Pensioenkortingen

Toch weer minder pensioen? Het ziet er niet goed uit voor de pensioenfondsen

Wouter Koolmees, minister van sociale zaken, gaat straks weer de vraag krijgen of hij de kortingen op pensioenuitkeringen wil tegenhouden. Beeld ANP
Wouter Koolmees, minister van sociale zaken, gaat straks weer de vraag krijgen of hij de kortingen op pensioenuitkeringen wil tegenhouden.Beeld ANP

Ondanks meerdere versoepelingen moeten sommige grote pensioenfondsen korten op de uitkeringen van hun deelnemers, als het zo doorgaat. Tenzij verantwoordelijk minister Koolmees, weer, zou ingrijpen.

Nog een keer dan maar? Minister Wouter Koolmees van sociale zaken zal het zich zo langzamerhand weer afvragen, nu sommige grote pensioenfondsen er nog altijd slecht voor blijven staan. Ze komen vermogen te kort. Koolmees heeft de fondsen inmiddels twee keer respijt gegeven om niet te hoeven korten op de uitkeringen van miljoenen deelnemers. 

Afgelopen november versoepelde hij de kortingsregels voor 2020, en deze zomer verlengde hij dat soepeler regime tot in 2021. Nu, een coronacrisis verder, lijkt dat niet genoeg. Als Koolmees de vraag niet aan zichzelf stelt, krijgt hij hem eind dit jaar wel van vakbonden, ouderenorganisaties en sommige oppositiepartijen: toch nog maar een extra versoepeling dan?

Maandag laten grote fondsen zoals dat voor ambtenaren (ABP) en de zorg (PFZW) zien hoe ze ervoor staan, aan de hand van hun zogeheten dekkingsgraad. Is die 100 procent, dan beschikken ze over precies genoeg vermogen om alle beloofde uitkeringen in één keer uit te kunnen betalen aan de deelnemers. Van zo'n score is allang geen sprake meer van. 

Volgens financieel dienstverlener Aon was de gemiddelde dekkingsgraad van alle fondsen samen 93 procent begin deze maand. Met andere woorden: gemiddeld heeft een pensioenfonds 93 cent in huis voor elke euro die het zijn deelnemers aan pensioen heeft beloofd.

De lat ligt een stuk lager

Nu heeft Koolmees de lat voor dit jaar, en ook alvast voor volgend jaar, een stuk lager gelegd. Omdat hij graag de rust bewaart tijdens het uitwerken van het nieuwe pensioenstelsel dat er over een paar jaar aankomt, is een dekkingsgraad van 90 procent voor nu ook goed. Gemiddeld zitten de fondsen daar op dit moment dus nog net boven.

Maar grote fondsen als ABP en PFZW, samen goed voor zo’n vijf miljoen werkenden en gepensioneerden, zitten beduidend onder dat gemiddelde. Bij beide hangt de dekkingsgraad de afgelopen maanden rond de 85 procent. Piet Rietman, econoom die de pensioensector volgt namens ABN Amro, voorspelt dat ook de nieuwe cijfers die de twee fondsen maandag presenteren om en nabij de 85 procent zullen uitkomen. Als dat niet tijdig verandert, krijgen gepensioneerden bij die clubs een korting van 5 procent op hun bord, al hebben fondsbestuurders nog wel de optie om die pijn over meerdere jaren te verdelen.

Het scheelt dat fondsen nog even hebben om de schade in te halen; de peildatum om te kijken of de dekkingsgraad boven het gewenste niveau uitkomt is 31 december. In vijf maanden kan er veel gebeuren. Zo maakten de fondsen vorig jaar ook een enorm diepe duik in de zomer, om tegen oudejaarsdag weer min of meer op de klimmen naar de stand van begin 2019. 

Koolmees zelf zei daarover laatst in een Kamerdebat: “Toen ging ik op vakantie en zat ik met mijn teenslippers op de camping, ontstond er ineens een handelsoorlog tussen Trump en China.” Een paar maanden later was veel van die ellende weer ingehaald.

De rentestand is belangrijk 

Maar of dat nu weer gebeurt? Dat hangt af van de beleggingsrendementen, van hoe het de fondsen op de beurs vergaat. Maar eigenlijk nog meer van de rentestand. Bij het berekenen van hoeveel vermogen fondsen moeten aanhouden, kijken ze naar de stand van rente op tienjarige staatsleningen. Hoe lager de rentestand, hoe meer vermogen er nodig is om qua dekkingsgraad goed uit te komen. Tegen een kleine daling van de rente valt al bijna niet op te beleggen, en lage en dalende rentes zijn in nu haast meer dan ooit een constante realiteit.

ABN Amro verwacht daarom niet dat de grote fondsen zich hieruit weten te beleggen voor 31 december. In slechts een van de vier economische scenario’s waarmee de bank rekent, zou dat het geval zijn. Die mogelijke kortingen, in combinatie met de minder snelle stijging van de AOW-uitkering, kunnen volgens Rietman bij veel ouderen voor een dalende koopkracht zorgen volgend jaar.

Aan de minister gaat de vraag gesteld worden of hij dat zal laten gebeuren. Ouderen, fondsbestuurders, vakbonden, iedereen weet hem te vinden. Koolmees zou de lat voor de dekkingsgraad tijdelijk nog lager kunnen leggen, maar die is al veel lager dan normaal. Liever zien fondsen dat ze al mogen rekenen met de rekenmethodes uit het nieuwe, aanstaande pensioenstelsel. Daarin mogen ze nu al een klein beetje van het toekomstig verwachte beleggingsrendement uitkeren, waarmee op de korte termijn een hoop problemen de wereld uit zijn. 

Maar daar wil Koolmees tot op heden niet aan. Simpelweg omdat dat nieuwe stelsel er nog niet is, en het uitdelen van toekomstig rendement niet te rijmen is met de afspraken binnen het oude stelsel waar Nederland de komende paar jaar nog in zit. Anderzijds staan er begin volgend jaar wel Kamerverkiezingen op het programma. En met niet-ingrijpen zal de minister zich niet bij iedereen populair maken.

Lees ook:

D-Day voor de ouwe dag: komt er nu écht een einde aan tien jaar pensioengepolder?

Zaterdag stemt vakbond FNV over een historische wending in het pensioenstelsel. Voor welke problemen zou dat nieuwe stelsel precies een oplossing zijn?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden