Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Met al die grote grazers blijft het kaal

Groen

Joop Bouma

Zelfs bij een reductie van zeventig procent van de grote grazers, is het nog de vraag of dat genoeg is om de groei van 'houtige gewassen' mogelijk te maken. © anp
Oostvaardersplassen

Om op grazige delen van de Oostvaardersplassen weer een parkachtig landschap te krijgen, zou mogelijk tot zeventig procent van de grote hoefdieren uit het gebied moeten verdwijnen. Dat zegt ecoloog Perry Cornelissen.

Cornelissen verdedigt vandaag in Wageningen een proefschrift over het beheer van de Oostvaardersplassen. Bij de laatst gepubliceerde telling (in mei 2016) liepen er in dit gebied 2700 edelherten, paarden en runderen. In de winter is het aantal fors hoger, naar schatting 4000.

Zelfs bij een reductie van zeventig procent van de grote grazers, is het nog de vraag of dat genoeg is om de groei van 'houtige gewassen' mogelijk te maken, omdat de grazers zich snel vermeerderen, stelt Cornelissen.

De promotie komt op een moment dat de discussie over de toekomst van de Oostvaardersplassen opnieuw in volle hevigheid is losgebarsten. SGP en VVD in Flevoland maakten vrijdag bekend dat zij een ander beheer willen. De statenleden pleiten ervoor de aantallen edelherten, konikpaarden en heckrunderen in het gebied sterk terug te brengen. Het gebied moet toeristisch aantrekkelijker worden, vinden SGP en VVD. De politici stellen dat de Oostvaardersplassen zijn veranderd in een dorre, saaie vlakte met veel te veel grazers.

Lees verder na de advertentie
Zolang de aantallen grote herbivoren zo groot blijven zullen zich in de Oost­vaar­ders­plas­sen geen doornstruiken vestigen.

Ecoloog Perry Cornelissen

Groei grazers stabiliseert

Cornelissen werkt bij Staatsbosbeheer, de beheerder van de Oostvaardersplassen. In zijn proefschrift analyseert hij 25 jaar wetenschappelijke studies naar de ontwikkeling van de begroeiing in voedselrijke begraasde 'wetlands'.

Volgens de ecoloog lijkt het erop dat de groei van het aantal grazers stabiliseert, zoals bij de ontwikkeling van de Oostvaardersplassen werd voorspeld. De kudden edelherten en paarden zijn volgens hem in balans. Het aantal runderen neemt geleidelijk af. In die zin zijn, zegt hij, de ecologische voorspellingen uitgekomen.

Maar het landschap van de droge delen van de Oostvaardersplassen is intussen veranderd van een afwisselend mozaïek met graslanden, ruigten, riet, struiken en bomen naar een landschap met vrijwel alleen grasland.

Doornstruiken

De theorie was altijd dat na verloop van tijd doornige struiken, zoals meidoorn en sleedoorn, zouden opkomen in het gebied. Grazers mijden die stekelige struiken. En uit ervaringen elders, bijvoorbeeld langs de Waal, blijkt dat bomen zoals eiken, essen, iepen en hazelaars in de veilige beschutting van doornige struiken wel kunnen opgroeien, omdat de grazers niet bij de jonge boompjes kunnen komen. In de Oostvaardersplassen is dit tot dusver niet gebeurd.

"Zolang de aantallen grote herbivoren zo groot blijven zullen zich in de Oostvaardersplassen geen doornstruiken vestigen", aldus Cornelissen in een persbericht van Wageningen Universiteit. Alleen bij een forse reductie van het aantal grazers, over een reeks van jaren, kan het gebied herstellen.

"Als ik eerlijk ben, valt mij dit ook tegen", reageert Frans Vera, één van de bedenkers van de unieke beheersvorm van de Oostvaardersplassen. "Maar misschien is 25 jaar domweg te kort tijd. Wellicht duurt het veel langer voordat doornige struiken een kans krijgen. Om die reden zijn de Oostvaardersplassen zo uniek. We komen achter dingen die we eerder niet wisten."

Misschien is 25 jaar domweg te kort tijd. Wellicht duurt het veel langer voordat doornige struiken een kans krijgen.

Frans Vera, bioloog

Groter natuurgebied

Vera is het eens met de constatering van Cornelissen dat er inmiddels een natuurlijk einde lijkt te zijn gekomen aan de groei van het aantal grote grazers in het gebied.

Cornelissen komt in zijn proefschrift tot de slotsom dat een duurzaam samenleven van tienduizenden grauwe ganzen met duizenden grote hoefdieren alleen mogelijk is in een veel groter natuurgebied.

In 2010 waren er plannen voor een natuurlijke verbinding van de Oostvaardersplassen met de rest van de Veluwe. Deze optie werd destijds geblokkeerd door toenmalig staatssecretaris Bleker (CDA), die het te veel geld vond voor een minimaal ecologisch effect.

Deel dit artikel

Zolang de aantallen grote herbivoren zo groot blijven zullen zich in de Oost­vaar­ders­plas­sen geen doornstruiken vestigen.

Ecoloog Perry Cornelissen

Misschien is 25 jaar domweg te kort tijd. Wellicht duurt het veel langer voordat doornige struiken een kans krijgen.

Frans Vera, bioloog