Omscholing

Van de horeca omscholen naar de zorg, kan dat wel?

Het kabinet trekt ruim 37 miljoen euro extra uit om werknemers om te scholen naar sectoren waar grote tekorten zijn, zo valt te lezen in de Miljoenennota die minister Wopke Hoekstra van financiën dinsdag presenteerde.Beeld ANP

Het kabinet trekt ruim 37 miljoen extra uit om werknemers om te scholen voor sectoren waar grote tekorten heersen. Geld alleen is echter niet genoeg.

Kan een barman die nu ontslagen wordt meteen aan de slag als verwarmingsinstallateur? Het is de wens van Ingrid Thijssen, de kersverse voorvrouw van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Werkgevers hebben twijfels, blijkt tijdens het – dit jaar digitale – Prinsjesdagfeestje van de organisatie. Als de aanwezige ondernemers wordt gevraagd of ze weleens mensen aannemen die niet gekwalificeerd zijn, steekt slechts een enkeling zijn hand op.

Nu bedrijven zich door de gevolgen van corona genoodzaakt voelen te ­reorganiseren, moeten veel medewerkers in de horeca, het toerisme en de evenementenbranche op zoek naar iets anders. De overheid wil voor­komen dat zij werkloos worden en stelt 37,5 miljoen euro beschikbaar. Dat is bedoeld om werknemers in het midden- en kleinbedrijf (mkb) om te scholen naar de zorg, techniek en ­andere sectoren waar ze staan te springen om personeel.

De praktijk is weerbarstig

Dat klinkt mooi, maar zelfs minister-president Mark Rutte weet: de praktijk is weerbarstiger. “Dat is het vraagstuk van een leven lang leren. Daar ben ik zelf al sinds 2004, toen ik staatssecretaris van onderwijs was, mee bezig. Het is nog niet gelukt in Nederland om dat goed van de grond te krijgen”, gaf hij deze week toe in een radio-interview met BNR.

Gaat het nu dan wel lukken? Sector­econoom Sonny Duijn van ABN Amro: “Die extra 37,5 miljoen is niet veel, gezien de omvang van het probleem. Van het extra geld kunnen zo’n tienduizend scholingstrajecten worden gesubsidieerd. Intussen is de verwachting dat de werkloosheid het komende jaar oploopt naar een half miljoen mensen. Er zijn overigens ook andere fondsen die kunnen worden gebruikt voor bij- en omscholing, al dan niet in combinatie met andere uitgaven die van belang zijn, zoals het bestrijden van armoede en schulden.”

Meer dan budget, schort het bij het kabinet aan een daadkrachtig plan, zegt Duijn. “Het is ingewikkeld om mensen aan het werk te krijgen in een andere beroepsgroep. Dat komt omdat sectoren waar op dit moment werk verdwijnt, sterk kunnen verschillen van die waar juist extra mensen nodig zijn. Dat met elkaar matchen is lastig, zeker als er bijna geen inhoudelijke overlapping is.”

Omgekeerde trend

De econoom ziet op dit moment zelfs een omgekeerde trend: mensen solliciteren nu meer dan voor de crisis op een baan in de horeca, terwijl de werkgelegenheid daar afneemt. Intussen zijn vacatures voor verpleeg­kundigen voor ongeveer 40 procent onvervulbaar. Installatiemonteurs, hoveniers en koeriers zijn ook moeilijk te vinden. Wat niet meehelpt: de bestaande opleidings- en ontwikkelingsfondsen zijn vooral gericht op omscholing binnen de eigen sector. “Er is een daadkrachtiger plan nodig om de obstakels in omscholing goed te kunnen aanpakken”, zegt hij.

Heeft omscholen überhaupt zin? ­Irmgard Borghouts, arbeidsmarkt­wetenschapper aan de universiteit in Tilburg, deed daar onderzoek naar. “We hebben ruim tweeduizend ­medewerkers die tijdens de financiële crisis in 2008 hun baan verloren, vragen gesteld over hoe dat is verlopen”, zegt ze. Conclusie? “Omscholing heeft een klein positief effect op het verkorten van de werkloosheidsduur.”

De animo voor omscholing was laag. Slechts een kwart van de medewerkers die scholing kreeg aangeboden, heeft daar gebruik van gemaakt, zegt ze. Bovendien is omscholen in veel gevallen niet aantrekkelijk. ­“Bijna de helft van de medewerkers met een nieuwe baan ging er tijdens de vorige crisis in salaris of secundaire arbeidsvoorwaarden op achteruit.”

Pleidooi voor het Zweeds model

Volgens PvdA-Kamerlid Gijs van Dijk kan dat anders. Hij pleitte eerder al voor de invoering van een Zweeds model. “Sinds de jaren zeventig hebben ze daar een fonds om mensen aan een baan te helpen. En met succes, 80 procent van de Zweden gaat niet van werk naar werkloosheid, maar van werk naar werk”, zegt hij.

“Wat ze in Zweden ook goed doen, is de scholing al vroeg aanbieden, dus niet pas op het moment dat er ontslagen vallen”, zegt Borghouts, die ook onderzoek heeft gedaan naar het Scandinavische model. “Alle Zweedse bedrijven houden zich aan een sociaal akkoord, waarmee ze beloven iedere werknemer die ontslag boven het hoofd hangt, te begeleiden naar een nieuwe baan. In Nederland hebben ­alleen grote bedrijven zo’n plan.”

Beeld Patrick Post

Derek Tigges (41) regelde sponsoren voor congressen en wordt nu websitebouwer

Een half jaar geleden vloog hij nog door Europa. “Van Berlijn naar Rome en Milaan, ik ging naar bedrijven toe om te kijken of ze onze congressen over software wilden financieren”, legt Tigges uit. Hij mist het. “In coronatijd is dat werk helemaal weggevallen, de congressen die er nu nog zijn, zijn digitaal. Ik voelde dus wel aan dat ze mijn contract niet zouden verlengen.” 

Nu laat hij zich via een digitale opleiding – betaald door uitkeringsinstantie UWV – in een jaar omscholen tot websitebouwer. “Dat sluit gelukkig aan bij de ­wereld die ik al ken, ik werkte al met softwarebedrijven.” Dat brengt voordelen: “Ik ken de taal en ik weet dat ze mensen nodig hebben. Dat heeft hij voor de ­zekerheid wel even gecheckt. “Ik heb een aantal bedrijven ­gevraagd of er werk voor me is als ik klaar ben met de opleiding.
Ze zeiden dat ze altijd mensen zoeken, dus dat komt wel goed.”

Dat het kabinet nu geld uittrekt voor omscholing, vindt hij slim, maar hij vraagt zich wel af hoe recruiters gaan reageren op mensen zoals hij. “Als ik straks ineens mijn vaardigheden op LinkedIn verander naar  websitebouwer, gaan ze me dan wel serieus ­nemen?”

Hij heeft ook nagedacht over de vraag of zijn kwaliteiten straks wel meetbaar zijn. “Een toekomstige werkgever kan mij vragen om een deel van een website te bouwen of een codeertest te doen. Aan de hand daarvan kunnen ze zien of ik goed ben. In ­andere beroepen is het volgens mij lastiger te testen wat iemand kan. Ik vraag me af of een werkgever dan nog kiest voor degene die zich heeft laten bij- of omscholen. Ik denk dat een bedrijf dan eerder gaat voor iemand met steviger kwalificaties.”

Voor Tigges voelt het omscholen als een noodzakelijk kwaad: “Het leukste aan mijn werk was samen met anderen toeleven naar een fysiek moment, zo’n congres. Als ik straks omgeschoold ben, zit ik toch een beetje in mijn eentje achter de computer codes te kloppen.”

Beeld Werry Crone

Sylvia Groen (40), ging van massagetherapeut naar virtueel manager 

Ze heeft er wel een paar nachten wakker van gelegen. Wilde ze na tien jaar echt stoppen met haar massagepraktijk? “Ik vind het werk heel leuk, maar dacht ook: als er een tweede lockdown komt, teken ik voor een faillissement”, zegt Groen over haar ­keuze tot omscholing.

Omdat het onmogelijk is om ­anderhalve meter afstand te ­houden tijdens een massage, zit ze tijdens de lockdown weken zonder inkomen. “In die tijd moest ik ook besluiten of ik de huur van mijn bedrijfspand voor drie jaar wilde verlengen.” Op 30 april hakt ze de knoop door. “Ik moet iets anders gaan doen. Dat virus is nog lang niet weg en mijn carrière is daardoor veel te onzeker.” Ze zegt de huur van haar praktijkruimte op. 

Twee zelfbetaalde cursussen en een digitale opleiding later werkt ze nu als virtueel assistent, een parapluterm waaronder mensen werken die webinars organiseren, websites maken, online agenda’s inrichten en marketing­strategieën bedenken. 

Ze kwam op dat idee, omdat ze al een tijdje als vrijwilliger de website van de dansschool van haar dochter onderhield. “Ik zorgde dat de site er goed uit zag en plaatste af en toe iets op sociale media. Dat is mijn eerste betaalde klus geworden.” Inmiddels heeft ze meer opdrachtgevers. Ze helpt hen bijvoorbeeld met manieren om een groter publiek aan te spreken op sociale media.

Het moeilijkste van je laten ­omscholen is zelfvertrouwen vinden in een nieuw vak, zegt ze. “Als ik eerlijk ben, denk ik soms: kan ik dit wel?” Bovendien is het een heel andere sector. “Het is toch spannend of je in die cultuur past.”

Wat na al die jaren wel goed van pas komt, is haar diploma management, economie en recht. “Wat ik toen heb geleerd, is totaal achterhaald, maar toch merk ik dat bedrijven daarnaar kijken. Als ik zeg: ik ben massagetherapeut en wil jullie graag helpen jullie marketingstrategie te verbeteren, dan zie je ze denken: waarom zou jij daarvoor de ­geschikte persoon zijn?”

Lees ook: 

Rutte is klaar voor kritiek op zijn crisisbeleid: ‘Dit is onze visie er moeten banen komen’

Premier Rutte heeft een loodzwaar half jaar achter de rug. Net als alle Nederlanders. Over de kritiek op zijn crisisbeleid maakt hij zich geen zorgen. 

De alternatieve begroting van GroenLinks, PvdA en SP: meer geld voor de zorg, het milieu en de woningmarkt.

GroenLinks, SP en de PvdA maakten een alternatieve begroting. Woensdag begint het zoeken naar een handreiking.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden