Jaar van de BoerVarkenshoff

‘Wij boeren moeten laten zien wat we doen’

De familie Noordman runt een varkensbedrijf in Lemelerveld.Beeld Herman Engbers

De familie Noordman uit Lemelerveld runt de Varkenshoff, waar ze zo’n zesduizend vleesvarkens houden. Trouw volgt ze een jaar in hun doen en laten. Wie zijn zij en wat beweegt ze?

Ze mogen dan wel de hele dag door de modder en de stront rollen, maar dat maakt Anne-Marie Noordman (54) niks uit. Als ze haar roze overall eenmaal aan heeft en zich tussen haar dieren in de stallen voegt, kan ze het niet laten om haar varkens zo nu en dan een flinke knuffel te geven.

Haar varkens, ja. En die van haar man Herbert (55). En ook die van hun kinderen Niels (25), Kim (30), Rens (22) en Bart (28). Die wonen weliswaar niet meer thuis, maar ze helpen nog volop mee met het runnen van het bedrijf. Genoeg te doen. De dieren verzorgen, de stal opruimen, voer bestellen, de administratie; je moet als boer tegenwoordig een duizendpoot zijn. Vandaag zit de hele familie aan de grote tafel aan de lunch. Als de verslaggever wil mee-eten is dat prima, maar dan moet hij wel snel zijn, anders is het op.

Welkom op de Varkenshoff dus, met dubbel f, dat vond Anne-Marie net even chiquer. Het is een modern bedrijf met mooie, nog vrij nieuwe stallen. Fraai gelegen in Salland, vlakbij Dalfsen.

Als de varkens 120 kilo wegen, zijn ze rijp voor de slacht

Op deze witte boerderij in Lemelerveld wonen niet alleen Anne-Marie en Herbert , maar ook zo’n zesduizend varkens. Vleesvarkens. De biggetjes die hier ter wereld komen worden zes maanden op de Varkenshoff verzorgd. Als ze zo’n 120 kilo wegen, zijn ze rijp voor de slacht. Om uiteindelijk als balletje gehakt op ons bord te belanden. Althans, op het bord van de liefhebber.

Waarmee we meteen al een stevig onderwerp te pakken hebben, zo tussen de broodjes kaas door. Want die liefhebber behoort tegenwoordig tot een soort zwijgende meerderheid. Het zijn de critici die het hoogste woord voeren in de discussie over vlees, over het milieu, over hoe je met dieren moet omgaan. Dat steekt wel eens bij de familie Noordman.

“Wij vermenselijken het dier te veel”, zegt Anne-Marie. Ze merkt dat bijvoorbeeld als ze schoolklassen ontvangt en rondleidt op de Varkenshoff. Daar zitten scholieren tussen die het zielig vinden, al die dieren in de stal. Vooral voor die mensen stelt ze haar bedrijf graag open. “Tegen hen zeg ik: Laat mij een beetje door jouw ogen kijken, maar kijk jij dan ook een beetje door mijn ogen.”

Het jaar van de boer

In de serie Het Jaar van de Boer volgt Trouw een jaar lang drie boerengezinnen. Varkenshouders en melkveehouders. Hoe vergaat het ze? Hoe staan ze in het leven? Voor welke keuzes komen ze te staan? Is er bedrijfsopvolging? Hoe kijken ze aan tegen ‘de rest van de maatschappij’, tegen dierenwelzijn en klimaat? Deel 1: Kennismaken met de familie Noordman, varkenshouders uit Lemelerveld.

Anne-Marie is al vanaf haar geboorte, al 54 jaar dus, ‘een boerin in hart en nieren’. Kom op zeg, vertel haar niet hoe je met dieren moet omgaan. “Ik zorg beter voor mijn dieren dan menigeen voor zijn hondje of katje. Als je het hebt over dierverzorging, kom maar op, ik kan het uitleggen. Ik ben klaar met accepteren hoe er over ons wordt gepraat.”

Weten wat een varken is

Het beeld dat over boeren bestaat, vindt de hele familie Noordman, vertelt niet het hele verhaal. De meeste mensen weten niet hoe het er echt aan toe gaat op een boerenbedrijf en daarom is het verstandig, zeker in deze tijd, om te laten zien wat je doet, je erf open te stellen, in discussie te gaan. Anne-Marie: “Wij boeren hebben onze dierhouderij te lang niet blootgesteld aan de mensen zodat niemand meer wist wat een varken was.”

Zoon Rens merkt het ook. Hij studeert hbo-werktuigbouwkunde in Groningen. “Daar spreek ik veel hoogopgeleide mensen, maar die zijn vaak heel onwetend.” Precies wat Bart, die in Utrecht bij Rijkswaterstaat werkt, ervaart. “Zelfs mensen met een goede opleiding weten vaak amper waar hun voedsel vandaan komt.” 

Kim, die met haar man en hun baby is aangeschoven, constateert hetzelfde. “Mensen snappen niet dat dit een manier van leven is.” Het boerenbestaan is niet zo inwisselbaar als een kantoorbaan, wil ze maar zeggen. Het is je leven.

Wat niet betekent dat ze niet bezig is met een veranderende wereld, met voorzichtig omgaan met de planeet. “Ik denk wel dat we ons bewuster moeten zijn van het klimaat, dat we nadenken over hoe vaak we vliegen en of we wel alles via bol.com moeten bestellen.”

Vlees uit landen waar het slechter is gesteld

Hoe bewust ben je met je varkens bezig, daar gaat het om, stelt Anne-Marie. Ze denkt bij alles na wat ze in haar bedrijf doet. Zo kiest zij ervoor om haar dieren binnen te houden. “Omdat ik geloof dat dat het beste voor het milieu is. Gelukkig kun je daar in Nederland voor kiezen.”

Al gaat dat ook weer niet helemaal op. Want kiezen voor een andere vorm van boeren, waarover nu de discussie oplaait in Nederland, kan ook verliezen zijn. “Mensen moeten zich er bewust van zijn dat als de dieren uit Nederland verdwijnen, ons vlees dan uit andere landen komt, waar het slechter is gesteld met milieu en dierenwelzijn. Echt, als ik met minder varkens rond kon komen, zou ik het doen.”

Ach, weet je wat het is, zegt Herbert. Het is geen kwestie van onwil bij de boeren. “De gemiddelde boer wil prima opschuiven. Als het maar betaalbaar is.” En als er iets meer begrip is voor elkaars standpunten. Van boeren enerzijds en van klimaat- of dierenactivisten anderzijds.

Dat gebeurt gelukkig ook wel. Een poos geleden nog, vertelt Herbert. Waren er Provinciale Statenverkiezingen. Staat er ineens een bus van de Partij voor de Dieren voor het erf. “Tja, wat doe je dan. Ik ben er maar gewoon naartoe gelopen, heb me netjes voorgesteld en toen heb ik die mensen aangeboden om ze hier rond te leiden. Op het laatst zeiden ze: ‘Goh, die dieren zien er best gezond uit’.”

Anne-Marie: “Mensen die iets vinden, moeten zich er wel in verdiepen. Ga kijken!”

Het probleem is, vindt de familie Noordman, dat dát verhaal nauwelijks tot krant of televisie doordringt. Om het overdreven te stellen: het is vaak die kleine groep activisten uit de grote steden in het westen, die nog geen koe van een geit kunnen onderscheiden, maar daar wel van alles van vinden. Herbert: “Wij hebben meer zorgen over de beeldvorming dan over ons verdienmodel. Andere instanties hebben betere ingangen bij de media. Wij moeten ons eigen verhaal vertellen.”

Want als boeren dat zelf niet doen, hebben ze gemerkt, dan gaan anderen ermee op de loop. Een poos geleden hadden ze een vervelend akkefietje. Anne-Marie had in de pers gezegd: “De deur is bij ons altijd open”. Waarmee ze bedoelde: op de Varkenshoff is iedereen welkom. Dat hadden enkele lieden anders opgevat. Ze gingen stiekem ‘s nachts het erf op om aan de stallen te morrelen. Die zaten op slot. Nogal wiedes, zegt de familie, wie sluit er ‘s avonds niet de boel af? Maar het oordeel was al geveld en op sociale media gingen mensen flink tekeer. Geen pretje, vond ook Niels. “Dat er over je ouders wordt gezegd: behandelen jullie je kinderen ook zo? Dat gaat veel te ver.”

Een andere kant op

Niels is de enige van de kinderen die misschien zijn ouders wil opvolgen. De andere drie gaan een andere kant op met werk, studie en kind. En Annemarie en Herbert hebben niet het eeuwige boerenleven, hoe leuk ze hun werk ook nog vinden.

Niels werkt nu nog  op een boerenbedrijf elders, en deels in de maatschap thuis, maar wat de toekomst brengt, is ongewis. Zeker in een tijd waarin het geluid luider klinkt om de veestapel te verkleinen, om boeren uit te kopen. Niels heeft nog even, maar het moment dat hij moet kiezen nadert. “Mijn ouders hebben me vijf jaar gegeven, dan moet ik het weten. Zo hebben we dat afgesproken. Ik vind het moeilijk. Er moeten genoeg inkomsten zijn, maar er moet ook waardering tegenover staan.”

Waardering van buitenaf, bedoelt hij. Van het volk voor de boer. De acties van 1 oktober, toen agrariërs protesterend naar het Malieveld optrokken met hun trekkers, steunden de Noordmans. Anne-Marie is met de trein gegaan. “Zo kon ik onderweg met mensen in gesprek.” Bart leefde ook met de protesterende stoet mee: “Ik heb ook overwogen om te gaan, ik vond het wel mooi.”

Een club als Farmers Defence Force, zeg maar de fanatieke boeren, is meer uitgesproken, vindt Herbert. “Draagvlak is belangrijk. Maar van alleen waardering blijf je geen boer. Dus stevig actie voeren is soms nodig om ons inkomen veilig te stellen. Er moet een punt worden gemaakt.”

Lees ook:

Het kabinet trekt extra miljoenen uit om boeren uit te kopen

Het kabinet breidt een eerdere uitkoopregeling uit. De oppositie voert de druk op en eist ook extra geld voor de natuur.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden