Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Liever de das verplaatsen dan wegpesten, ofwel: de voordelen van 'tijdelijke natuur'

Groen

Charlot Verlouw

Het tijdelijke natuurgebied Haarrijn, in de provincie Utrecht © Arnold van Kreveld

Braakliggende terreinen kunnen interessante natuurgebieden zijn. Tijdelijk, dat wel. Een nieuwe gedragscode moet de drempels wegnemen om zulke tijdelijke natuur te laten ontstaan.

Stel, je hebt een bedrijf en wil graag uitbreiden. De grond voor die uitbreiding is al gekocht, maar bebouwen zit er voorlopig nog niet in. Laat het voor wat het is, dan kan zich een beschermde dier- of plantensoort vestigen op het te bebouwen stukje grond. Maar als de bulldozers er dan eenmaal klaar voor zijn, kan het maanden duren voor de ontheffing gereed is om die beschermde soort te mogen weghalen of verplaatsen. En daar zit geen grondeigenaar op te wachten. Dus om dit te voorkomen 'pesten ze de natuur weg', zoals natuurbeschermers het noemen. Door intensief te maaien en te plaggen wordt het braakliggend terrein zo onaantrekkelijk mogelijk gemaakt voor dieren of planten.

Lees verder na de advertentie

Zonde, vinden natuurorganisaties. Een oplossing is voorhanden: geef het gebied de status van 'tijdelijke natuur'. Met die status heeft de grondbeheerder van tevoren een ontheffing om beschermde soorten die zich vanaf dat moment vestigen te verwijderen of te verplaatsen zodra de bouw begint. Maar tot de eerste schop de grond in gaat, wordt het terrein met rust gelaten, zodat de natuur zich kan ontwikkelen. Een bijkomend voordeel voor de eigenaar is dat er niet meer gemaaid hoeft te worden, en dat weer scheelt in de kosten.

© Arnold van Kreveld

Tot zover niets nieuws: de eerste proef met tijdelijke natuur werd tien jaar geleden al gedaan in de haven van Amsterdam. Wel nieuw: de stichting Tijdelijke Natuur lanceerde eerder dit jaar de Gedragscode Tijdelijke Natuur. Die gedragscode moet het makkelijker maken een gebied de status van tijdelijke natuur te geven. De eisen zijn hetzelfde als bij de ontheffing: voer een nulmeting uit en meldt het terrein aan bij de stichting. Beschermde soorten die na die nulmeting worden waargenomen, vallen onder tijdelijke natuur en mogen worden verplaatst. Maar met de gedragscode is dit alles binnen een week geregeld en het kost niets, terwijl het aanvragen van een ontheffing soms maanden duurt en ook hoge kosten met zich kan meebrengen.

Het contrast met de akker aan de overkant is groot. Daar wuift de mais sierlijk in de wind, maar is geen beest zien

"Bovendien zijn er geen verrassingen meer over hoe je met een soort moet omgaan", legt Arnold van Kreveld, ecoloog en programmacoördinator van de stichting Tijdelijke Natuur uit. "Elke provincie kan in een ontheffing net iets andere eisen stellen hoe om te gaan met beschermde soorten. Met de gedragscode is dat gladgestreken."

Oude akker

Tilburg is een van de 44 grondbezitters die de regeling Tijdelijke Natuur gebruiken en de eerste gemeente die dat doet met de gedragscode. Een oude akker waarop over een jaar of drie een bedrijventerrein zal verrijzen, wordt al een jaar aan zijn lot overgelaten. In de groenbemester (planten die ingezaaid en omgeploegd worden om de grond vruchtbaarder te maken) die nog door de vorige eigenaar gebruikt is, zat kennelijk zaad van een peulachtig gewas, want dat woekert weelderig over het terrein. Hier en daar piepen er klaprozen boven uit. Er vliegen juffers, op de zanderige bodem groeien bosjes schijfkamille tussen de haagwinden. In de luwte van de aangrenzende bosjes fladderen tientallen vlinders.

Het contrast met de akker aan de overkant is groot. Daar wuift de mais sierlijk in de wind, maar is geen beest zien. GroenLinks-wethouder Mario Jacobs: "Als je daar een schop in de grond steekt, zit er niet één regenworm in. Hier wel", zegt hij, gebarend naar de overwoekerde akker.

© Hollandse Hoogte / Ton Toemen

Maar de nieuwe gedragscode dringt nog niet echt door bij de bedrijven en gemeenten waarvoor die bedoeld is. "Bedrijven en gemeenten die zeuren over beschermde soorten of bang zijn voor natuur, maken er nog geen gebruik van", zegt Van Kreveld. Volgens hem zijn het vooral bedrijven en gemeenten die sowieso al bezig waren met natuur die de code inzetten om de hele gang van zaken te versoepelen. Zoals Tata Steel in IJmuiden, het eerste bedrijf dat de gedragscode gebruikte. Op het 766 hectare grote terrein staan een paar meidoorns van honderdvijftig jaar oud, er staan vier soorten orchideeën in bloei op een oude zandhoop, waaronder drie bedreigde soorten en in de aangelegde duinpannen broeden oeverzwaluwen. Onlangs werd een steenuil gezien, een soort die in die regio al in geen dertig jaar meer was waargenomen.

Veel eigenaren zijn bang dat ze zo'n rommelig terrein nooit meer verkocht krijgen

Ecoloog Arnold van Kreveld

Maar staat Van Kreveld dan bij tegenstribbelende bestuurders op de stoep om ze alsnog over te halen natuur tijdelijk toe te laten op hun terrein? Nee. "Wat je nodig hebt, is iemand intern die er zijn best voor doet." Maar dat is niet altijd genoeg. "Ik heb al een paar keer gemerkt dat de ecoloog in de gemeente zijn collega-ambtenaren die over de bouwplannen gaan niet meekrijgt. Die zeggen dan doodleuk dat het niet nodig is je druk te maken over beschermde soorten, omdat de pakkans toch vrij klein is." Nee, namen van gemeenten wil Van Kreveld niet noemen.

© Arnold van Kreveld

Zooitje

Een andere reden dat grondeigenaren zich niet aan tijdelijke natuur wagen, is dat de terreinen vaak een zooitje zijn, zoals in Tilburg. "Natuur is nou eenmaal rommeliger dan een gemaaid grasveld", zegt Van Kreveld. "Veel eigenaren zijn bang dat ze zo'n rommelig terrein nooit meer verkocht krijgen. Maar die angst zien we niet bij potentiële kopers."

Wethouder Jacobs: "We zijn er niet meer aan gewend dat natuur soms een rommeltje is. Daarom zetten wij ook een bord in de berm, zodat mensen begrijpen waarom we hier niet beheren."

Maar als de gedragscode met name wordt gebruikt door bedrijven en gemeenten die al natuurgezind zijn, is hij dan wel succesvol? "Je zou kunnen zeggen van niet. Maar als bedrijven of gemeenten tegen de lamp lopen als ze toch een beschermde soort verwijderen, kun je in elk geval zeggen dat het hun eigen schuld is. Het instrument om dit te voorkomen is er. Voorheen kon je de risico's niet gemakkelijk afdichten, nu wel."

Ook al gaat op veel plekken op den duur de bulldozer eroverheen, de tijdelijke natuur levert wel permanente natuurwinst op. Weidevogels kunnen er broeden. Als een das zijn weg vindt naar een tijdelijk natuurgebied en daar zijn burcht bouwt en jonkies krijgt, kan die later met zachte hand verplaatst worden, zonder al te veel administratieve rompslomp.

Ook bij de onverzorgde akker in Tilburg zullen de graafmachines zich over een jaar of drie melden. Maar wethouder Jacobs is ervan overtuigd dat de natuurwaarde op dit stukje land straks hoger is dan toen het nog agrarisch was. "We halen alleen de natuur weg waar gebouwd wordt, de rest blijft. Uiteindelijk blijft er meer natuur over dan voorheen."

Van Kreveld is enthousiast. "Normaal wordt aan het einde van een bouwtraject gekeken of er nog ruimte is voor een beetje natuur, maar in het budget zijn er dan nog maar een paar tientjes voor over, bij wijze van spreken. Hier gebeurt het andersom."

Lees ook:

De natuur als anti-kraak

Bij wijze van experiment maakte het havenbedrijf van Amsterdam als eerste een tijdelijk natuurgebied op braakliggend terrein. Toen het gebied in 2016 weer in gebruik werd genomen moesten beschermde soorten als de rugstreeppad en veldleeuwerik moeten verhuizen.

Het Tiny Forest rukt op

Een volgepakt stukje groen ter grootte van een tennisveld. Tiny forests zijn goed voor de biodiversiteit en ze passen bijna overal. 

Deel dit artikel

Het contrast met de akker aan de overkant is groot. Daar wuift de mais sierlijk in de wind, maar is geen beest zien

Veel eigenaren zijn bang dat ze zo'n rommelig terrein nooit meer verkocht krijgen

Ecoloog Arnold van Kreveld