Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Dit onkruid smaakt naar spinazie

Groen

Koos Dijksterhuis

© Koos Dijksterhuis
natuurdagboek

Vaak krijg ik vragen van lezers. Welke vogel, plant, vlinder is dit? Ik weet steeds beter waar ik het zoeken moet, als ik het antwoord niet paraat heb. Hans van Kesteren stuurde me een foto van een volgens hem 'VRESELIJK onkruid', inclusief hoofdletters. Ik kende de plant niet, het leek wel een kruising tussen een Japanse duizendknoop en een zwarte els.

Gelukkig wist plantkundige Karst Meijer raad. Het is een amarant, zei hij, vermoedelijk Amaranthus deflexus, ofwel de liggende majer. Op het wereldwijde web lees ik dat die majer een pionierplant is die op zonnige, warme, open plekken groeit, op vrij droge, stikstofrijke, omgewerkte bodems. Dat klinkt als een akker(on)kruid en die moeten wel heel wat narigheid kunnen verdragen, als ze op moderne Nederlandse akkers overleven. Maar daar zijn ze nog niet gesignaleerd.

Lees verder na de advertentie
Eenmaal gevestigd, blijft liggende majer niet altijd liggen

Majers beperken zich vooralsnog tot andere woelige groeiplaatsen, zoals havens, spoorbermen, rangeerterreinen en rivieroevers. Eenmaal gevestigd, blijft liggende majer niet altijd liggen, maar wurmt hij zich tussen stoeptegels en tegen muren naar boven. De miniperkjes rond straatbomen zijn eveneens geschikte leefgebiedjes voor deze planten, ook midden in de stad.

Toch is dit vreselijke onkruid nog niet wijdverbreid in Nederland. Pas in 2000 dook de plant voor het eerst op, in Amsterdam. Vermoedelijk zijn onbedoeld zaden uit Zuid-Amerika meegebracht, en sloegen die aan. Intussen heeft liggende majer zich in meer steden gevestigd en met de vondst van Van Kesteren voegt Alphen aan den Rijn zich daarbij.

Tenzij het niet de liggende, maar de erop lijkende kleine majer betreft. Die komt uit Zuid-Europa, rukt noordwaarts op en is in de zuidelijke helft van Nederland reeds algemeen. Kleine majer gedijt in de droge, warme lentes die de laatste jaren gebruikelijk zijn. Het is namelijk een nachtplant: door 's nachts kooldioxide in en zuurstof uit te ademen, verliest de majer veel minder water, en kan ie sneller groeien. Klimaatverandering is dus een opsteker voor deze soort. Van Kesteren kan zijn vreselijke onkruid het best opeten, het smaakt naar spinazie.

Iedere dag verwondert Koos Dijksterhuis zich over iets dat groeit of bloeit. Lees meer afleveringen van zijn Natuurdagboek op trouw.nl/natuurdagboek.

Deel dit artikel

Eenmaal gevestigd, blijft liggende majer niet altijd liggen