Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

En al die andere grote grazers in Nederland dan? Laten sterven of bijvoeren?

Groen

Frank Straver en Charlot Verlouw

© Hollandse Hoogte / Martijn de Jonge

De Oostvaardersplassen blijven de gemoederen bezighouden. Afgelopen zondag demonstreerden honderden mensen voor een oplossing voor de hongerige dieren in het natuurgebied. 

Hun stelling zetten ze kracht bij door een berg hooi voor de deur van het provinciehuis van Flevoland te leggen. Het experiment Oostvaardersplassen is mislukt, vinden zij, de dieren moeten weg, of ze moeten in ieder geval naar plekken met meer voedsel kunnen.

Lees verder na de advertentie

Naar het Horsterwold bijvoorbeeld, via een aan te leggen natuurcorridor. Ook de directeur van het Wereld Natuur Fonds vindt dat een prima oplossing. Dat was ooit ook het plan, maar staatssecretaris Henk Bleker (CDA) van landbouw zette daar in 2011 een streep door. Het is ook echt geen oplossing, zei hij zondagavond in Nieuwsuur. “Dan vertrekken alle dieren uit de Oostvaardersplassen, die willen daar helemaal niet zijn.”

Kijk naar wat er op de Veluwe gebeurt. Je kijkt hoeveel dieren een gebied aankan, en kijkt op basis daarvan van hoeveel dieren je afscheid moet nemen

Henk Bleeker, oud-staatssecretaris van landbouw

Zijn suggestie: of je accepteert honger en sterfte, of je gaat beheren. Andere gebieden in Nederland laten zien dat het kan, hoe groot de verschillen met de Oostvaardersplassen ook zijn. “Kijk naar wat er op de Veluwe gebeurt. Je kijkt hoeveel dieren een gebied aankan, en kijkt op basis daarvan van hoeveel dieren je afscheid moet nemen.” Dat kan op verschillende manieren, aldus Bleker. Verplaatsen naar andere gebieden of preventief afschieten. Dus niet: zwaar verzwakte grazers afschieten, zoals in de Oostvaardersplassen sinds 1 december gebeurde. Zevenhonderd dieren werden afgeschoten. En dan wel opeten, dat vlees. Zo is er weer een mening bij in de discussie rond de Oostvaardersplassen.

Mislukt

Ook PVV-Kamerlid Dion Graus en mediapersoonlijkheid Britt Dekker mengden zich in de discussie: de dieren moet je bijvoeren, vinden zij. Geen enkel ander natuurgebied zorgt voor zoveel rumoer. De Oostvaardersplassen zijn dan ook uniek. Een afgesloten gebied waar de natuur zijn eigen gang mag gaan, en waar de mens alleen ingrijpt als de natuur het zelf niet meer kan, dus door dieren die de winter niet gaan overleven af te schieten. Een mislukt experiment, noemen de actievoerders het, waar zo snel mogelijk een einde aan moet komen.

Ondertussen lopen er nog veel meer grazers door Nederland. Edelherten op de Veluwe, damherten in de Waterleidingduinen en konikpaarden en gallowayrunderen in de kleine Maasvallei. En in elk gebied worden eigen beheerkeuzes gemaakt. Wat opvalt: ook in die gebieden hebben de dieren ’s winters honger, ook in die gebieden wordt er geschoten om de populatie in toom te houden en is bijvoeren, waar de ophef in de Oostvaardersplassen mee begon, ongewenst.

De Veluwe

Op de Veluwe mogen jagers edelherten en zwijnen (geen grote grazer maar wel een grote veroorzaker van overlast) afschieten. De provincie Gelderland bepaalt jaarlijks hoeveel. Dit wordt om een heel andere reden gedaan dan in de Oostvaardersplassen, waar dieren afgeschoten worden die de winter waarschijnlijk niet gaan overleven, zegt Imke Boerma, woordvoerder van Staatsbosbeheer. “De provincie stelt dat aantal vast om zo veel mogelijk schade aan landbouwgewassen te voorkomen en de verkeersveiligheid te bevorderen.” Dieren die gewond zijn na een aanrijding worden opgespoord en afgeschoten. “Om onnodig lijden te voorkomen.”

Op de Veluwe sterven dieren in de winter van de honger en de kou. Het hoort erbij.

Dat is dan ook het enige onnodig lijden waar op de Veluwe op geanticipeerd wordt. Want ook daar sterven de dieren in de winter van de honger en de kou. “Dat hoort erbij. Voor alle dieren is de winter een moeilijke periode met minder voedsel, ook op de Veluwe.” Maar preventief afschieten zoals in de Oostvaardersplassen, gebeurt op de Veluwe niet.

Verschillende grote grazers in andere natuurgebieden. Alleen het zwijn valt niet onder de definitie grote grazer. © Sander Soewargana

De Waterleidingduinen

In de Waterleidingduinen bij Amsterdam zijn de vele damherten een publiekstrekker. Maar de populatie nam exponentieel toe en zorgde voor veel overlast. In de lente van 2016 werden er vierduizend herten geteld, op 3400 hectare. De gemeente Amsterdam besloot tot afschieten.

Dat ging niet zonder slag of stoot. Bewoners kwamen op voor ‘hun’ herten, dierenorganisaties spanden rechtszaken aan. Toch ging het afschieten door. In 2021 mogen er nog achthonderd damherten rondlopen in de Waterleidingduinen, meldt Linda Mooij van Waternet, dat de Waterleidingduinen beheert. “Van november tot en met maart worden er gemiddeld tachtig dieren per week afgeschoten.”

De damherten zorgen voor verkeersonveilige situaties en veroorzaken schade aan gewassen en aan de natuur. “De biodiversiteit liep sterk terug.” Waarom dan die achthonderd dieren? Dat aantal kan hier leven zonder concurrentie om voedsel, aldus Mooij. “Ook was er de wens om een voor bezoekers zichtbare populatie te houden die duurzaam kan voortbestaan.”

Bijvoeren doen ze in de Wa­ter­lei­ding­dui­nen niet, lijdende dieren die de winter niet zullen overleven worden afgeschoten

Een maatschappelijk compromis, noemt Mooij het aantal: de bewoners behouden ‘hun’ herten en de overlast vermindert. Althans, dat is de bedoeling, monitoring moet uitwijzen of het echt werkt. Bijvoeren doen ze in de Waterleidingduinen niet, lijdende dieren die de winter niet zullen overleven worden afgeschoten.

De Maasvallei

Grote grazers kun je ‘oogsten’. Zo noemt ecoloog Hettie Meertens het, als er loslopende paarden en runderen weg moeten uit het Limburgse natuurgebied De Maasvallei. Oogsten gebeurt jaarlijks, wanneer de loslopende konikpaarden en gallowayrunderen tientallen kleintjes baren. Evenzoveel oudere grazers worden dan naar een (soms buitenlands) natuurgebied gebracht. Of ze worden geslacht, om als ‘Wildernisvlees’ over de toonbank te gaan.

Zo begrenzen ARK en Free Nature, ingehuurd door Staatsbosbeheer, de populatie in het gebied, waar aan weerszijden hekken staan. In 2012 werden de dieren er neergezet. “Het zijn er en blijven er zo’n tachtig, op 100 hectare grond”, zegt Meertens. De Oostvaardersplassen is heel anders, zegt ze. Veel groter, vierkanter, met hogere dichtheid van grote grazers, met formele wildstatus. “Het staat dichter bij wilde natuur.” In de Maasvallei houden beheerders elke winter in de gaten of de dieren genoeg vet op de botten houden. Ze laten geen dieren omkomen. Als het nodig is gaat de beheerder over tot bijvoeren, maar met tegenzin. “Je verstoort de hiërarchie in de groep.” 

Dat bijvoeren in de Oostvaardersplassen normaal gesproken bij winterkou niet gebeurt (nu wel, onder druk van actievoerders) snapt Meertens goed. “Het zijn geen huisdieren. Sterfte hoort bij wild.” Dat er in Flevoland kadavers van dieren in de natuur blijven liggen komt de ecologie ten goede, zegt Meertens. Voor insecten en grote aaseters, zoals de zeearend, is het een feestmaal. “Door onze aanpak in Limburg missen wij zulke biodiversiteit.”

Lees ook: 'De Oostvaardersplassen hadden een vogelparadijs moeten worden'

Deel dit artikel

Kijk naar wat er op de Veluwe gebeurt. Je kijkt hoeveel dieren een gebied aankan, en kijkt op basis daarvan van hoeveel dieren je afscheid moet nemen

Henk Bleeker, oud-staatssecretaris van landbouw

Op de Veluwe sterven dieren in de winter van de honger en de kou. Het hoort erbij.

Bijvoeren doen ze in de Wa­ter­lei­ding­dui­nen niet, lijdende dieren die de winter niet zullen overleven worden afgeschoten