Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Frans de Waal beschrijft de woordeloze pijn van de vis aan de haak en het kalf zonder moeder

Groen

Paul Q. de Vries

Een chimpansee in gevangenschap. © epa
boekrecensie

In zijn nieuwe boek ‘Mama’s laatste omhelzing’ laat de vermaarde etholoog Frans de Waal ons meevoelen met de dieren. Voor het eerst spreekt hij zich duidelijk uit over de ‘woordeloze pijn’ die wij mensen ze aandoen.

Het is onmogelijk om er niet geëmotioneerd door te raken: de stervende chimpansee ­Mama, die aan het eind van haar lange leven nog één keer primatoloog Jan van Hooff ziet. Met haar laatste krachten raakt ze hem nog een keer aan. De beelden zijn op YouTube al miljoenen keren bekeken en uit de reacties spreekt diepe ontroering.

Lees verder na de advertentie

Is het typisch menselijk dat ook de dieren ons kunnen ontroeren? Nee, want emoties zijn niet voorbehouden aan de mens, betoogt apendeskundige Frans de Waal in zijn nieuwste boek. Dieren kennen zulke emoties ook. Kijk maar naar Mama.

De Waal kende Mama goed. Ze was de ­matriarch van de groep chimpansees in ­Burgers’ Zoo in Arnhem die hem beroemd heeft gemaakt, toen hij hun machtsstrijd ­documenteerde in de bestseller ‘Chimpanseepolitiek’. Daarna vertrok hij naar de VS, waar hij de meest vooraanstaande apen­deskundige ter ­wereld werd, talloze boeken schreef en door Time zelfs werd opgenomen in de top-100 van meest invloedrijke mensen ter wereld. Dat had alles te maken met De Waals telkens herhaalde boodschap: er is geen ­principieel verschil, geen gapende kloof, ­tussen mens en dier.

Hij beschouwt ‘Mama’s laatste omhelzing’, waarin hij de emoties van dieren onderzoekt, als een pendant van zijn vorige boek, ‘Zijn we slim genoeg om te weten hoe slim dieren zijn?’, dat over de intelligentie van dieren gaat. Hij haast zich te zeggen dat je emoties en ­cognitie niet los van elkaar kunt zien. Ze functioneren geïntegreerd. De Waal is niet de man van de tegenstellingen. Het is bij hem altijd aanleg én opvoeding, lichaam en geest, emotie en intelligentie, mens en dier. Het is allebei, ­alles is verbonden, alles werkt op elkaar in.

Ook bij insecten vinden we emoties terug en een bepaald niveau van voelen en ervaren is zelfs voor planten verdedigbaar

Speculatie

Hoe kunnen we nu weten wat dieren ­voelen? Dat wordt toch onwetenschappelijk speculeren? De Waal stelt dat gevoelens alleen kenbaar zijn door degene die ze ervaart, maar maakt een onderscheid met emoties, die zeker wel waarneembaar zijn. Een opgetrokken lip, een blozende wang, een overslaande stem, het zijn gebaren en houdingen bij mens en dier die wijzen op emoties.

De Waal gaat langs lachende orang-oetans, gekietelde ratten, jaloerse aapjes, trotse olifanten en dankbare walvissen. Ook emoties als schuldgevoel en schaamte, waarvan hij in ­eerder werk nog dacht dat ze uniek menselijk ­waren, schrijft hij nu zonder voorbehoud aan de dieren toe.

Ook bij insecten vinden we emoties terug en een bepaald niveau van voelen en ervaren is zelfs voor planten verdedigbaar. Ze nemen veranderingen in hun omgeving waar, zoals regen, licht en het geluid van knagende rupsen, en handelen om hun voortbestaan te beschermen, bijvoorbeeld door ­gifstoffen aan te maken als ze door insecten worden aangevreten.

Aap met humor

Het leukste van de boeken van De Waal zijn ­iedere keer weer de gedragsobservaties. Veel waarnemingen en anekdotes staan al in ­eerdere boeken, maar er is ook nieuw materiaal. Neem die jonge chimpansee die een dode rat aan zijn staart meedraagt, zo ver mogelijk van het eigen lichaam, en die op het hoofd van een slapende aap legt. Als ze wakker wordt, springt ze krijsend overeind en veegt ze zelfs met gras op de plek waar het rattelijk haar ­lichaam aanraakte. De jonge chimp neemt de rat weer mee, op zoek naar een volgend slachtoffer. Hieruit mogen we concluderen dat chimpansees zich in de positie van een ander kunnen inleven en dat ze niet alleen walging, maar ook humor kennen.

De Waal wijdt ook enkele pagina’s aan de leiderschapsstijl van Donald Trump, die toch vaak een typische alfaman genoemd wordt. Hij wijst er fijntjes op dat soms een bullebak de ­alfaman wordt in een chimpanseegroep, maar dat de meest succesvolle chimpanseeleiders andere kwaliteiten hebben. Ze troosten, ze helpen de underdog, ze treden onpartijdig op en stabiliseren de groep in plaats van verdeeldheid te zaaien.

Typische De Waal-thema’s, maar hij onderkent ook de gewelddadige kant van dieren. Chimpansees kunnen dankbaarheid tonen voor gekregen hulp, maar ze kennen ook het ‘lelijke zusje’ van de dankbaarheid: de wraak, die eveneens een reactie is op voorvallen uit het verleden. Ook het vermogen van chimpansees om empathie te tonen, heeft een donkere keerzijde: wreedheid. Chimpansees weten wat een ander voelt en kunnen die dus goed pijn doen.

Dat bleek toen in de Arnhem-kolonie de ­alfaman Luit in het nachtverblijf bijna werd ­afgeslacht door de twee chimpanseemannen die hij recent onttroond had. Toen hij de volgende ochtend werd gevonden in een plas bloed bleek hij vingers en testikels te missen en had hij honderden hechtingen nodig. ­Uiteindelijk bezweek Luit. De Waal spreekt zelfs in termen van moord om te omschrijven wat Luit was aangedaan.

Velen zouden de conclusie trekken dat de ware aard van chimpansees, ondanks hun ­empathische trekjes, dus toch bloeddorstig, agressief en bruut is. Dat past goed bij het dierbeeld zoals dat lang in de wetenschap en ook wel daarbuiten in zwang was. De Waal trekt een andere les uit het voorval: hoe ­essentieel verzoening is in de samenleving van apen. Want de prijs die betaald wordt als verzoening niet meer lukt, is hoog.

Robots met emoties

Met voorbeeld na voorbeeld, dier na dier, ­emotie na emotie maakt De Waal een punt dat onontkoombaar logisch is. Emoties zijn net als organen, stelt hij: ze hebben ­allemaal een functie, en die functie is precies ­dezelfde bij mensen als bij andere (zoog)dieren. Emoties helpen ons lichaam om te doen wat goed voor ons is in een bepaalde situatie. Ze zijn in die zin een soort interface van ‘geest, lichaam en omgeving’.

Als een mens of dier een aantrekkelijke partner ziet, of een gevaarlijk roofdier, of het eten ongelijk verdeeld ziet worden, ontstaat een emotie die het gedrag beïnvloedt. Zonder dat gedrag te dicteren, want ervaring en kennis spelen ook een rol.

Maar verstand en ratio zijn lang niet zo leidend als we met name in het Westen graag denken. Vandaar dat ontwerpers van robots nu proberen emoties in te bouwen om gedrag mee te structureren, schrijft De Waal. Emoties zijn een ‘logische ­architectuur voor robotgedrag’. Kunstmatige intelligentie draait niet alleen om intelligentie. Intellect en emotie beïnvloeden elkaar, een inzicht dat ook door modern neurowetenschappelijk onderzoek bevestigd wordt.

Olifant in de kamer

Het laatste dier dat De Waal behandelt is de olifant in de kamer. Want als dieren angst, pijn, verdriet en empathie kennen, wordt het des te gruwelijker wat we ze aandoen. Kalveren die direct na de geboorte bij hun moeder worden weggehaald, apen die dienen als proefkonijn in een laboratorium, kreeften die we levend ­koken en ja, ook de vis die kronkelt aan de haak door zijn lip. Het is niet alleen lichamelijk ­lijden, maar ook geestelijk lijden.

Dat we dieren zo laten lijden, is een ongemakkelijk feit dat we kunnen wegduwen zolang het in de obscuriteit plaatsvindt

De Waal noemt het een ‘woordeloze pijn’ en het is voor het eerst dat hij zich zo duidelijk in zijn werk uitspreekt over hoe we met de ­dieren omgaan, in de agrarische industrie, thuis, en in het wild. Hij pleit voor transparantie in de sectoren waar dieren worden ­gebruikt. Boerderijen en proefdiercentra ­moeten toegankelijk worden voor het publiek. Hij oppert een scancode voor vlees in de supermarkt waarmee je met de smartphone ­(onafhankelijk gemaakte) beelden kunt ­ophalen van de omstandigheden waaronder dieren worden ­gehouden. Beslis dan maar of je dat kipfiletje nog steeds wilt kopen.

Het is een slimme suggestie. Dat we dieren zo laten lijden, is een ongemakkelijk feit dat we kunnen wegduwen zolang het allemaal in de obscuriteit plaatsvindt. Maar als je het ziet, die woordeloze pijn, verandert alles. We zijn immers zelf ook wezens met emoties en empathie. Ook al kunnen we niet met de dieren praten, we kunnen wel met ze meevoelen.

Wie het niet gelooft, moet op YouTube dat filmpje van Mama nog maar eens bekijken. 

Frans de Waal, Mama’s laatste omhelzing. Over emoties bij dieren en wat ze ons zeggen over onszelf (vertaald uit het Engels door Albert Witteveen). Atlas Contact, 320 blz., €24,99. 

Lees hier een voorpublicatie uit ‘Mama's laatste omhelzing’: kunnen we nog wel vlees eten? 

Lees ook:

‘We houden dieren graag een beetje op afstand’

Het bewijs van intelligentie bij dieren stapelt zich op. Maar de mens blijft zichzelf graag zien als de slimste, als uniek. Frans de Waal wil er niets van weten.

Deel dit artikel

Ook bij insecten vinden we emoties terug en een bepaald niveau van voelen en ervaren is zelfs voor planten verdedigbaar

Dat we dieren zo laten lijden, is een ongemakkelijk feit dat we kunnen wegduwen zolang het in de obscuriteit plaatsvindt