Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Duurzame Troonrede 2018: Alles draait om winst, maar laten we dan wel netjes rekenen

Groen

Volkert Engelsman

© Hollandse Hoogte / Westend61 GmbH
Duurzame Troonrede

Een innige samenwerking tussen de financiële en de duurzame wereld kan ons een nieuwe economie opleveren, zegt Volkert Engelsman, de nummer 1 in de Duurzame 100 van Trouw. Vandaag spreekt hij de jaarlijkse Duurzame Troonrede uit. 'Waar een wil is, is een omweg.'

Onlangs was ik op reis door Bhutan, een geïsoleerd boeddhistisch koninkrijk in de Himalaya. In 2012 leerde ik dat land kennen toen ik namens IFOAM, de wereldwijde koepel voor biologische landbouw, een forum mocht leiden op de Rio+20 VN-conferentie. Zo ontmoette ik de premier van Bhutan, Jigmi Thinley. Ik was direct gegrepen door zijn totaal afwijkende visie op de economie. Bhutan meet de welvaart aan de hand van een bruto-nationaal-geluk-index. Naast de economische brengt die ook ecologische, sociale en culturele welvaart in kaart. Wij zouden het hier een duurzaamheidsindex noemen.

Lees verder na de advertentie

In Bhutan toetsen ze elke nieuwe ontwikkeling aan die geluksindex. Ook de landbouw. Toen Monsanto rond 2010 het land in wilde, zei Bhutan: we voelen ons vereerd dat u ons bezoekt, maar laten we eerst even samen die checklist doorlopen. Gentech, pesticiden, monocultuur, uitkruisingsrisico's, dure zaden, derdewereldboeren die afhankelijk worden van eerstewereld patenthouders... Nope, sorry. Namaste

Op basis van diezelfde index heeft Bhutan in 2012 gekozen voor een beleid dat aanstuurt op 100 procent biologische landbouw.

Bhutan is niet het enige land dat met een verbreed welvaartsbegrip bezig is. In mei 2018 publiceerde het Centraal Bureau voor de Statistiek de allereerste monitor verbrede welvaart, waarin voor het eerst verder wordt gekeken dan het bruto nationaal product.

Niemand wordt 's ochtends wakker met het idee: laten we vandaag eens het klimaat om zeep helpen, of wat kleuters in Zuid­oost-Azië flink aan het werk zetten

Koekoeksjong

Volkert Engelsman © Lars van den Brink

Maar ondertussen is het Nederlandse platteland dood, zoals een bekende natuurschrijver onlangs zei. De insecten zijn verdwenen en de regenwormen trekken zich diep in de hard geworden grond terug. Er heerst een diabetesepidemie. Kate Raworth beschrijft in haar boek 'Doughnut Economics' het economische systeem dat we gecreëerd hebben als een koekoeksjong dat zich in de samenleving heeft genesteld en parasiteert op de mensheid en de planeet. We denderen blind door Raworth's planetaire grenzen en sociale tekortkomingen heen. Daarmee ondermijnen we ons vermogen om in de toekomst te produceren. We lijken op een winstverslaafde junk die in zijn roes zijn eigen vitaliteit afbreekt.

Hoe kan dat? Niemand wordt 's ochtends wakker met het idee: laten we vandaag eens het klimaat om zeep helpen, of wat kleuters in Zuidoost-Azië flink aan het werk zetten. Laten we het grondwater en onszelf eens vergiftigen met landbouwchemicaliën. En toch gebeurt het. Iedere dag. Systeemfoutje heet dat. Maar daar zijn we toch bij? Wij creëren toch samen die economie?

We hadden afgesproken dat het zou gaan over people, planet, profit. Maar dan wint de profit altijd. 'We blijven pompen', zegt Ben van Beurden, topman van Shell. Maar we doen tegelijk ook een beetje aan planet en people voor het jaarverslag. Inclusief dubbelzijdig printen. 

Sommige ondernemers proberen echt te verduurzamen, zoals Paul Polman van Unilever, maar die worden keihard teruggefloten door hun kortetermijnwinst-gedreven aandeelhouders, zoals pensioenfondsen. Door ons dus, want het zijn onze pensioenen.

Uit de groene bubbel

Oké, alles draait om winst. Vooruit. Maar laten we dan wel netjes rekenen. En niet de kluit belazeren door kosten voor people & planet op anderen af te schuiven. Dat is niet alleen moreel, maar ook economisch niet houdbaar. Je moet die kosten netjes internaliseren. De winst die dan overblijft is reële winst. Dat betekent een totaal nieuwe winstdefinitie.

