Zorg voor arbeidsmigranten

Zieke arbeidsmigranten komen te vaak niet bij de dokter terecht. Gebroken been? ‘Doe er maar wat ijs op’

null Beeld Ilse van Kraaij
Beeld Ilse van Kraaij

Arbeidsmigranten zijn voor hun zorgverzekering afhankelijk van uitzendbureaus. Maar zieke werknemers komen in veel gevallen te laat of niet bij de dokter terecht, terwijl ze wel zorgpremie betalen.

Sylvana van den Braak en Emiel Woutersen

“Het is een speciale groep patiënten: ze spreken de taal niet en weten de weg niet in de zorg.” Huisarts Frank van Kemenade legt uit waarom hij hier in het Venlose VieCuri Medisch Centrum een huisartsenpraktijk speciaal voor arbeidsmigranten heeft opgezet. Tijdens de feestelijke opening in juli knipt demissionair staatssecretaris Raymond Knops een lintje door. De Poolse en Roemeense huisartsassistenten, die patiënten in hun eigen taal te woord kunnen staan, brengen Oost-Europese hapjes rond. Deze praktijk is hard nodig, vertelt Van Kemenade: “Ik zag dit soort patiënten vaak veel te laat. Dan blijkt een rare smaak in de mond opeens een zeldzame kanker aan de tong. Echt hemelschreiend.”

“De zorg is voor arbeidsmigranten minder toegankelijk”, zegt Jan Cremers, onderzoeker aan de Universiteit van Tilburg. Samen met onderzoeksbureau I&O Research hield hij een peiling onder ruim zeshonderd arbeidsmigranten over hun ervaringen met de zorg. De resultaten zijn ‘zorgwekkend’, zegt hij. Arbeidsmigranten melden zich minder vaak ziek. Ook noemt hij de taalbarrière als belemmering om naar de huisarts of het ziekenhuis te gaan. “En meer dan een derde is niet ingeschreven bij de huisarts.”

Grote afhankelijkheid

Arbeidsmigranten doen over het algemeen zwaar lichamelijk werk, onder hoge druk, waarbij het risico op bedrijfsongevallen of andere blessures groot is. Maar uitgerekend zij komen te laat of niet bij de dokter. Dat is wrang, want Oost-Europese werknemers betalen dezelfde zorgpremies voor net zo’n basisverzekering als de rest van Nederland.

Iedereen die in Nederland werkt, is verplicht om een zorgverzekering af te sluiten. Omdat arbeidsmigranten vaak weinig kennis hebben over ons zorgstelsel, nemen uitzendbureaus die verantwoordelijkheid op zich. Zij sluiten een zorgverzekering af, bijvoorbeeld bij zorgverzekeraar HollandZorg, die zich specifiek op arbeidsmigranten richt. Het uitzendbureau houdt de zorgpremies in op het loon, meestal ruim honderd euro per maand.

Hierdoor hebben veel arbeidsmigranten in ieder geval een verzekering, maar het maakt ze ook extra afhankelijk van hun werkgever. Als ze hun baan kwijtraken, dan verliezen ze namelijk tegelijkertijd hun zorgverzekering. Juist bij ziekte, het moment dat zij hun zorgverzekering hard nodig hebben, lopen uitzendkrachten het risico ontslagen te worden. Voormalig SP-leider Emile Roemer, die het afgelopen jaar de positie van arbeidsmigranten in Nederland onderzocht als voorzitter van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, noemt dit een van de grote problemen. Hij adviseert om de zorgverzekering nog een maand door te laten lopen nadat iemands contract afloopt.

Drempels naar de zorg

Wat de drempel voor doktersbezoek extra hoog maakt, is dat verzekerde arbeidsmigranten een financiële buffer moeten hebben om de dokter te kunnen betalen. Ze staan vaak niet ingeschreven bij de huisarts en moeten daarom meestal vooraf betalen, om de rekening later te declareren bij de zorgverzekeraar. Dat leidt tot uitstelgedrag, omdat een doktersafspraak voorschieten niet voor iedereen mogelijk is.

Zo kwam de Poolse tolk Annemarie Cappellen-De Zeeuw eind augustus een zieke man tegen in een huisvestingslocatie voor arbeidsmigranten in Boskoop. Een week later, tijdens een werkbezoek, ging ze kijken hoe het met hem ging. “Hij lag huilend op de bank. Zijn huisgenoten waren in paniek en wilden 112 bellen.”

Cappellen-De Zeeuw ging met hem mee naar de huisarts, die stuurde de man direct naar het ziekenhuis. Een niet behandelde herpesinfectie had hem heel ziek gemaakt. “Bij zijn eerste doktersafspraak moest hij 31 euro afrekenen. Dat kon hij niet nog een keer betalen, dus stelde hij een tweede bezoek uit. Het had niet veel later moeten zijn.”

Bang om ziek te melden

Jan Cremers van de Universiteit van Tilburg ziet in de resultaten van zijn peiling dat uitzendkrachten inderdaad slechter af zijn. “En bijna de helft van de uitzendkrachten zegt dat hun gezondheid tijdens hun werk verslechterde.” Dat komt volgens hem doordat uitzendbureaus en bedrijven het niet als hun taak zien om zorg en aandacht aan arbeidsmigranten te besteden. Daarnaast wonen en leven ze soms onder slechte omstandigheden en worden ze slecht ingewerkt. “Als iemand dan ook nog bang is om zich ziek te melden, dan loopt die hogere risico’s.”

Uitzendbureaus zijn de spil in het leven van deze flexwerkers. Ze controleren de toegang tot de zorg, regelen het werk en de huisvesting, het busje naar de huisarts, en een medewerker om te tolken. Investico sprak voor Trouw en De Groene Amsterdammer met drie (oud)-werknemers van grote uitzendbureaus. Zij werkten op kantoor als roosteraar of coördinator en hoorden het als eerste als er iemand ziek uitviel.

“Als iemand ziek was, dan belden we diegene elke dag”, zegt een voormalig werknemer van meerdere uitzendbureaus. Ze werkte daar gedurende vijftien jaar, maar wil niet met haar naam in de krant, omdat ze bang is in de problemen te komen. “‘Wanneer kan je weer aan het werk?’, vroegen we steeds”, zegt ze. “We gingen ook bij ze thuis langs, om te controleren of ze wel echt ziek waren.” Een afspraak bij de huisarts regelen is moeilijk, zegt ze. Omdat huisartsen voor passanten vaak geen ruimte hebben, dus gaan uitzendmedewerkers zelf voor dokter spelen. “Neem maar een paracetamol”, zeiden we dan. “Iemand die zijn been had gebroken, kreeg te horen dat hij er maar wat ijs op moest doen.”

Zieke arbeidsmigranten zijn simpelweg te duur, zegt Monika Trzebiatowska, die als planner werkte bij verschillende uitzendbureaus: “Ik moest zieke werknemers op ‘afwezig’ zetten, in plaats van op ‘ziek’. Die mensen werden uiteindelijk gewoon op straat gezet.” Kasia Dojka herkent dat beeld. Zij werkt voor Stichting Barka, die dakloze arbeidsmigranten bijstaat: “Wij worden regelmatig gebeld door zieke werknemers die zijn ontslagen. Als het niet heel ernstig is, stuurt het uitzendbureau ze gewoon weg, vaak zonder goede reden.”

Geen verzekering

In zijn rapport noemt Roemer nog een andere misstand: het komt voor dat uitzendbureaus wel premie op het loon inhouden, maar hun arbeidsmigranten vervolgens niet verzekeren. “Een vorm van oplichting”, noemt hij het. “Op het gebied van de verzekeringen gaat veel mis”, zegt een voormalig werknemer. “Soms gingen mensen naar de dokter, en blijkt daar dat ze helemaal niet verzekerd waren. Dan belden ze in paniek mij op.”

Het komt ook voor dat mensen te laat werden verzekerd, zegt ze. “Het kon soms vier weken duren voordat iemands verzekering rond was.” Volgens haar ligt de schuld daarvoor soms bij het uitzendbureau en soms bij de verzekeraar, maar de premie wordt wel al ingehouden vanaf het moment dat iemand in dienst treedt. De Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid onderzocht de afgelopen jaren meerdere klachten van arbeidsmigranten die zeiden niet verzekerd te zijn, maar wel premies te betalen aan het uitzendbureau.

Aan het begin van de coronacrisis hield Trzebiatowska het niet meer vol bij het uitzendbureau Efficient at Work, waar ze toen werkte. Ze gingen langs bij een net zwangere vrouw, vertelt ze: “Ze moest inloggen op haar werkapp. Een werknemer van het uitzendbureau vertelde haar om naar het vakje ‘Beëindigen overeenkomst’ te gaan en zei dat ze moest tekenen. Ze kreeg twee dagen om haar spullen te pakken. Ik schrok enorm, maar ik durfde op dat moment niks te zeggen.” Uitzendbureau Efficient at Work ontkent een zwangere vrouw te hebben gedwongen om ontslag te nemen. Trzebiatowska zegt dat ze haar werkgever vertelde over het voorval: “‘This is the Efficient Way’, zei hij toen. Toen besloot ik: ik stop ermee. Het zijn toch je landgenoten.”

HollandZorg

Zorgverzekeraar HollandZorg, die zich speciaal richt op arbeidsmigranten en speciale polissen aanbiedt aan uitzendwerkgevers, zegt niet te weten hoe vaak het voorkomt dat arbeidsmigranten zorg nodig hebben, maar niet verzekerd zijn. Ook andere zorgverzekeraars hebben hier geen cijfers over. De zorgverzekeraar zegt een koppeling te hebben tussen het eigen administratiesysteem en het salarispakket van de meeste uitzendbureaus. Dit moet voorkomen dat arbeidsmigranten te laat verzekerd worden.

‘Ik neem vaak ibuprofen tegen de pijn’

Aleksander (24 jaar)

Aleksander (niet zijn echte naam) kwam in februari dit jaar met zijn hand in de snijmachine terecht toen hij als teamleider bij een slachterij in Boxtel werkte. Hij laat foto’s zien van een opengespleten, bloederige hand. In het ziekenhuis blijkt zijn pees doorgesneden. Hij heeft een operatie nodig, bevestigen documenten uit het ziekenhuis die hij uit een groene map met ‘Dokumenty’ erop haalt, maar daar heeft het uitzendbureau waarvoor hij werkt geen oren naar. “Ze hadden alleen de eerste dagen na het ongeluk interesse in me. Na een beetje rust zou ik wel weer aan de slag kunnen.” Drie weken later werd hij ontslagen.

Bedrijfsongevallen worden gemeld bij de Arbeidsinspectie, maar die deed geen verder onderzoek naar het ongeluk, omdat er geen sprake van een ziekenhuisopname of ‘blijvend letsel’ zou zijn, staat in een brief die Aleksander laat zien. Hij krijgt ook geen schadevergoeding. Hij is nog steeds niet geopereerd, hij heeft geen tijd. Liever zocht hij een nieuwe baan. De Poolse man werkt nu als orderpicker in een distributiecentrum voor bouwproducten. Aleksander kan nog steeds geen vuist maken van zijn hand, laat hij zien. “Ik neem vaak ibuprofen tegen de pijn.”

‘De arbo-arts zegt dat ik nooit meer kan werken’

Krzysztof Stepniak (56 jaar)

“Ik haalde het hout van de lopende band en kon opeens mijn arm niet meer bewegen.” Op zijn werk bij een Brabants vuilnisverwerkingsbedrijf viel de Poolse Krzysztof Stepniak op de grond. Later blijkt het een herseninfarct. Nadat zijn collega’s hem omhoog tillen, belt iemand de coördinator van uitzendbureau 1ToDrive, waar Krzysztof werkt. Pas vier uur later haalt die hem op, ze brengt hem naar zijn woonlocatie. “Ik bleef maar zeggen: ik moet naar het ziekenhuis. Maar ze zei: ‘Je ziet er goed uit. Volgens mij gaat het gewoon goed.’” Thuis krijgt hij nog een infarct. Zijn huisgenoot en de opzichter van de woonlocatie bellen wel een ambulance. “Ik had niet later moeten komen, zeiden ze. Maar toen deed helft van mijn lichaam het al niet meer.”

Hij ligt maanden in het ziekenhuis en een revalidatiecentrum. Van uitzendbureau 1ToDrive hoort hij al die tijd niets, in de tussentijd loopt zijn contract af. De middag van zijn herseninfarct, wordt zijn kamer leeggehaald voor een nieuwe arbeidsmigrant. 1ToDrive laat weten dat de situatie zoals beschreven feitelijk onjuist is, maar kan niet inhoudelijk reageren ‘vanwege privacyredenen’. Sinds kort kan hij zijn arm een beetje optillen, “maar de arbo-arts zegt dat ik nooit meer kan werken. Ik ben invalide tot het einde van mijn leven.”

De namen van de anonieme medewerker en werknemer zijn bekend bij de hoofdredactie.

Dit artikel werd mede mogelijk gemaakt door het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.

Lees ook:

Waar arbeidsmigranten wonen, weten uitzendbureaus tot in detail

Analyse van een gelekte database van uitzendbureau Otto laat zien dat veel van hun arbeidsmigranten zich niet bij een gemeente inschrijven. Terwijl dat na vier maanden werken in Nederland wettelijk verplicht is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden