Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het VN-klimaatbureau waarschuwt nog één keer

Groen

Joep Engels en Frank Straver

De opwarming van de aarde kan zorgen voor extreem weer, droogtes en overstromingen. © AFP

Het klimaatbureau van de VN slaat opnieuw alarm: de wereld moet nu in actie komen. Zou die boodschap deze keer wel aankomen?

De euforie was groot, drie jaar geleden. De wereld was met het Akkoord van Parijs overeengekomen de opwarming van de aarde aan te pakken. Die zou beperkt blijven tot twee graden, liefst zelfs tot anderhalve graad.

Lees verder na de advertentie
Alleen met ‘snelle, ver reikende en nimmer vertoonde veranderingen op alle niveaus van de samenleving’ is het mogelijk de opwarming tot anderhalve graad te beperken

Het rapport dat het IPCC, het klimaatbureau van de Verenigde Naties, maandag uitbracht, heeft iedereen weer met beide benen op de grond gezet. Dat doel is nog lang niet binnen handbereik, is de conclusie. Alleen met ‘snelle, ver reikende en nimmer vertoonde veranderingen op alle niveaus van de samenleving’ is het mogelijk de opwarming tot anderhalve graad te beperken.

Het rapport dient als basis voor de klimaattop, eind dit jaar in het Poolse Katowice. Dan komen de landen die nu hun handtekening onder deze conclusie hebben gezet bijeen om de bijbehorende daden te bespreken. En dan liggen de plannen en beloftes op tafel waaraan iedereen zich tot nu toe heeft gecommitteerd. Dan blijkt óók hoe groot het gat is en dat de voorgenomen reductie in de uitstoot van broeikasgassen nog veel te gering is. Als elk land zou doen wat het beloofd heeft (zoals de 30 procent reductie in 2030 waaraan de EU zich verbonden heeft) is de atmosfeer aan het eind van deze eeuw ruim drie graden opgewarmd. Dan gaat het niet meer over een zeespiegelstijging van 40 of 50 centimeter waar het IPCC-rapport maandag over sprak, maar over één meter of nog meer.

Wie zet de volgende stap?

De hamvraag in Katowice is: hoe dichten we dit gat, wie zet de volgende stap? Wellicht zorgt het besef van een gezamenlijk belang voor nooit vertoonde stappen. Maar een blik op het verleden stemt niet erg optimistisch. Al in zijn eerste rapport uit 1990 waarschuwde het IPCC dat de klimaatverandering tot de grootste uitdaging op milieugebied kon uitgroeien. Tien jaar geleden zei Bert Metz bij zijn afscheid als vicevoorzitter van het IPCC in deze krant dat de groei van de CO2-uitstoot in 2015 tot staan moest zijn gebracht. “Anders zullen de problemen ons overspoelen.” Maar die trendbreuk is er nog altijd niet en sinds 1990 is de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen gestegen tot 60 procent boven het niveau van destijds.

Nederland zou een voortrekkersrol kunnen spelen. Gemeten naar de uitstoot van broeikasgassen per hoofd van de bevolking staat Nederland hoog op de internationale ranglijst – de uitstoot is ongeveer het dubbele van het wereldwijde gemiddelde. Nederland is een van de rijkere landen. Als Nederland niet in actie komt, wie dan wel?

Als een malle

Aan actiebereidheid geen gebrek – zie de Duurzame 100 die Trouw woensdag presenteert. Maar het is aan de politiek om zulke initiatieven een stevige basis te geven. Nu is er sinds kort een klimaatakkoord, maar de eerste reacties zijn afhoudend. Het kabinet moet niet ‘als een malle’ geld uitgeven, heet het bijvoorbeeld. Dit weekend kwam daar het begrip ‘klimaatrechtvaardigheid’ overheen: de lasten moeten eerlijk verdeeld worden.

Dat is nogal binnenlands gedacht. Terwijl Nederland een belangrijke veroorzaker is van de opwarming, zijn de gevolgen hier nog te overzien. In elk geval zijn ze milder dan in arme, tropische regio’s waar ze te maken krijgen met extreem weer, droogtes, overstromingen. In het Akkoord van Parijs beloofden de rijke landen dat ze jaarlijks 50 miljard dollar in een fonds zouden storten waarmee die arme landen de aanpassingen aan de klimaatverandering konden financieren. Tot nu toe is er nog niet één miljard dollar ingelegd.

Nu is het idee van ‘Parijs’ dat het akkoord heeft vastgelegd dat de klimaatdoelen een gezamenlijk belang zijn. “Als we van elkaar zien dat we stappen zetten”, zei klimaatwetenschapper Detlef van Vuuren zaterdag in deze krant, “komen we los van de oude patstelling.” Het nieuwste IPCC-rapport maakt opnieuw duidelijk welke stappen dat zijn, maar het is de vraag of de patstelling nu wel wordt doorbroken.

Milieukundige Heleen de Coninck © Hollandse Hoogte / Bart Muhl

De wereld kan de Parijs-doelen uit 2015 nog halen, ook al zitten we nu al op één graad opwarming. Dat is de belangrijkste boodschap van het IPCC-rapport, zegt Heleen de Coninck, milieukundige aan de Radboud Universiteit. Zij schreef mee aan het rapport. “In Parijs spraken landen af dat dit ruim onder de twee graden moet blijven, liefst op anderhalve graad. Wij hebben in opdracht van de ondertekenaars van het Parijs-akkoord, voor het eerst bekeken: is anderhalve graad haalbaar? Het kán, laat onze doorrekening zien. Maar alleen als er snel heel grote veranderingen intreden die CO2-uitstoot drastisch omlaag brengen.”

CO2-uitstoot daalt nog niet. Is die boodschap niet te positief?

“Nee. Het klopt dat harde resultaten van klimaatbeleid uitblijven. Maar er is zeker niet alleen slecht nieuws. De discussie over maatregelen tegen klimaatverandering neemt snel serieuze vormen aan. Ook zien we dat energiewinning uit steenkool op z’n retour raakt en de kostprijs van duurzame energievormen daalt juist snel. Dit biedt grote kansen in groeiende landen, zoals China en India. Dat zijn hoopvolle signalen, die nog niet in de laatste berekeningen zijn meegenomen. Het is wel waar dat we veel meer moeten doen voor het klimaat in plaats van erover te praten.”

Zorgelijk is ook dat een sterke opwarming de kwetsbare, niet vervuilende landen het hardst raakt.

“Om dat te minimaliseren zal de wereld alles uit de kast moeten trekken. Innovatie van duurzame technieken, stevig overheids­beleid. Ideaal zou zijn dat landen al die zaken in samenhang bekijken. Dat mag je verwachten, want zo is het in VN-verband afgesproken in de duurzaamheidsdoelen. Enorm belangrijk is het ook om de financiering op orde te brengen, om de klimaatdoelen ook echt uit te voeren. En dat op een eerlijke manier, die mensen in de kwetsbaarste landen ontziet.”

Tja, maar zelfs in Nederland steggelen we al over verdeling van klimaatkosten.

“Inderdaad, dat zet de boel wel in perspectief. Nederland voert als rijk land een stevige discussie. Je zou somber kunnen zeggen: als dat hier al zo is... Maar ja, kwetsbare groepen heb je ook in rijke landen. Het is goed dat daarnaar gekeken wordt, ook in VN-verband. Er zijn veel mensen in welvarende landen die zelf niet de draagkracht hebben om bijvoorbeeld zonnepanelen te nemen. Daar zijn oplossingen voor te bedenken. Dat is nodig, want ook in rijke landen heb je iedereen nodig om tot verduurzaming te komen.”

De opwarming beperken is moeilijk. Kunnen landen niet beter inzetten op bescherming tegen klimaatschade?

“Het moet allebei. Alle landen moeten inzetten op schone energie, energiebesparing en duurzame mobiliteit en industrie. Tegelijk is bescherming nodig tegen klimaateffecten. Landen moeten erop letten dat die zaken elkaar niet in de weg zitten. Inzetten op waterkrachtcentrales is bijvoorbeeld niet slim als er droogtes gaan optreden. Wat wel verstandig kan zijn, is windparken op zee bouwen met mosselrifs eronder die de kust beschermen.”

Lees ook:

Nederland krijgt het klimaat van Bordeaux, maar dan vooral de winter

Het klonk niet eens onaantrekkelijk. Door de opwarming van de aarde zou Nederland halverwege deze eeuw het klimaat van Bordeaux krijgen. Vooral wijnboeren spitsten in 2014 bij deze voorspelling van het KNMI de oren. 

Dijkhoff trapt op de rem: niet ‘als een malle’ geld uitgeven aan het klimaat

De VVD waarschuwt voor overhaaste maatregelen om de klimaatdoelen te halen.

Deel dit artikel

Alleen met ‘snelle, ver reikende en nimmer vertoonde veranderingen op alle niveaus van de samenleving’ is het mogelijk de opwarming tot anderhalve graad te beperken