De financiële wereld is daar al volop mee bezig. Blackrock, de grootste investeringsmaatschappij ter wereld, neemt sociale en planetaire duurzaamheidscriteria mee in zijn investeringsbeoordelingen. Kredietbeoordelaar Standard & Poor's, dat de kredietwaardigheid van grote multinationals en van landen beoordeelt, heeft onlangs Trucost overgenomen, een bedrijf dat zich specialiseert in het monetariseren van maatschappelijke impact. Zelfs De Nederlandsche Bank voert nu klimaatstresstests door om investeringsrisico's in kaart te brengen. Op deze manier begint duurzaamheid uit de groene bubbel te breken om in te dalen in het DNA van de economie.

Deze investeerders en kredietbeoordelaars zullen het niet leuk vinden dat de olie- en gasindustrie 2500 gigaton CO2-equivalent broeikasgas aan fossiele reserves op de bedrijfsbalans heeft staan. Er mogen nog maximaal 500 gigaton CO2-equivalent aan fossiele brandstof verbrand worden als we de planeet binnen twee graden opwarming willen houden. In economische term heet dat: stranded assets. Bye bye AAA-rating!

Burger betaalt voor Shell

Ondertussen laat de Nederlandse staat zijn burgers volgens website Follow the Money tot 25 keer meer energiebelasting op fossiele brandstoffen betalen dan grootverbruikers. Met andere woorden, de burgers moeten de klimaatschade van Shell betalen. Naast die 2 miljard dividend voor buitenlandse aandeelhouders natuurlijk. Shell kan dat niet zelf, want die kan straks geen geld meer lenen bij de bank.

Onder de slogan 'Bio is niet te duur, gangbaar is te goedkoop' hebben we een Europse campagne opgetuigd

Tot nu toe heb ik het over klimaat. Maar de logische vervolgstappen zijn dat de financiële sector ook het risico van bodemverarming, watervervuiling, biodiversiteitsverlies, aantasting van de gezondheid en andere maatschappelijke risico's meeweegt in zijn risicoanalyses. Want die hangen allemaal met elkaar samen.

Dat zie je het duidelijkst in de landbouw, de wereld waar ik ooit als ondernemer ben ingerold. Een paar feiten: 33 procent van alle broeikasgasuitstoot wordt veroorzaakt door landbouw. We verliezen dertig voetbalvelden aan vruchtbare landbouwgrond per minuut. Volgens de Franse overheid kost het 54 miljard euro per jaar om de vervuiling van het Franse grondwater met pesticiden en kunstmest ongedaan te maken.

De FAO, de Wereldvoedselorganisatie van de VN, schat de verborgen kosten van de voedselproductie op 2100 miljard aan milieukosten en 2700 miljard aan sociaal-maatschappelijke kosten. 4800 miljard dollar aan verborgen kosten per jaar. Dat is bijna net zoveel als de totale inkomsten uit de voedselproductie wereldwijd. Voedsel zou dus twee keer zo duur moeten zijn, als je de werkelijke kosten in rekening wilt brengen.

19 cent gezonder

Zulke cijfers zouden een stevige wake-up call moeten zijn voor onze beleidsmakers. Met een duurzamere landbouw die bewezen water-smart is, kunnen we miljarden op watergebruik en waterzuivering besparen. Dit maakt ook duidelijk dat de scheiding tussen landbouw en waterstaat denkbeeldig is. Als we een reële, toekomstbestendige economie willen creëren, moeten we over sectoren en ministeries heen denken.

True cost accounting biedt hiertoe een middel. In 2017 heeft Eosta er een pilot mee uitgevoerd, in samenwerking met vele partners waaronder dochterbedrijf Soil & More Impacts, de FAO, EY en Triodos Bank. We hebben de verborgen kosten van onze producten in kaart gebracht en vergeleken met die van gangbare producten. En daaruit bleek dat biologische landbouw niet alleen water-smart maar ook bodem-smart, klimaat-smart, biodiversiteit-smart en gezondheids-smart is.

Onder andere bleek dat biologische appels 19 cent per kilo gezonder zijn dan conventionele appels. Puur door het verschil in pesticideresiduen. Onder de slogan 'Bio is niet te duur, gangbaar is te goedkoop' hebben we vervolgens een Europa-brede campagne opgetuigd. Zo'n rapport heeft pas echt zin als je die informatie ook geheel vertaalt naar het winkelschap. De consument heeft recht op dat soort informatie. Geef je hem die keus niet, dan is het logisch dat hij meedoet in de race to the bottom, op weg naar de laagste prijs, ten koste van mens en planeet.

Geen duurzaamheid zonder transparantie. Geen maatschappelijke meerwaarde zonder economische tegenprestatie. Of zoals een boer laatst bij een bijeenkomst in De Rode Hoed zei: Hoe kan ik groen worden als ik rood sta?

Een zekere rebelsheid

Er wil een nieuwe economie ontstaan, waarin ecologische en sociale waarden zijn opgenomen in de welvaartsdefinitie. Om daarbij te helpen, moeten we kraamkamers voor verandering creëren, cocreatie zoeken, prototypes bouwen. Verandering gaat nooit uit van een volgende meerderheid, maar altijd van een trendsettende minderheid met een gedeelde visie. Daar is een zekere rebelsheid voor nodig waartoe ik graag wil oproepen. Alleen dode vissen gaan met de stroom mee.

De belangrijkste transitieversnelling kan bereikt worden door een inniger samenwerking tussen de duurzaamheids- en financiële sector. Want zolang we de perverse prikkels niet uit ons marktsysteem halen, blijft het dweilen met de kraan open.

Eten en koken zijn onderdeel van het basisonderwijs en supermarkten zijn uitgegroeid tot lokale ge­zond­heids­cen­tra waar geen bocht meer wordt verkocht

Als ik een wens mag uitspreken: in 2040 eet heel Nederland lekker, gezond en duurzaam. De productieketen is volledig transparant, werkt op basis van de werkelijke kosten en eerlijke markt- en machtsverhoudingen. Het credo dat Nederland tot de grootste exporteurs van voedsel behoort, is voorbij. Het nieuwe credo luidt: Nederland is hét wereldvoorbeeld met zijn duurzame, transparante en gezonde voedselsysteem.

Om het concreet te maken: het organische stof- en humusgehalte van onze bodems is dan weer op peil en grondwater wordt niet meer vervuild door kunstmest, landbouwchemicaliën of medicijnresiduen. En glyfosaat is natuurlijk allang verboden. De biodiversiteit is hersteld en wordt gekoesterd als belangrijkste indicator voor veerkracht in ecosystemen en de landbouw. De emissie van broeikasgas, die nu nog vrijkomt bij landbouw en productie van voeding, zal zijn gereduceerd tot nul. De landbouw is dan een gesloten kringloopmodel waarin geen verliezen meer optreden. En alle externe maatschappelijke kosten bij de voedselproductie zijn volledig zichtbaar, gemonetariseerd en verrekend in de kostprijs, ondersteund door nieuwe jaarrekeningen, fiscale prikkels en wetgeving.

In 2040 geven artsen patiënten verder eerst een gedegen voedseladvies voordat er medicijnen worden voorgeschreven. En leefstijlbegeleiding is een belangrijk onderdeel van het basispakket van de zorgverzekering. Eten en koken zijn onderdeel van het basisonderwijs en supermarkten zijn uitgegroeid tot lokale gezondheidscentra waar geen bocht meer wordt verkocht. Kennis van natuurlijk, sociaal en spiritueel kapitaal is vast bestanddeel van het academische curriculum, evenals de bijbehorende leiderschapsvaardigheden en monetarisatiemodellen.

Waar een wil is, is een omweg.

Duurzame dinsdag

Volkert Engelsman, oprichter en directeur van de ecologische onderneming Eosta, spreekt vandaag op Duurzame Dinsdag de Duurzame Troonrede uit. Dit is een ingekorte versie daarvan.

Tijdens Duurzame Dinsdag krijgt het kabinet dit jaar een koffer met ruim 350 duurzame ideeën aangeboden.

Meer over Trouws Duurzame 100 leest u hier.

Lees ook:

De nieuwe economie ziet eruit als een donut

Het is een zoet, gefrituurd broodje met een gat in het midden, de donut. Geen voor de hand liggend voedsel om een pleidooi voor een nieuwe, duurzame economie aan op te hangen. Maar de Britse econoom Kate Raworth doet het toch. Met succes.

Volkert Engelsman, #1 in de Duurzame 100, is een groenteboer met een radicale visie

Fatsoenlijk rekenen, dat is wat Volkert Engelsman, de nummer 1 in de Duurzame 100, doet. Er moet een prijs hangen aan vervuiling en uitbuiting zodat de consument weet wat een peer of appel echt kost. 

Deel dit artikel

Niemand wordt 's ochtends wakker met het idee: laten we vandaag eens het klimaat om zeep helpen, of wat kleuters in Zuid­oost-Azië flink aan het werk zetten

Onder de slogan 'Bio is niet te duur, gangbaar is te goedkoop' hebben we een Europse campagne opgetuigd

Eten en koken zijn onderdeel van het basisonderwijs en supermarkten zijn uitgegroeid tot lokale ge­zond­heids­cen­tra waar geen bocht meer wordt verkocht