InterviewBert van Boggelen

‘Voor mensen met een arbeidsbeperking zou het ouderwetse arbeidsbureau terug moeten’

Bert van Boggelen, hij vertrekt bij De Normaalste Zaak.Beeld Phil Nijhuis

Regelzucht. Die zorgt ervoor dat gemeenten en het UWV moeilijk mensen met een arbeidsbeperking aan het werk krijgen. Het is ‘duwen, trekken en sleuren’.

“Werkgevers willen wel, maar op veel plekken helpen de instanties nog niet erg mee”, zegt Bert van Boggelen (58), die zich acht jaar heeft ingezet om bij werkgevers meer banen te creëren voor mensen met een arbeidsbeperking. Dat is ‘duwen, trekken en sleuren’, vertelt hij nu hij eind vorig jaar een punt zette achter deze missie.

Van Boggelen was vanaf 2011 kwartiermaker bij De Normaalste Zaak, een netwerk van bedrijven die zich inzetten voor mensen met een beperking (zie kader). Het was vooral in de beginjaren een behoorlijke opgave. “UWV en veel gemeenten waren te veel gericht op het verstrekken van uitkeringen, en niet op het helpen van mensen aan een baan.” Van Boggelen noemt het ‘kapitaalvernietiging’: al die mensen in de kaartenbakken van gemeenten en UWV, die willen werken maar geen begeleiding krijgen.

“Ondanks alle goede bedoelingen van ambtenaren en UWV-medewerkers blijkt het door bureaucratisering en desorganisatie moeilijk om mensen te plaatsen. De gemeentelijke sociale diensten zitten gevangen in structuren en regels waardoor alle souplesse om buiten de kaders te denken, ontbreekt.”

Plots kwam het enthousiasme

Een voorbeeld. “PostNL zocht mensen met een arbeidsbeperking om pakketten te sorteren in de vroege ochtend. Er waren tachtig mensen nodig in vier gemeenten. Sociale werkplaatsen zorgden er altijd voor dat zoiets werd geregeld. Maar met de komst van de Participatiewet in 2015 zijn de deuren van de SW-bedrijven dichtgegaan. Nu ving PostNL overal bot. ‘De uitkeringsgerechtigden die wij hebben, kunnen dat niet’, kregen ze terug van de ambtenaren.”

“Toen hebben wij van De Normaalste Zaak een aantal klantmanagers van die gemeenten naar PostNL gestuurd. Ga zelf eens kijken wat het werk inhoudt. Plots kwam het enthousiasme. Ze zagen dat het werk niet zo zwaar is als ze dachten en dat de werknemers gewoon een arbeidsovereenkomst krijgen. Dat is belangrijk voor deze mensen, dat geeft rust.”

Door dat bezoek kregen de klantmanagers een goed beeld van welke capaciteiten nodig zijn voor het werk, vertelt Van Boggelen. Toen is het toch gelukt om mensen uit de kaartenbakken naar dit werk te begeleiden.

Werkgevers vormen De Normaalste Zaak

De Normaalste Zaak is een netwerk van zo’n 700 bedrijven die elkaar helpen bij het aannemen van werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt, zoals mensen met een arbeidsbeperking. De stichting begon in 2011 en valt sinds 2016 onder het bestuur van werkgeversorganisaties VNO-NCW, AWVN en MVO Nederland. Circa vijftien bedrijven, zoals ABN Amro, Achmea, Ahold, Asito, Rabobank, Berenschot en DNB, hebben voor De Normaalste Zaak een werknemer deels vrijgesteld zodat ze andere bedrijven kunnen bezoeken, ervaringen kunnen uitwisselen en regels eenvoudiger kunnen krijgen.

Het zou volgens hem helpen als er voor gemeenten minder regels waren. “Iedereen heeft moeite met de administratieve rompslomp. Sommige werkgevers stoppen zelfs met de subsidieaanvragen, omdat ze de hoeveelheid aan formulieren zat zijn. Dus hebben we in Zwolle een regelluw experiment gedaan. Een groepje bedrijven en de gemeente en het UWV lieten de regels een beetje los en gingen vanuit vertrouwen proberen de participatie van mensen met een arbeidsbeperking te bevorderen.”

Zo mochten werkgevers zelf de loonwaarde van hun werknemer met een beperking bepalen. Van Boggelen: “Sommige ambtenaren zagen dat met angst tegemoet: dan gaan de ondernemers vast proberen geld te verdienen over de rug van arbeidsgehandicapten en is de gemeentekas binnen korte tijd leeg, was de vrees. Maar wat bleek: de meeste werkgevers waren heel bescheiden, die vroegen helemaal niet te veel subsidie.”

De visie van Van Boggelen over werkgevers is de afgelopen jaren wel veranderd. Toen hij in 2010 nog plaatsvervangend voorzitter was van CNV Vakcentrale, zei hij in een toespraak: ‘Werkgevers zijn net een soort kleilaag als het gaat om sociale vernieuwing. Ze roepen wel om verandering, maar ze houden echte vernieuwingen tegen’. Dat vindt hij nu niet meer. “Werkgevers zijn net als jij en ik, betrokken. Juist werkgevers zijn erg met het thema ‘sociale inclusie’ bezig. De werkgever met een bolhoed op die zijn personeel afknijpt, die zie je niet meer.”

1994: Op zoek naar werk in het Arbeidsbureau. Beeld ANP

Het zou geweldig zijn als werkgevers hun ervaringen met arbeidsbeperkten of met statushouders ook vertalen naar sociaal beleid voor alle werknemers, stelt Van Boggelen. “Succesvol werken met arbeidsbeperkten vraagt om meer flexibiliteit, zowel in de functie als bij de werktijden. Dan komen mensen tot bloei. En dat geldt natuurlijk ook voor werknemers zonder beperking: ook hun talenten zouden veel beter benut worden als werkgevers hen laten doen waar ze goed in zijn, dan krijg je een beter presterend bedrijf. Ondertussen zijn ze bezig steeds meer van hun personeel te eisen.”

Iedereen wist wat een arbeidsbureau was

Inmiddels zijn ongeveer 55.000 extra banen voor mensen met een beperking gerealiseerd. Dat betekent: nog 70.000 te gaan om de doelen van het banenplan te halen. Op dit moment heeft 20 procent van de bedrijven iemand met een arbeidsbeperking in dienst. “Die andere 80 procent van de werkgevers zover krijgen zal zonder mij moeten gebeuren. Ik ga na acht jaar weer wat anders doen. Wat? Dat weet ik nog niet.” 

Heeft de kwartiermaker adviezen voor de toekomst? “Ja, ik wil niet dat alles weer wordt zoals vroeger, maar het zou echt goed zijn als er weer een ouderwets arbeidsbureau komt. Iedereen wist wat dat was en wat ze deden, men kon daar terecht. Nu hebben gemeenten en UWV de taak gekregen om mensen naar werk te begeleiden, maar dat lukt ze niet zo goed.

UWV doet er echt verstandig aan om het Werkbedrijf los te knippen van de uitkeringsfabriek die ze zijn, en zelfstandig door te gaan. Bij UWV en gemeenten kijken ze namelijk vooral naar wat iemand niet kan, en bij een arbeidsbureau wordt gekeken naar wat iemand wél kan.”

Lees ook:

Het Banenplan voor mensen met een arbeidsbeperking: een succes of mislukking?

Lukt het nou wel of niet om mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen? Trouw zet de feiten op een rijtje.

Slechts 5 procent werkgevers biedt 57 procent arbeidsbeperkten een baan

Vijf procent van de werkgevers heeft 57 procent van de mensen met loonkostensubsidie in dienst. Het overgrote deel van de ondernemers geeft meestal maar één werknemer met een arbeidsbeperking een baan. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden