Coronacrisis

Wordt thuiswerken het nieuwe normaal?

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: Marije van Beek, van de redactie Religie&Filosofie.

Het fileprobleem is opgelost, de lucht wordt schoner en ook de stikstofuitstoot neemt af. Allemaal door het massale thuiswerken. Houden we dat vol? Waarschijnlijk niet, denken psychologen en bedrijven.

“Mamaaaaa! Mamaaaatje! Vowk nodig!”, roept een ontbijtende tweejarige op de achtergrond. Of het handiger is voor de verslaggever als ze later terugbelt, vraagt organisatiepsycholoog en universitair docent Kiki de Jonge. Een dag eerder zingt diezelfde tweejarige, dansend in haar tutu, “Ballina! Ballina!” Net op het moment dat directeur Ilse van Ravenstein van adviesbureau Involve belt om een interview­afspraak te maken.“Een ballerina in huis. Wat leuk!”, klinkt het aan de andere kant van de lijn.

Psycholoog De Jonge lacht erom. Haar twee kinderen spelen buiten tijdens het interview, ‘anders wordt het pas echt chaos’. Ongewone tijden, zo omschrijft De Jonge – verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en daarnaast zelfstandig coach – deze weken.

Want sinds een week of twee zit het gros van werkend Nederland niet op kantoor, maar in de studeerkamer, het tuinhuisje, aan de eettafel, op de bank of een ander plekje in huis. Allemaal vanwege het om zich heen grijpende coronavirus.

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: eindredacteur Rick Pullens (l).

Echt ideaal zijn de thuiswerkomstandigheden niet, zegt De Jonge. “Normaal gesproken besluit je vrijwillig thuis te werken. Vaak ook niet fulltime, maar gedeeltelijk. En je bent dan goed voorbereid. Nu is het gedwongen, onder een stresssituatie ook. En omdat iedereen thuis is, is het net of je werkt in een open office (lees kantoortuin, red.) waar iedereen je aandacht vraagt.” De postbode, de dochter van twee, de partner, de lege koelkast. Het zorgt allemaal voor afleiding.

Donderdagavond 12 maart was het toen Bruno Bruins, op dat moment nog minister voor medische zorg, bekendmaakte dat Nederland nog iets verder op slot ging. Wie kon, ging thuis aan het werk. Niet veel later sloten ook scholen en kinderdagverblijven hun deuren. In navolging van veel andere door corona getroffen landen. Ook theaters, musea, debatcentra, kappers, schoonheidsspecialisten, restaurants en kroegen gingen dicht. Ingrijpende maatregelen, erkent het kabinet. Maar noodzakelijk om het virus in te dammen. Nederland moest ‘er bovenop zitten’, zei premier Rutte twee weken terug. “Daarbij hebben we iedereen nodig. Alle 17 miljoen mensen.”

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: Andrea Bosman, chef van Tijd.

Of we productiever zijn, is nog niet te zeggen. Maar met digitale vrijdagmiddagborrels, pubquizen en lunches zijn we in ieder geval behoorlijk creatief. En reizen hoeft niet meer. Het fileprobleem is daardoor nagenoeg opgelost. Staat er op een gemiddelde donderdagavond 260 kilometer file op de wegen, nu rijdt nagenoeg alles door.

Op hier en daar een incidentje nagelaten, zegt een woordvoerder van Rijkswaterstaat. De langste file in deze twee weken tot nu toe? Een kilometer of 10. Dan zijn er nog de beelden van de schonere Chinese luchten, de heldere Venetiaanse kanalen en de deskundigen die verwachten dat deze dagen de stikstofuitstoot fors terug zal lopen.

Klantenservice vanuit huis

Smaken deze eerste zichtbare voordelen naar meer thuiswerken? “Ik vind deze vraag wat prematuur”, zegt Karin van der Pol van ING. De grootbank met ruim 14.600 medewerkers heeft kort na het besluit van het kabinet alles op alles moeten zetten om het thuiswerken mogelijk te maken. In een paar dagen tijd is de klantenservice – bestaande uit 1250 mensen– anders ingericht.

Er moesten laptops komen, geheime klantgegevens moesten vanuit huis te raadplegen zijn. Resultaat: wie nu belt met de klantenservice, krijgt iemand aan de lijn die thuis moeilijke en minder ingewikkelde vragen beantwoordt.

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: eindredacteur Onno Havermans.

Dan zijn er nog de ruim 30.000 ING-medewerkers elders in de wereld die allemaal op hetzelfde netwerk inloggen. “Er wordt eigenlijk 24/7 gewerkt aan het vergroten van de capaciteit.” Belangrijk, weet ze. Want haar naar schoolgaande zoon slaagt er maar niet in om in te loggen op het schoolsysteem. Bijna altijd overbelast. Ondertussen gaan de gewone werkzaamheden door. En ze worden ook nog eens beïnvloed door de huidige situatie.

‘We letten op elkaar’

Zo verhoogde ING, in samenwerking met andere banken, het limiet voor contactloos betalen. Tot 50 euro hoeft nu geen pincode meer ingetoetst te worden. “We zijn dus echt net bezig”, aldus Van der Pol. Wat ze al wel kan zeggen: collega’s letten wat meer op elkaar, vragen aan degenen met kleine kinderen of het nog allemaal lukt. “Iedereen is extra alert. Ja, misschien klopt het wel wat je zegt. Misschien zijn we ook wel liever geworden voor elkaar.”

Directeur Ilse van Ravenstein weet haast niet beter dan dat ze thuis werkt. Zo’n 25 jaar geleden begon ze als zelfstandig ondernemer haar adviesbureau Involve. En ook nu ze inmiddels 21 collega’s heeft, is Involve nog altijd kantoorloos. Een kantoor is niet nodig, vindt Van Ravenstein. Haar medewerkers werken door het hele land. En wie bij een klant langsgaat, doet dat veelal met de trein. Alert zijn op haar collega’s heeft ze jaren kunnen oefenen.

De snelheid van een reactie, de ondertoon van een mail, de manier waarop een videogesprek wordt afgesloten. Via kleine signalen vangt ze op of een van haar medewerkers in zijn hum is of niet. “Maar werknemers moeten ook het zelfvertrouwen hebben om hun virtuele vinger op te steken en te zeggen wat er mis is. Er kan online veel meer dan we nu denken.”

Neem de koffieautomaat. Bij Involve heet die Yammer. Kattenfilmpjes, nieuwe hobby’s, verhalen over kinderen, schoonmoeders, ooms en tantes worden allemaal gedeeld in de chat-app. Ook waarderingsgesprekken, de positieve variant van de beoordelingsgesprekken vinden online plaats. “Maar ook wij hebben behoefte aan sociaal contact”, zegt Van Ravenstein. Dus komen ze eens per maand bij elkaar. Tijdens een zogeheten bureaudag. Toen de laatste bureaudag door de coronamaatregelen niet door kon gaan, kreeg iedereen thuis een pizza opgestuurd om toch samen te kunnen lunchen.

Dat volledige thuiswerken is niet voor iedereen weggelegd, benadrukt de oprichtster. “Dat we nu met z’n allen thuiswerken, is omdat er iets externs aan de hand is. Een grote verandering waar we ons niet tegen kunnen verzetten. Als dat straks wegvalt... Een hele groep mensen werkt namelijk niet per se vanwege de inhoudelijke opdrachten, maar om sociale connecties te kunnen maken. En in sommige bedrijven is de cultuur er niet altijd naar om mensen zo te vertrouwen, ze hun gang te laten gaan.”

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: Antal Crielaard, van de centrale redactie.

Zaken die de concentratie beïnvloeden

Organisatiepsycholoog De Jonge kan dat alleen maar beamen. Daar komt nog eens bij dat de coronacrisis voor stress kan zorgen. De kans op besmetting, het oplopende dodenaantal, schoolgaande kinderen die plots thuisonderwijs krijgen, rondrennende peuters en kleuters die voortdurend vermaakt moeten worden. Allemaal zaken die de concentratie beïnvloeden, aldus De Jonge.

Terwijl thuiswerken vaak ideaal is om meters te maken, zegt ze. “Wees nu dus mild voor jezelf.” En dan is ook niet eens iedereen gemaakt voor thuiswerken. Wie het liefst vasthoudt aan structuur, kan moeite hebben met de vrije dagindeling thuis. En wie om het uur even een babbeltje maakt met collega’s ziet nu waarschijnlijk de muren op zich afkomen. Maak dan ook tijd voor een online koffiepauze tussen alle serieuze vergaderingen door, adviseert De Jonge.

“Het hoeft voor mij niet heel lang te duren”, lacht marketing- en communicatiemanager Astrid van Ballegoy van het technische handelsbedrijf Hitma. “Ik mis mijn collega’s wel hoor.” Van de 65 collega’s werken er nu zeker 50 thuis. Toen ze deze week even op kantoor was, stonden er zeven fietsen in de stalling. Belt ze een collega op om wat zaken door te spreken, dan duurt het gesprek toch iets langer dan normaal. Niet vreemd, zegt Van Ballegoy. De medewerkers van het bijna honderd jaar oude bedrijf zijn gemoedelijkheid gewend. Is er iemand jarig dan wordt dat groots gevierd met slingers en taart. Mét aankondiging op Twitter en Facebook.

Maar het verplichte thuiswerken heeft ook voordelen, ziet Van Ballegoy. “Misschien moeten we er toch minder moeilijk naar kijken”, zei directeur Michiel Jansen onlangs tegen haar over dat thuiswerken. Niet dat het echt ‘moeilijk’ was, zegt Van Ballegoy er snel achteraan. “Maar het was zeker niet standaard.” Tegelijkertijd ziet ze haar collega’s ook iets creatiever worden. Ze organiseren webinars (online trainingen), interviewen collega’s via Skype om daar interessante items van te maken en stomen zich zelfs al klaar voor hun eerste online pubquiz. Voor tijdens de aanstaande vrijdagmiddagborrel.

Psychologen De Jonge en Gerard Tertoolen zeggen dat die kennismaking met thuiswerken ervoor zorgt dat bedrijven (ondanks de moeizame omstandigheden) de positieve kanten ervan kunnen ervaren. Tertoolen, die werkzaam is als verkeerspsycholoog en verheugd is over het plots verdwenen fileprobleem, weet al van een aantal grote bedrijven dat ze thuiswerken ook na de crisis verder willen implementeren.

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: vormgever Liesbeth van Warmerdam.

Omdat de bezwaren – dat kan toch helemaal niet, we zien elkaar veel te weinig, werken collega’s dan wel hard genoeg? – toch niet helemaal blijken te kloppen. Namen kan hij niet noemen. Daar is het te pril voor.

Maar krijgt het gedrag van die grote bedrijven op grote schaal navolging? Tertoolen durft het niet te zeggen. In ieder geval niet als het van werknemers moet komen, verwacht hij. Dikke kans dat die weer in hun oude gewoonte vervallen. “We zijn al jaren gewend om allemaal in de auto te stappen, naar vergaderingen te gaan, noem maar op. Dat hebben we niet in twee, drie maanden afgeleerd. Dit moet van bovenaf komen, vanuit de werkgeverskant.”

Wat Tertoolen nog veel meer in de journaals zou willen zien, zijn de positieve kanten van de coronacrisis. De ‘indrukwekkende satellietkaarten van Nasa’ bijvoorbeeld. Van de schone Chinese lucht. Of de schonere kanalen in Venetië. “Dan laat je zien dat we met z’n allen een verschil kunnen maken. Als we willen, die keus echt maken, kunnen we een bijdrage leveren aan een schonere wereld. Dat zien we nu echt.”

Thuis geschiedenis doceren

Terug naar de thuiswerkers: Amsterdam, 23 maart. De 34-jarige docent Eva Driessen is thuis een geschiedenisles aan het opnemen. Met op schoot haar vierjarige dochter Sofie. “Rome begon, zoals je op het kaartje ziet...”, begint Driessen haar verhaal. “Het lijkt op een eenhoorn!”, klinkt er tussendoor. “Ja, het lijkt inderdaad op een eenhoorn. Maar Rome begon dus in het rode gedeelte van de kaart. Kijk, hier...”

Weer een onderbreking: “Mag ik ook eens tekenen?” Vijftien minuten later: “Dit is een heel mooi einde van deze les”, sluit Driessen af. “Ja, en jullie moeten doodgaan”, giechelt Sofie. Waarschijnlijk geïnspireerd door al het dood en verderf in de Romeinse les van haar moeder. “Hé, dat mag je niet zeggen!”

Ook de redactieleden van Trouw moeten hun werk nu van huis uit doen. Hier: Joop Bouma, van de redactie Duurzaamheid & Natuur.

Toegegeven, zegt Driessen. Zo gaat niet elke les eraan toe. Maar als ze weer eens een video aan het opnemen is, komt het weleens voor dat dochter Sofie de kamer binnen komt vallen. Moeilijk? Ze kan er wel om lachen. Een maand of twee terug had de docent geschiedenis nooit gedacht een dagje thuis te kunnen werken.

Of de schoolleiding inmiddels overweegt docenten die kans te geven? Driessen denkt het niet. “Bij ons verandert er niet veel. We zijn een hele traditionele school.” En zij? Is zij om? Er klinkt een harde nee. “Ik mis mijn leerlingen. Soms wil je ze achter het behang plakken, maar die interactie. Die verhalen die ik aan ze kan vertellen. Daar word je toch docent voor.”

Lees ook:

Thuiswerker is vaak overwerkt

Thuis even dat laatste klusje afmaken, dat ene mailtje versturen of dat rapport doorspitten dat al weken ligt. Bijna twee miljoen Nederlanders hebben zo’n thuiswerkdag of gebruiken de vrije uurtjes in de avond of in het weekeinde om achterstallig werk weg te werken. Maar heel ontspannen gaat dit incidentele thuiswerken niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden