Aansprakelijkheid

VNO-NCW aarzelt: wel of geen wet die bedrijven vastpint op mensenrechten?

Vrouwelijke arbeiders sorteren garnalen in Thailand. Als die garnalen in de Nederlandse supermarkt belanden, moeten de Nederlandse ketens helpen om misstanden zoals onderbetaling te voorkomen.  Beeld AP
Vrouwelijke arbeiders sorteren garnalen in Thailand. Als die garnalen in de Nederlandse supermarkt belanden, moeten de Nederlandse ketens helpen om misstanden zoals onderbetaling te voorkomen.Beeld AP

In de Europese mensenrechtenwet moet de aansprakelijkheid van bedrijven worden beperkt, vindt VNO-NCW.

Is werkgeversorganisatie VNO-NCW vóór of tegen een wet die bedrijven verplicht om rekening te houden met mensenrechten in hun bedrijfsvoering? Het ligt er misschien wel aan of je die vraag in Den Haag of in Brussel stelt.

Jarenlang was VNO-NCW tegen wetgeving gericht op maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo). Tot voor kort stond op de eigen website dat zulke specifieke wet- en regelgeving ‘ongewenst’ is. Laat elk bedrijf zijn keuzes daarin maken, vond de belangenorganisatie voor het bedrijfsleven.

Dat betekent dat bedrijven vrijwillig de richtlijnen volgen van de Verenigde Naties en de Oeso, de club van rijke landen. Die schrijven voor dat bedrijven hun productieketens structureel onderzoeken op misstanden en actie ondernemen om ze te voorkomen. Ahold moet zich bijvoorbeeld het lot van de garnalenvissers in Azië aantrekken, als die garnalen hier in de supermarkt belanden. Geen harde juridische eisen, eerder een morele plicht.

Collectieve vuist

Inmiddels is de werkgeversorganisatie van mening veranderd. Er moet wetgeving komen, want “vrijwillige maatregelen van bedrijven alleen zijn niet (meer) genoeg”. Liever geen Nederlandse wet, maar een Europese, zodat dezelfde regels gelden voor bedrijven over de grens. “Met alle lidstaten samen kunnen we een goede collectieve vuist maken in de aanpak van misstanden en mensenrechtenschendingen in ketens”, schreef VNO-NCW in december.

Ook het Nederlandse kabinet ging vorig jaar ‘om’. Uit evaluaties bleek namelijk dat te weinig bedrijven meedoen aan vrijwillige initiatieven. Al met al leveren die te weinig op voor gedupeerden in die internationale productieketens. Dat bleek uit een officiële evaluatie door het Tropeninstituut voor minister Sigrid Kaag van buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking.

In het jaarverslag van haar ministerie stond woensdag nogmaals dat het kabinet een sterke voorkeur heeft voor Europese regelgeving, die EU-commisaris Didier Reynders momenteel ontwikkelt. Hiervoor is een publieke consultatie geweest, waarbij betrokkenen commentaar konden geven op de plannen. Een van de vragen was: “Moeten er juridische regels komen voor waardeketens om negatieve effecten op mensenrechten en het milieu te adresseren?”

De Europese lobby-organisatie BusinessEurope, die ook VNO-NCW vertegenwoordigt, gaf een duidelijk antwoord op die vraag: “Nee, het zou genoeg moeten zijn om bedrijven te vragen of ze bestaande richtlijnen en standaarden volgen.” Nee dus. En samen met de Belgische en Luxemburgse werkgeversorganisaties heeft VNO-NCW bij de Europese Commissie haar “zorgen op tafel gelegd”.

Onwerkbaar

Als die wet er komt, moet de aansprakelijkheid van bedrijven beperkt worden, vindt VNO-NCW. Anders is de wet ‘onmogelijk en onwerkbaar’. “Je kunt aan de flexibele normen van de Oeso geen harde juridische aansprakelijkheid verbinden, met hoge boetes. Dat vraagt om een preciezere formulering”, licht een woordvoerder toe.

“Als het aan sommige politieke partijen ligt, wordt een bedrijf verantwoordelijk voor alles en iedereen in de keten. Van grondstof tot eindgebruiker. Dat is een nobel streven en een makkelijke regel, maar in de praktijk onwerkbaar”, schreef de beleidssecretaris van VNO-NCW in februari. “Tot hoever kun je afgerekend worden om andermans uitglijders?”

Onderzoeksorganisatie Somo doet onderzoek naar de lobby van internationale ondernemingen en publiceert vandaag een document met de publieke opvattingen van VNO-NCW over de mensenrechtenwet. “VNO-NCW is van standpunt veranderd, maar spreekt zich niet duidelijk uit vóór Europese wetgeving”, zegt Jasper van Teeffelen van Somo. “Vaak heeft zo’n lobby als doel het proces te vertragen en de uiteindelijke wet te verzwakken.” Het is alsof VNO-NCW in Brussel op de rem trapt, vindt Somo.

VNO-NCW ontkent dat. “Wij dragen in Nederland en in Brussel dezelfde boodschap uit: wij zijn in Nederland en in Brussel vóór een substantiële extra stap op het terrein van mvo, inclusief Europese wetgeving. En we zijn in Nederland en in Brussel tegen wetgeving die in de praktijk zo lastig uitvoerbaar zal zijn voor ondernemers dat deze niet effectief zal zijn. We spreken dus niet met gespleten tong.”

Lees ook:

Wetgeving moet bedrijven dwingen mensenrechten te beschermen: ‘Overal liggen producten waar een luchtje aan zit’

Al tien jaar worden bedrijven aangespoord om structureel naar mensenrechtenschendingen in hun productieketens te zoeken. Nu wil Joël Voordewind die gedragsregels vastleggen in een wet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden