null Beeld Suzan Hijink
Beeld Suzan Hijink

ReportageGeldproblemen

‘Wilt u hulp bij schulden?’ Die vraag stelt de rechter in Gelderland nu ook

De rechtbank in Gelderland verwijst mensen met schulden actief door naar de gemeentelijke schuldhulpverlening. ‘Een duwtje richting schuldhulp is effectiever dan dat we mensen steeds weer met een nieuwe dagvaarding terugzien’, zegt rechtbankpresident Rémy van Leest.

Lukas van der Storm

Achter de ruggen van kantonrechter Jeannette Verspui en de rechtbankgriffier staan twee karretjes vol papier. Honderden dagvaardingen liggen er, hier in een van de grotere zalen van de rechtbank in Arnhem. Van bijvoorbeeld zorgverzekeraars, huurbazen, telefoonmaatschappijen. En nog veel vaker van door dit soort schuldeisers ingeschakelde incassobureaus. Zij eisen in al die dossiers geld van een schuldenaar die zijn rekening(en) niet betaald zou hebben.

Je zou dit de eindeloze stroom aan productiewerk van een rechtbank kunnen noemen. Zo’n stapel met honderden dossiers is slechts de oogst van één week. De rechtbank Gelderland behandelt al die zaken iedere woensdag om tien uur ‘s ochtends tijdens een zogeheten ‘rolzitting’. Iedereen die door een schuldeiser is gedagvaard, kan daarbij langskomen om zijn of haar kant van het verhaal toe te lichten.

Het overgrote deel van hen doet dat overigens niet. Sommigen maken gebruik van de mogelijkheid om schriftelijk op de dagvaarding te reageren. Zeker vier op de vijf gedaagden laat niets van zich horen, bijvoorbeeld omdat ze hun post niet openmaken. In de meeste gevallen - als de vordering klopt en niet wordt betwist - krijgt de schuldeiser dan gelijk, en staat de schuld officieel in rechte vast.

Sommige zaken blijken veel complexer

Maar er is altijd een select groepje dat wél bij de rolzitting komt opdagen. Wie dat zijn, weet kantonrechter Verspui nooit van tevoren. Op deze woensdagochtend treft ze drie mannen, die aan de lange tafel tegenover haar hebben plaatsgenomen. “U had misschien verwacht hier ook iemand van de tegenpartij te treffen”, begint ze. Die zijn bij een rolzitting meestal niet aanwezig. “Deze zitting dient er vooral voor om te kijken hoe we uw zaak een vervolg geven.”

Sommige zaken blijken veel complexer dan een schuldeiser die zijn geld wil zien en een schuldenaar die niet kan betalen. Er komen ook veel zakelijke conflicten langs. Over een niet naar tevredenheid uitgevoerde verbouwing bijvoorbeeld, zoals bij de middelste man. Verspui raadt hem aan zijn kant van het verhaal nog eens goed op papier te zetten. De kans is dan groot dat beide partijen elkaar later wél tijdens een inhoudelijke behandeling in de rechtbank treffen.

Maar vaker zitten hier mensen die kampen met schulden. Zoals de ondernemer die aan de linkerkant heeft plaatsgenomen. Zijn restaurant ging een jaar of vijf, zes geleden failliet. Hij begon opnieuw met een bedrijf in de evenementenbranche, maar daarbij doemde met het intreden van de coronacrisis al snel nieuwe tegenslag op.

“Ik heb bijna alles kunnen oplossen”, vertelt hij aan Verspui. Behalve dan met het UWV, waaraan hij nog geld verschuldigd is vanwege de afwikkeling van zijn eerdere faillissement. De man heeft al een betalingsregeling getroffen met de uitkeringsinstantie. Maar op een of andere manier, mogelijk doordat hij in korte tijd vier keer verhuisd is, heeft het incassobureau van het UWV hem toch gedagvaard.

Over Rood

Aan het einde van het gesprek over zijn zaak slaat rechter Verspui een in de rechtbank nog wat ongebruikelijk pad in. “Bent u bekend met Over Rood?”, vraagt ze. “Dat is een organisatie die kan meedenken met ondernemers die te maken hebben met schulden.” De man schudt van nee. “De dame in het rode shirt kan na de zitting even met u meelopen. Zij kan u meteen in contact brengen met de gemeente als u hulp wilt bij de afwikkeling van schulden.”

Die mevrouw op de publieke tribune is Ellen Huijzer, kersvers schuldenfunctionaris bij de rechtbank Gelderland. Haar functie komt voort uit een proefproject dat twee jaar geleden begon, in samenwerking met de gemeenten Arnhem, Nijmegen, Ede en Apeldoorn. Kantonrechters verwijzen mensen bij de rolzitting actief door naar de gemeentelijke schuldhulpverlening.

Het is voor de rechtspraak een nog wat onbekend terrein, dat ze ook met enige terughoudendheid betreedt. “Rechters zijn geen hulpverleners”, licht rechtbankpresident Rémy van Leest toe. “Maar de wereld houdt niet op bij de deur van de rechtbank. We willen ook oog hebben voor wat de samenleving nodig heeft.”

Bij de kantonrechter - maar ook bij andere onderdelen van de rechtspraak - ziet Van Leest vaak dezelfde mensen terug. “Denk aan iemand die tien keer een boete heeft gehad voor zwartrijden. Waarbij de boetes ook elke keer weer verhoogd worden als iemand niet betaalt.” De schuldeiser heeft dan wettelijk gewoon gelijk: de zwartrijder-zonder-geld zal moeten betalen. “De kans is groot dat iemand hier naar buiten loopt, maar dat we hem ook snel weer terugzien.”

Een stevige duw richting schuldhulp

De rechter moet wat Van Leest betreft zelf geen hulpverlener worden. “Maar we zien bij rolzittingen veel mensen uit sociaal zwakkere milieus, die geen overzicht over hun administratie hebben. Die kunnen we wel een stevige duw richting schuldhulp geven.” Daar wordt niemand slechter van, vindt hij: het geschil wordt gewoon behandeld. “Zo willen we oog hebben voor wat maatschappelijk effectieve rechtspraak is.”

In de proefperiode waren het vaak de gemeentelijke schuldhulpverleners zelf die op de publieke tribune plaatsnamen. Zo bezochten de jongerenwerkers van Oprecht uit Arnhem bijna wekelijks trouw de rolzittingen. Met resultaat: zo eens in de twee of drie weken treffen medewerkers iemand die gebruikmaakt van het hulpaanbod. Daarmee wordt de rechtbank een belangrijke nieuwe ‘vindplaats’ van mensen met schulden die nog níét bij de gemeente op de radar staan.

Dat kunnen mensen zijn met een beginnende schuld, bijvoorbeeld door een onbetaalde telefoonrekening of zorgverzekering. Maar vaak zijn het toch ook mensen met forse en complexe schulden die via de rechtbankroute bij hulpverleners op de radar komen. “Als het om een paar honderd euro gaat, slaan jongeren het aanbod vaak ook af”, merkt Abdellatif El Malki van Oprecht. “Bij forse schulden is er eerder het besef dat er écht iets moet gebeuren.” Soms gaan mensen ook niet meteen op het hulpaanbod in, maar nemen ze een paar maanden later alsnog contact op.

De proef met de vier grootste gemeenten van Gelderland smaakte in elk geval naar meer. Sinds maart verwijst de rechtbank naar alle 51 gemeenten in de provincie door. Die procedure is met het aanstellen van de schuldenfunctionaris verder gestroomlijnd: gemeenten hoeven niet allemaal wekelijks mensen naar de rechtbank te sturen, terwijl het maar zeer de vraag is of er iemand uit hun regionen komt opdagen. Bovendien beperkt schuldenfunctionaris Huijzer zich niet tot de rolzitting. Ook bij bijvoorbeeld strafrechtzaken waarbij schuldenproblematiek aan de orde is, wordt zij ingeschakeld.

Huurachterstand

Op de rolzitting van kantonrechter Verspui komt intussen de zaak van de man aan de rechterkant van de tafel aan bod. Hij heeft al een tijdje een huurachterstand bij woningcorporatie Portaal. De schade beperkt zich tot een maand. De laatste maanden voldeed hij de huursom wél. Maar geld om de eerder opgelopen achterstand in te lopen, is er niet.

De man is gefrustreerd. Hij heeft naar eigen zeggen gisteren pas een mail gehad dat hij in de rechtbank werd verwacht. Hij wil eigenlijk dat Verspui hem alleen al daarom in het gelijk stelt. Maar zo werkt dat nu eenmaal niet, probeert ze duidelijk te maken. De huurachterstand is er. En ondanks het late tijdstip was de man toch in staat om naar de rechtbank te komen. De late informatie is misschien niet netjes, maar juridisch niet van belang.

Hij laat zich uiteindelijk overtuigen geen procedure te starten, waarbij hij hoogstwaarschijnlijk toch in het ongelijk zou worden gesteld. De man laat Verspui een overzicht zien van zijn financiële situatie. “Ik vind het heel knap hoe u het doet”, benadrukt ze. Want hoewel hij maar 90 euro per maand overhoudt om van te leven, betaalde hij toch maandelijks de huur.

Maar zijn financiële situatie roept ook meer vragen op dan dat er antwoorden zijn. Wil hij hulp? De man lijkt er weinig trek in te hebben: hij heeft negatieve ervaringen met het wijkteam van de gemeente. Als hij nogal bozig de rechtszaal verlaat, glippen Huijzer én Oprecht-medewerker Jaouad Najih samen achter hem aan.

Ze hebben hem wat op zijn gemak kunnen stellen, vertelt Loen na afloop. En de man weet waar hij terechtkan. Of hij ook gebruikmaakt van het aanbod valt nog te bezien. “Maar hij is anders weggegaan dan als wij er niet zouden zijn”, zegt Huijzer. “Hij liep nog net niet met slaande deuren de zaal uit, en kon bij ons ook even zijn verhaal kwijt tegen iemand anders dan de rechter. Uiteindelijk liep hij relaxed het gebouw uit.”

Lees ook:

Diep in de schulden? De rechter kan je doorverwijzen naar schuldhulpverlening

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden