ReportageKoffiekarretjes

Voor een praatje ga je even langs bij de koffietuktuk

Koos Bonting in zijn koffietuktuk Bakje Doen. Links zijn vrouw. Beeld Simon Lenskens
Koos Bonting in zijn koffietuktuk Bakje Doen. Links zijn vrouw.Beeld Simon Lenskens

Een versnapering tijdens een wandeling kan alleen nog worden verkregen bij een koffiekarretje. Wie zijn de mobiele koffieverkopers, wat maakt hun kar speciaal en varen zij goed bij de crisis? Vier portretten door heel Nederland.

‘Ik heb een paar vaste klanten uit Duitsland. Die zien door hun zolderraam of ik er sta’

Wie: Koos Bonting (60) met Bakje Doen
Waar: Nieuw Statenzijl, Groningen, tegen de Duitse grens
Wanneer: elk weekend, binnenkort ook doordeweeks

Hij had zijn kar Bakkie Doen willen noemen, maar die naam was al door een bakfietsenbedrijf geclaimd was. “Dus het werd Bakje Doen”, zegt de zachtaardige Groninger, die doordeweeks in een supermarkt werkt en in de weekenden vlakbij het noordelijkste puntje van Nederland koffie verkoopt. Hij wilde iets voor zichzelf beginnen, legt hij uit, en houdt van het contact met klanten. “In een normaal jaar maak ik een terrasje van houten stoelen en tafels.” Nu zitten Koos Bonting en zijn vrouw – ze gaat elk weekend het hem mee – in hun auto naast de kar, te lunchen.

In de wijde omgeving is er momenteel geen hond te bekennen en het loopt dan ook niet altijd storm: Nieuw Statenzijl telt slechts zeven huizen, dus Bonting moet het vooral van vogelaars en fietsers hebben. Of van mensen die vanaf de sluis aan het einde van de Eem de zonsondergang willen zien.

“Ik heb een paar vaste klanten uit Duitsland. Die zien door hun zolderraam of ik er sta.” En ja hoor, daar komt een Duitser over de sluis ­aangelopen. Even een blokje om. Deze Duitse klant, dol op latte ­macchiato, gaat elke zondag bij Koos langs. Want anders is ‘das Wochenende kein Wochenende.’

Over acht weken staat Bonting hier trouwens ook doordeweeks, vertelt hij trots. “Ik stop bij de supermarkt om dit fulltime te gaan doen.”

‘Ik ben mijn eigen specialiteit’

Charif Bennani (37) met de Elephant Trunk in Bilthoven. Beeld Simon Lenskens
Charif Bennani (37) met de Elephant Trunk in Bilthoven.Beeld Simon Lenskens

Wie: Charif Bennani (37) met Elephant Trunk
Waar: normaal voor de ‘zakelijke markt’, nu voor restaurant Le Nord in Bilthoven
Wanneer: elk weekend

Zijn specialiteit? “Dat ben ikzelf”, zegt Charif Benanni, voor zijn tot mobiele koffiebar omgebouwde Land Rover. Want, legt hij uit, hij werd vorig jaar zesde op het Dutch Barista Championship. “Ik wil andere koffiekraampjes niet wegzetten, maar dit is toch een andere tak van sport.”

In het welgestelde deel van ­Bilthoven, voor het chique restaurant Le Noir, laat Benanni wandelaars en mountainbikers espresso’s en ­cappuccino’s ‘ervaren’. Finan­-cieel heeft hij weinig aan deze ­weekenden, zegt hij – voor de coronacrisis was ­Benanni vooral te vinden op ­congressen van banken – “maar het is goed om bezig te blijven”.

En, positief gezien: dankzij de ­crisis kreeg hij het idee om contact op te nemen met Le Noir, ‘een begrip’ in de omgeving van Bilthoven, dat elk weekend streetfood verkoopt voor de zaak.

Deze zondagmiddag, tegen vieren, is alles op, dus wandelaars die kwamen voor frieten, gaan weg met een flat white. En eventueel met een stuk bananenbrood. “Wij begonnen het vijf jaar geleden te verkopen”, zegt Benanni. Bij ‘een maatje in Londen’ ontdekte hij bananenbrood in een Brits koffie­tentje, hij vond het een geniaal ­‘concept’ om naar Nederland te ­halen. Nu kun je het in elk koffietentje krijgen. “Ik durf mijn hand ervoor in het vuur te steken dat wij de eerste waren.”

‘De boswachter kende me van een feestje en belde of dit niets voor mij was’

Thessa Wolthuis (47) met haar Toffe Koffie. Beeld Simon Lenskens
Thessa Wolthuis (47) met haar Toffe Koffie.Beeld Simon Lenskens

Wie: Thessa Wolthuis (46) met Toffe Koffie
Waar: normaal: Friesland, Groningen en Drenthe, nu bij wandelgebied ‘t Roegwold in Groningen
Wanneer: normaal fulltime op evenementen, door corona alleen op zondagen

“Dat is toch helemaal niets voor jou”, zeiden vriendinnen tegen Thessa Wolthuis, toen ze na 25 jaar in de horeca aan een kantoorbaan was begonnen. Ze hadden gelijk. Wolthuis had eerder op een markt weleens een piaggio, een Ita­liaans driewielerautootje gezien dat koffie verkocht, en begon vanachter haar bureau te fantaseren over een eigen koffie-to-go-bedrijfje. “Een theetuin kan ik niet openen, want ik woon te afgelegen. Dan krijg ik twee fietsers per dag. Me in de schulden steken voor een pand vond ik een te groot risico. Dit was de perfecte oplossing.”

Inmiddels heeft Wolthuis naast haar driewieler twee oude caravans omgebouwd tot mobiele koffiekraampjes. Omdat mensen daar altijd enthousiast op reageren, heeft ze nog twee caravans gerenoveerd, maar dan voor vakantieverhuur.

Ze is wel blij dat haar man een vaste baan heeft, want door de coronacrisis vielen bijna al haar inkomsten weg. Normaal staat ze overal, van alternatieve muziekfestivals tot verjaardagen van 65-jarigen, maar nu is ze alleen op zondagen te vinden bij een wandelgebied in Groningen. “De boswachter kende me van een feestje en belde met de vraag of dit niets voor mij is.”

Naast koffie schenkt Wolthuis onder meer Hot Bounty (kokos-­chocolademelk) en warme kwast. “Dat is hete citroenlimonade die bij het schaatsen gedronken wordt. Is dat iets uit het noorden? Ik dacht dat heel Nederland het kende.”

‘Ik had liever geen ­dichte cafés gehad, maar voor nu is de een z’n dood de ander z’n brood’

Irini Tentzerakis (28) met Kantini Irini. Beeld Simon Lenskens
Irini Tentzerakis (28) met Kantini Irini.Beeld Simon Lenskens

Wie: Irini Tentzerakis (28) met Kantini Irini
Waar: in het Sarphatipark, Amsterdam
Wanneer: elke woensdag tot en met zondag

Luna, Shorty, James, Jaimy. Irini Tentzerakis kent haar vaste klanten in het Sarphatipark in Amsterdam inmiddels ‘bij hun hondennamen’. Terwijl ze pas sinds dit voorjaar in de koffiedriewielerbusiness zit. “Ik werkte altijd in de horeca. Vorig jaar besloot ik het roer om te gooien: ik zou stewardess worden.” Toen brak de coronacrisis uit, en ging dat allemaal niet door. “Ik heb een weeklang gehuild.”

Tot ze tijdens een wandeling door het park zag hoe goed de koffietuktuk daar bezig was. Tentzerakis sprak de mobiele verkoper aan, hielp een maand mee, en maakte een ­begroting voor haar eigen kar. Nu, door de sluiting van de horeca, heeft ze het drukker dan in de zomer. “Ik had liever geen crisis gehad en geen ­dichte cafés, maar voor nu is de een z’n dood de ander z’n brood.”

Kantini Irini is tijdens de lockdown een plek van verbinding geworden. De parkvereniging was tegen haar kar – ze vreesden commerciële wildgroei – maar inmiddels komt het groepje buurtbewoners­ steevast samen bij de driewieler, om met een kopje koffie de stand van zaken van ‘hun park’ te bespreken. Net als de hondenbaasjes.

Tentzerakis rouwt niet langer om het vervlogen stewardessenavontuur. “Ik weet niet of ik dit soort contacten had kunnen leggen aan boord.” En: ze wil nu zelf ook een hond. “Binnenkort ga ik twee weken op Boef passen, de poedel van een heel lieve vrouw die hier altijd koffie drinkt.”

Lees ook:

We moesten toch samen uit de crisis komen? Van dat ‘samen’ merkt de horeca niet veel

Een flink aantal cafés en restaurants dreigt in januari open te gaan, ook als het kabinet dat verbiedt. Anderen houden zich liever aan de regels. Maar ze zitten in hetzelfde schuitje.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden