Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ernest Israëls' leven draaide om duurzaamheid

Home

Carl Mureau

© Ineke Hulshof
Naschrift

Ernest G. Israëls (1950 - 2017) zocht onvermoeibaar naar vernieuwende methoden om energie en materiaal te besparen.

Een elektrische deurbel ontbreekt hier aan de Schutterstraat in hartje Delft. Kloppen of klepperen met de brievenbus hoeft echter niet. Als bezoeker kondig je je komst aan door een spreekbuis. Dat ronde gat in de stro-lemen voorgevel staat in verbinding met de woonkeuken, gelegen op de bovenverdieping. Waarom elektrische stroom verbruiken - hoe weinig ook - als je eigen stembanden volstaan?

Lees verder na de advertentie

Zo tref je meteen bij de entree de geest van Ernest G. Israëls, pionier op het gebied van duurzaam bouwen. Over werkelijk alles is nagedacht in deze ecowoning, die je gerust zijn meesterwerk kunt noemen. "Veel mensen hebben hun mond vol over cradle to cradle, maar wat doen ze thuis? Ernest gaf in alles het voorbeeld. Duurzaam bouwen was zijn hobby, zijn werk en zijn leven", zegt vriend en collega-bouwkundige Leo Gommans.

Ernest Israëls was het prototype van een man wiens handen konden maken wat zijn brein bedacht. Die eigenschap toonde hij als kind reeds. "Als er een probleem was, zonderde hij zich af, ging rustig zitten nadenken en kwam terug met een oplossing", vertelt zijn weduwe Marijke Faber. Ernest was de jongste uit een Blaricums gezin met vijf kinderen. Vader had een winkelketen in lingerie, met een eigen timmerman in dienst, die in loze uurtjes wel eens kluste in het huis van de baas. Ernest week dan niet van zijn zijde, keek de kunst van het timmeren af en wilde later zelf dat nobele vak uitoefenen.

In heel het land verrezen gebouwen waarin zijn duurzame, vernieuwende ideeën waren verwerkt

Vernieuwende ideeën

Zijn ouders zagen hem echter liever studeren. Het werd bouwkunde aan de Technische Universiteit in Delft. Daar bouwde Ernest onder (veel) meer een studentikoze eetstoel met twee gaten in de leuning... geschikt voor het stallen van jeneverglaasjes. De stoel, die nog altijd aan de keukentafel staat, werd uiteraard gemaakt van sloophout, want Ernest was toen al gegrepen door hergebruik van materialen. Niet vreemd dat hij zich specialiseerde in duurzaam bouwen. Hij studeerde af op het ontwerp van een gebouw met op het dak een windmolen. In die tijd, eind jaren '70, een vooruitstrevend idee.

Als afgestudeerd bouwkundig ingenieur ging Ernest Israëls vanzelfsprekend verder op de duurzame tour. Zijn drang om steeds weer nieuwe dingen te bedenken kon hij al snel kwijt bij BOOM, Milieukundig Onderzoek- en Ontwerpburo in Delft, waar hij in 1985 aan de slag ging en vanaf 1995 een maatschap vormde met Frank Stofberg. Zijn kennis over duurzaam bouwen groeide met de dag. Israëls was geen prater maar een doener. Bescheiden, wars van uiterlijk vertoon, altijd op de achtergrond. Hij was een idealist, die de wereld liefst een beetje beter wilde maken. Hij deed dat vooral door verspilling van grondstoffen, (bouw)materialen en energie tegen te gaan. De reeks technische snufjes die hij daarvoor bedacht is indrukwekkend. In heel het land verrezen gebouwen waarin zijn duurzame, vernieuwende ideeën waren verwerkt. Zoals de kaasopslag met grondbuiskoeling en de vijf energiezuinige zwembaden met de zon als belangrijkste warmteleverancier. Of de twee crematoria die hun ovenwarmte hergebruiken en de tot bedrijfspand omgebouwde watertoren met verwarming die brandt op oud frituurvet. Hij bedacht voor de renovatie van zes flatgebouwen een systeem met zonnecollectoren op het dak, waarvan de warmte zomers in de grond wordt opgeslagen en benut in de koude wintermaanden.

Het creëren van nieuwe, nog zuiniger gebouwen en attributen ging door tot aan zijn dood. Zo zit Stofberg nu met een gloednieuwe rookgascondensor, ontwikkeld voor het concept van een ' zonnehaardwoning', die moet worden getest. Hij heeft alleen (nog) geen idee hoe zijn overleden vriend en collega dit precies voor ogen had...

Als iets nog niet bestond, dan bedacht en maakte hij het zelf

Atelierwoning

Ernest Israëls gold als een briljante uitvinder. "Als iets nog niet bestond, dan bedacht en maakte hij het zelf", vertelt Stofberg. "Dat gold voor concrete zaken als een verticaal composttoilet, maar bijvoorbeeld ook voor een onconventioneel rekenmodel om het energieverbruik van een woning in kaart te brengen." Met zijn uitvindingen had Israëls, mits hij over een slimme handelsgeest had beschikt, rijk kunnen worden. Maar geld boeide hem niet. Als hij iets moois had gemaakt, vaak na vele uren denkwerk, zette hij zich het liefst aan een volgende uitdaging.

Zijn meester- of zelfs levenswerk is ongetwijfeld de eigen atelierwoning in de Delftse binnenstad. Hierin kwamen veel van zijn ideeën over duurzaam bouwen samen. Stadgenoten kwamen nieuwsgierig kijken bij de bouw in 1993. Wat moest dat worden met al die strobalen als muur? Het leek wel een paardenstal. Ook toen het huis af was, bleef het een blikvanger. De pers schreef grote verhalen en ook veel studenten en vakgenoten, architecten uit binnen- en buitenland, lieten zich graag rondleiden. Ernest gaf tekst en uitleg, en hoopte dat zijn duurzame bouwproject massaal navolging zou krijgen. Niet alleen omdat hem dat zelf mogelijk extra werk zou opleveren, maar vooral omdat hij heilig geloofde in nut en noodzaak van deze bouw- en levenswijze. "Dat dit uitbleef, is wel een teleurstelling voor hem geweest", vertelt zijn weduwe, beeldend kunstenares Marijke Faber. Zij leerde haar grote liefde kennen tijdens een groepsreis door Mali, in 1976. Ernest studeerde in Delft, Marijke volgde de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Mali was hot; Nederlandse architecten lieten zich graag inspireren door de lemen-huizenbouw van de Dogons aldaar. Ook Ernest en Marijke raakten onder de indruk. Ze kregen verkering en onderhielden jarenlang een lat-relatie, zij wonend in Muiden, hij in Rotterdam. Toen ze in Delft wilden samenwonen en de zoektocht naar een fijn pand strandde, kwamen net wat kavels in de verkoop, waarop vrij gebouwd mocht worden. Daar zagen ze samen hun kans om hun stro-lemen, moderne, ecologische droomhuis te realiseren.

De bouw verliep voorspoedig, dankzij de hulp van 45 vrienden en bekenden. Al experimenterend in dat bijzondere huis beleefden ze samen gelukkige jaren. Hun woonkeuken op de bovenste etage (want daar stijgt alle warmte heen) was het kloppend hart van hun huis. Ernest trok zich er na het gedane werk graag terug, rustig lezend op zijn kleurrijke Afrikaanse stoeltje.

Zijn eigen huis in Delft was zijn levenswerk © Frank Stofberg
Woest was Ernest, dat hem dit overkwam. Hij had nog zo veel plannen, wilde nog zo veel ontdekken

Niet bezig met de dood

Maar drie jaar geleden werd hij ziek. Nooit wat gemankeerd, maar nu stuurde de huisarts hem met zijn rug- en andere klachten meteen door naar het ziekenhuis. Daar werd de ziekte van Kahler geconstateerd. Woest was Ernest, dat hem dit overkwam. Hij had nog zo veel plannen, wilde nog zo veel ontdekken, maar hij wist plots dat de tijd die hij daarvoor nog had beperkt was. Hij werkte door, zo lang het kon. En hij zat nog dagelijks op de fiets, bijna tot aan zijn dood. Therapieën sloegen wel aan, maar dit voorjaar ging hij toch snel achteruit. In april bleek hij uitbehandeld. Enkele weken later verhuisde hij naar een hospice, waar hij reeds na één overnachting overleed.

Op Hemelvaartsdag werd Ernest begraven in Blaricum. Zijn kist was sober, gemaakt van enkel hout, zonder spijkers of schroeven, precies zoals hij zelf zou hebben gewild. Behalve zijn wens om bijgezet te worden in het familiegraf had hij helemaal niks geregeld. "Ernest wilde leven, hij wilde niet bezig zijn met de dood", vertelt Marijke. Zij zal verder leven in zijn geest: sober en zuinig. "Ik zal misschien wel vaker het vliegtuig nemen." Zij houdt van reizen, Ernest deed dat niet. Als ze samen familie in Amerika bezochten, gebeurde het dat zij voor heen- of terugreis de vrachtboot namen, want dat was minder schadelijk voor het milieu. Eigenlijk ging Ernest niet graag op vakantie, hij was liever aan het werk. En als het dan toch moest, hoefde het voor hem niet zo ver. Toch vloog hij ooit mee naar Japan, waar ze onder meer het prachtige Kyoto bezochten. Marijke stootte hem aan en zei verrukt: "Wat is het hier fantastisch." Zijn reactie? "Hm, ik zit het liefst in mijn kamertje in Delft..." Op de plek waar Ernest zich het meeste thuis voelde, staat nu zijn lege Afrikaanse stoeltje.

Ernest G. Israëls werd op 25 juli 1950 geboren in Blaricum. Hij overleed op 17 mei 2017 in Delft.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
In heel het land verrezen gebouwen waarin zijn duurzame, vernieuwende ideeën waren verwerkt

Als iets nog niet bestond, dan bedacht en maakte hij het zelf

Woest was Ernest, dat hem dit overkwam. Hij had nog zo veel plannen, wilde nog zo veel ontdekken