Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Kamperen, maar dan echt

Groen

Flip van Doorn

© x

Lang niet elke kampeerder wordt blij van vijfsterrenaccommodaties, zwembaden, wifi, privé-sanitair en animatieteams. Meer dan 130 Natuurkampeerterreinen laten zien dat het ook anders kan. Rust, ruimte, bescheiden comfort en, vooruit, meestal ook wel wifi.

De natuur, het nachtelijke duister, de rivier, de geluiden van vogels in de vroege ochtend: het zullen redenen zijn geweest waarom baron Van Wassenaer zijn tent weleens opzette op een veldje aan de over van de Afgedamde Maas bij Nederhemert. Achter de bomen stond de zwartgeblakerde ruïne van zijn kasteel, dat aan het einde van de Tweede Wereldoorlog in de vuurlinie kwam te liggen en aan flarden werd geschoten. Voor hem strekte het water zich uit, de weilanden aan de overkant, de molen in de verte.

Lees verder na de advertentie

Inmiddels is kasteel Nederhemert herbouwd, maar de bewoners keerden niet terug. Gelukkig behield het naastgelegen veldje de status van kampeerterrein. Natuurkampeerterrein, om precies te zijn. En dat wil heel wat zeggen. Nederland telt meer dan 130 Natuurkampeerterreinen. De belangrijkste overeenkomst is dat ze allemaal verschillend zijn. Het grote grasveld in Nederhemert waar kippen vrij rondscharrelen telt 21 plaatsen. Behalve een bescheiden sanitairblok, een zwemvlot en een kampvuurplaats aan de rivier zijn er weinig faciliteiten. 

© x

Heel wat anders dan bijvoorbeeld De Haverkamp in Voorst, aan de rand van de Veluwe. Daar zijn hutten te huur, naast de 55 plekken voor tenten, caravans en campers. Dankzij de slimme indeling en het vele groen voelt het er toch bescheiden aan. De beheerder verhuurt draagbare houtkacheltjes, er is een pluktuintje met kruiden, kinderen kunnen met schepnetjes op zoek naar kikkervisjes in een van de poelen en in het grote toiletgebouw hoeft niemand lang in de rij te staan voor een warme douche.

Omgevallen flatgebouwen

Grote familiecampings doen vaak denken aan omgevallen flatgebouwen, compleet met geluidsoverlast van radio’s, jengelende buurkinderen en ander ongerief van stedelijke aard. Op een natuurkampeerterrein mag iedereen ervan uitgaan dat de medekampeerders er ook komen voor de rust en de ruimte. Auto’s krijgen een plek op de parkeerplaats, niet naast tent of caravan - op sommige terreinen kunnen zelfs geen caravans komen. Aan seizoensplaatsen doen ze er niet. Wel aan bosgeur, spectaculaire zonsopkomsten, grazende reeën in de avondschemer die zich vanuit de tent laten bespieden of egeltjes die midden in de nacht onder het grondzeil proberen te kruipen - wat mij overkwam op landgoed De Hoevens in het Brabantse Alphen.

De natuur is nooit ver weg, begint zelfs vaak al op het terrein zelf. Op het prikbord van camping Zegenoord, in de Veluwse bossen bij Loenen, hangt een routebeschrijving naar het nabijgelegen wildobservatiepunt. Daar een half uur wachten rond zonsondergang leverde niets op, de terugweg wel. Op een paar passen van de achteringang van de camping posteerde een wild zwijn zich pontificaal op het pad. Hij snoof een keer, zag erop toe hoe zijn tien gestreepte biggen en hun moeder overstaken en verdween weer tussen de bomen. De omgewoelde bosbodem buiten de hekken van het terrein getuigde ervan dat de familie er regelmatig kwam dineren.

Buitengeluiden

Bij toerbeurt verzorgen vrijwilligers het beheer en de receptie op Zegenoord. ’s Avonds hangen ze olielampen op die het pad naar het sanitair markeren en steken ze het kampvuur aan. Heel anders dan op het eiland Tiengemeten, waar campinggasten inchecken via de naastgelegen herberg en verder hun eigen gang gaan. Maar of het nu de ganzen in de Biesbosch zijn, de rietzangers van het Veerse Gat, de eenden in de zwemvijver van Klein-Frankrijk of de rondscharrelende kippen in het Friese Slappeterp, bijna altijd overheersen natuurlijke buitengeluiden het dagelijkse rumoer. 

© x

Op Vlieland, Terschelling en Ameland liggen natuurkampeerterreinen, en in Nationale Parken als het Dwingelderveld, de Alde Feanen, de Sallandse Heuvelrug of de Maasduinen. Sommige voorzien in warmebroodjesservice, andere in de luxe van excursies met de boswachter. Stuk voor stuk zijn ze vriendelijk geprijsd en gastvrij. Maar de grote gemene deler is dat ze kampeerders kennis laten maken met de veelzijdigheid van de natuur in Nederland. En die blijkt ongekend.

Bijna altijd een plekje

Fietsers en wandelaars die rondtrekken door Nederland weten de Natuurkampeerterreinen te vinden, bijna altijd is er wel een plekje voor hen vrij op een trekkersveldje. Met 134 terreinen in Nederland (plus 1 in België en 11 in Frankrijk) is er altijd een volgende camping op fietsafstand. Veel terreinen hebben ook plek voor caravans en campers, zij het soms beperkt.

Met de aanschaf van het Groene Boekje (€15,95) ben je een jaar lang een welkome gast in de natuur. Het boekje geeft een overzicht van alle terreinen, met overzicht van de faciliteiten en overige praktische informatie: natuurkampeerterreinen.nl.

Lees ook:

Nederlanders willen nog wel kamperen, maar dan alleen als luxedieren op een glamping

Vakantiegangers zoeken steeds vaker de luxe op. De camping is minder in trek blijkt uit onderzoek van ABN AMRO naar de Nederlandse toeristensector. 

Deel dit artikel