Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Europese angst voor gentech dupeert Afrika

Groen

SJAAK SWART en UNIVERSITAIR HOOFDDOCENT AAN DE SCIENCE & SOCIETY GROUP VAN DE RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN

In Afrika is behoefte aan gemodificeerde gewassen die beter bestand zijn tegen droogte © ANP

De Afrikaanse boer en consument kunnen profijt hebben van genetisch gemodificeerde gewassen. Europa houdt die tegen.

De gemeenteraad van Nijmegen besloot onlangs om de gemeente gentechvrij te verklaren en dat ook wettelijk in het bestemmingsplan vast te leggen (Trouw, 28 november). Nijmegen is de eerste gemeente in Nederland die deze stap zet, maar Europa telt al zo'n vijfduizend gemeenten en regio's die zichzelf gentechvrij hebben verklaard. Gentech wordt kennelijk beschouwd als een gevaar dat zoveel mogelijk buiten de deur moet worden gehouden. Maar volgens deskundigen is dit louter symboolpolitiek (Trouw, 29 november).

Wellicht voelde de gemeente Nijmegen zich bij haar besluit gesterkt door een Franse studie die zou aantonen dat genetisch gemodificeerde maïs in combinatie met een veelgebruikt onkruidbestrijdingsmiddel bij ratten tot vroegtijdige sterfte en tot ernstige tumoren leidt. Deze maïs wordt al jaren in Europa aan het vee gevoerd. Diverse wetenschappelijke instituten maakten echter de kachel aan met het Franse onderzoek, dat slecht was opgezet en waarvan de resultaten ook verklaard konden worden door toeval.

Bij veel mensen blijft als gevolg van deze tegenstrijdige berichten vermoedelijk iets hangen in de trant van: als genetisch gemodificeerde gewassen een risico inhouden, kunnen we er maar beter niet aan beginnen. Echter, geen voedselgewas wordt waarschijnlijk zo streng op mogelijke risico's beoordeeld als een genetisch gemodificeerd gewas. Maar dat levert kennelijk geen vertrouwen op.

Niet in de schappen
Vanwege dat ontbrekende vertrouwen heeft Europa min of meer besloten geen genetisch gemodificeerde gewassen voor menselijke consumptie te gebruiken. Sommige gewassen zijn desondanks wel toegelaten, zoals een gemodificeerde aardappel waaruit op efficiënte wijze industrieel zetmeel kan worden gewonnen. Er zijn echter nauwelijks boeren die deze gewassen willen telen. De vraag ontbreekt en winkelketens durven genetisch gemodificeerde gewassen niet in de schappen te leggen, uit vrees voor een consumentenboycot.

Dat is niet zo raar, want consumenten hebben nauwelijks voordelen van de twee soorten genetische modificatie, die wereldwijd 99 procent van alle toepassingen uitmaken. Dat zijn het ongevoelig maken van gewassen voor onkruidbestrijdingsmiddelen en het zo veranderen van gewassen dat ze zelf een insectenbestrijdingsmiddel produceren. Deze toepassingen hebben voordelen voor de boer maar nauwelijks voor de consument, omdat teeltkosten weinig effect hebben op de winkelprijs. De gemiddelde Europese consument besteedt bovendien maar een klein deel van zijn inkomen aan voedsel. Dus waarom zouden we genetisch gemodificeerde gewassen op ons bord leggen?

Noodzakelijke voedselproductie
Dat is in Afrika wel anders. De toename van de bevolking is daar groter dan de toename van de voedselproductie. Al jaren is er een voedselcrisis die alleen maar groter dreigt te worden. Sommige Afrikaanse landen willen door modificatie gewassen maken die beter bestand zijn tegen droogte, verzilte gronden en ziektes, en die kunnen bijdragen aan de noodzakelijke voedselproductie.

Genetische modificatie, mits voldoende getest en aansluitend bij de noden en de wensen van de kleine boer, kan de voedselsituatie verbeteren. Europa wil geen genetisch gemodificeerde voedselproducten invoeren, maar zij is wel een belangrijke afzetmarkt voor voedselproducenten in Afrika.

Daarom zijn Afrikaanse landbouwbedrijven zeer terughoudend in de toepassing van genetische modificatie die voor de Afrikaanse consument (zelf meestal ook boer) positieve gevolgen kan hebben. De Europese angst voor genetische modificatie beperkt daardoor de innovatieve ontwikkelingen in de Afrikaanse landbouw.


Deel dit artikel