Maar het is niet zo dat wij gouden broodjes bakken. Brood levert meer op dan tarwe, maar het kost ons ook wat. De arbeidskosten zijn voor ons hoger dan in een broodfabriek.” Ook de Zonnehoeve heeft last van de hoge grondprijzen in de landbouw: daardoor loopt de pacht op.

Ook de Zonnehoeve ontkomt dus niet aan de tucht van de markt. Maar de boerderij is wel minder afhankelijk van toeleveranciers en afnemers. Ook de spreiding van activiteiten zorgt dat het bedrijf niet snel financieel klem komt te zitten. “Als het bij ons moeilijk gaat, kunnen we met creatieve oplossingen komen”, zegt Van IJzendoorn. “Een gangbare boer heeft vaak te maken met processen die volledig zijn vastgelegd.”

Hij adviseert boeren dan ook van harte om zich te verbreden. “Kijk vanuit je hart wat bij je past. Je moet geen zorg gaan verlenen voor het geld. Je moet blij worden van het omgaan met die mensen, en je er niet aan ergeren als er een fiets op het erf in de weg ligt.”

Nóg vier manieren om te overleven

Boeren zijn kwetsbaar als zij slechts één product leveren. Door te diversifiëren kunnen boeren hun risico’s spreiden. Duikt de prijs voor varkensvlees, dan drijft de boerderij op de landbouwproducten, de zorg of het toerisme. Maar er zijn meer mogelijkheden om aan een bedrijfssluiting te ontsnappen. 

1. Innovatie met een nieuw product

Het bedrijf Koppert Cress in het Westland heeft zich helemaal toegelegd op ‘Cressen’, zaailingen van unieke planten met allemaal hun eigen smaak en geur. Ieder jaar wordt er een nieuwe soort toegevoegd. Deze micro-vegetables worden binnen Europa en over de rest van de wereld verspreid onder restaurants, cateraars en hotels, waar ze vooral als topping worden gebruikt. In 2011 ontving Koppert Cress de titel ‘Meest Duurzame teler’. Het enorme kassencomplex heeft zonnecellen en windturbines op het dak, warmteopslag in de bodem, ledverlichting en gebruikt geen chemische middelen. Een compleet nieuw product blijkt een ‘kassucces’.

2. Specialisatie in een top-product

De tomaten van Looye en de kaas van Remeker hebben één ding gemeen. De makers gaan voor kwaliteit en hebben zich volledig in hun product gespecialiseerd. Ze stellen dat hun tomaten en kaas beter zijn dan die van de overige leveranciers en daarmee kunnen ze die ook hoger prijzen. De Remeker-kaas wordt gemaakt op boerderij De Groote Voort in Lunteren. De melk van Jersey-koeien vormt de grondstof. Dag en nacht, vanaf het voorjaar tot december, lopen de koeien in de wei. De speciaal ontworpen potstal biedt de koeien alle vrijheid om hun natuurlijke ritme te volgen. Bij Looye is ‘smaak’ het centrale thema. Om kwaliteit te bereiken kiezen ze rassen die uitblinken in smaak en telen ze op een manier die gericht is op een zo goed mogelijke smaak. Dit begint met de tomatenplanten, maar er zijn in de kassen ook schadelijke en nuttige insecten. Evenwicht tussen alle vormen van bodemleven is volgens Looye essentieel voor gezonde planten.

3. Een windmolen spekt de portemonnee

De omgeving is er vaak niet blij mee en in de Veenkoloniën leidde de komst van de masten tot een ware volkswoede, maar ‘energie’ is een verdienmodel. Twee forse windmolens op zijn grond, levert de boer zo’n honderdduizend euro per jaar op. Zonneakkers hetzelfde laken een pak.

4. Grootschalig alsde ruimte er is

Als de kosten toenemen, kan het voordelig zijn meer omzet te draaien door grootschaliger te opereren. Met name in krimpgebieden is er ruimte genoeg. Maar ook op andere plekken blijkt dat die grootschaligheid niet per se leidt tot milieudruk, laat Weeribben Zuivel BV zien dat al meer dan 25 jaar biologische zuivelproducten levert. Aan de rand van het grootste laagveen-moeras van Europa, Nationaal Park Weerribben-Wieden, werken 25 biodynamische Demeter melkveehouders samen.

De Staat van de Boer is het grootste opinieonderzoek dat ooit onder agrariërs is gehouden. Met het onderzoek, en de verhalen die deze zomer volgen, wil Trouw een eerlijk en open debat over de makers van het voedsel van Nederland stimuleren. Lees meer over De Staat van de Boer op destaatvandeboer.trouw.nl.

Deel dit artikel

Meer dan 60% van de boeren wijst ‘verbreding’ van het bedrijf af

Elke tak van de Zonnehoeve is inmiddels even noodzakelijk voor het geheel