AnalyseWinstbelasting

Wat betekent het G7-akkoord voor de Nederlandse staatskas?

De Amerikaanse minister van financiën, Janet Yellen, sprak afgelopen weekend tijdens de bekendmaking van de nieuwe belastingafspraken tussen landen van de G7. Beeld REUTERS
De Amerikaanse minister van financiën, Janet Yellen, sprak afgelopen weekend tijdens de bekendmaking van de nieuwe belastingafspraken tussen landen van de G7.Beeld REUTERS

Hoe zal het zwaarbevochten nieuwe belastingakkoord over een minimumbelasting uitpakken voor de Nederlandse staatskas?

Als het akkoord dat zeven rijke landen afgelopen weekend met elkaar sloten om belastingontwijking in te dammen zo ‘baanbrekend’ en ‘historisch’ is, wat gaat Nederland er dan van merken? Stroomt er straks meer belastinggeld de staatskas in? Of vluchten al onze grote bedrijven als Shell en ASML naar belastingparadijzen als de Bahama’s, die misschien niet willen meedoen aan het wereldwijde minimum?

Afgelopen zaterdag schaarde de G7 (met landen als de Verenigde Staten, Japan en Duitsland) zich achter een minimumtarief voor winstbelasting van 15 procent. Tegelijkertijd wil de G7 dat bedrijven belasting gaan afdragen in de landen waar zij hun winst maken, en dus niet slechts in het land waar het hoofdkantoor gevestigd is. Het gaat dus om twee componenten: méér belastingafdracht (via dat minimumtarief) en een herverdeling tussen landen.

Wereldwijde afspraken

Volgende maand moet een grotere groep landen er nog een handtekening onder zetten, wat weer de opmaat is om er wereldwijd afspraken over te maken. Of de afspraken van dit weekend een-op-een overeind blijven, is nog de vraag. Eén ding is wel duidelijk: precies die twee componenten maken het moeilijk om te zeggen of de Nederlandse staatskas hier nou van gaat groeien of krimpen. Er zijn hier relatief veel hoofdkantoren: van oliebedrijf Shell, verfgigant AkzoNobel en chipmaker ASML. Dat soort grote bedrijven laten vaak een deel van hun winst neerslaan in laag belaste landen, zeg: de Kaaimaneilanden of Bermuda.

Geldt er straks een minimumtarief, dan komen ze daar niet meer mee weg, ook niet als de Kaaimaneilanden of Bermuda niet mee willen doen met het wereldwijde verdrag. Laten multinationals met een Nederlands hoofdkantoor hun winst neerslaan in die landen, dan gaat de Nederlandse fiscus aanvullende belasting heffen totdat de multinational alsnog 15 procent winstbelasting afdraagt. Aan de Nederlandse staat dus. Dan loont het dus niet meer om uit te wijken naar belastingparadijzen, zelfs als die paradijzen hun tarieven laten als ze zijn.

Door de vele hoofdkantoren hier klinkt het nieuwe verdrag lucratief voor Nederland, een land dat er internationaal niet best op staat als het om belastingontwijking gaat. Vorige week publiceerde de EU Tax Observatory onder leiding van hoogleraar Gabriel Zucman een studie, waarin geschat wordt dat Nederland zo’n 900 miljoen euro per jaar meer mag verwachten met het nieuwe minimumtarief.

Niet erg veel Nederlandse consumenten

Dan dat tweede facet van het verdrag, die herverdeling van het belastinggeld. De extra belasting die multinationals hier moeten gaan afdragen, vloeit daardoor deels naar de landen waar de omzet is geboekt. En zoveel consumenten zijn er niet in Nederland. Een groot deel van de belastingkoek zal dan eerder naar landen als de Verenigde Staten gaan, waar veel meer mensen autorijden (Shell), schilderen (AkzoNobel) of chips nodig hebben (ASML).

Bartjan Zoetmulder, voorzitter van de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs, denkt daarom dat de opbrengsten hoogstens ‘heel beperkt’ zullen zijn. En het vestigingsklimaat, verandert dat volgens hem nog? “Ik denk weinig. Bedrijven hebben niet veel reden om te vertrekken door het minimumtarief. Ons tarief voor winstbelasting is immers al 25 procent, hoger dan het nieuwe minimum.” Een land als Ierland mag zich volgens hem meer zorgen maken, dat lokte multinationals met een laag tarief van 12,5 procent. “Zij zijn dat speeltje straks kwijt.”

Arnold Merkies van Tax Justice NL vindt het ook lastig om nu al te zeggen hoe de recente afspraken mogelijk uitpakken voor Nederland. Merkies vindt het vooral ingewikkeld, omdat de details over het berekenen van de relevante winst bij bedrijven nog niet duidelijk zijn. “Vervolgens”, zegt hij, “willen we ook meer kunnen volgen of bedrijven zich er ook aan houden.” Het schort volgens hem nog aan transparantie. “Pas als we inzicht krijgen in wat bedrijven effectief in elk land betalen, kunnen we zien welk effect het zal hebben”, meent hij.

Lees ook:

De G7 houdt alle kikkers in de kruiwagen en tekent een gedenkwaardig belastingakkoord

Zeven ministers van financiën hebben zaterdag gedenkwaardige handtekeningen gezet. De VS, het Verenigd Koninkrijk, Canada, Duitsland, Frankrijk, Italië en Japan zijn het er nu officieel over eens dat het afgelopen moet zijn met de belastingontwijking door grote bedrijven. ‘Een huzarenstukje.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden