Herbestemming

Oplossing voor leegstaande winkelpanden: bouw ze om tot woningen

De voormalige V&D in Den Helder, dat onder handen wordt genomen door Happel Cornelisse Verhoeven Architecten.Beeld HCVA

De leegstand van winkels neemt toe. Een deel van die panden wordt nooit meer winkel. Alleen: Wanneer erkennen we dat ? En wat te doen met al die lege gaten?

Dat winkels komen en gaan is van alle tijden. Maar dat ze vooral gaan is iets van de laatste tijd. Al in deze eerste maand van dit jaar kondigden de kledingformules van Steps, Promiss en Didi aan winkels te gaan of te moeten sluiten. Dat betekent wéér tientallen extra uitgestorven etalages in de Nederlandse winkelcentra.

De leegstand in de retail, zo bleek recentelijk uit cijfers van onderzoeksbureau Locatus, nadert een historisch dieptepunt. Van de 90.000 stenen winkels die Nederland nog altijd telt, sloten er vorig jaar bijna 2800 voorgoed de rolluiken. Dat is het hoogste aantal sinds Locatus in 2004 begon met meten en ruim 40 procent meer dan in 2018.

De vraag is onderhand of het wel werkelijkheidsgetrouw is om te blijven hopen dat de lege ruimtes ooit nog worden opgevuld met nieuwe winkels. Didi zal echt niet het laatste slachtoffer zijn, zo zal zelfs de meest enthousiaste rasoptimist weten. Daar komt bij dat het meest geraadpleegde recept bij winkelleegstand, de horeca, zijn grootste groei heeft bereikt. De afgelopen jaren werden steeds zo’n 700 panden met horeca gevuld. Vorig jaar waren dat er slechts 239.

“Ik denk dat we op een punt zijn gekomen om voor een aantal plekken afscheid te nemen van winkelfuncties”, zegt Arjen Ouwehand, senior vastgoedmarktanalist bij de Rabobank. “De kwetsbare gebieden zijn vooral de centra van binnensteden of andere plaatsen waar grote concentraties van winkels zijn samengeklonterd, zoals bedrijventerreinen met noodlijdende woonboulevards. Het zijn vaak gebieden met weinig  smoel.”

Zandkorreltjes

Zoals het er nu voor staat wachten de door leegstand getroffen straten en pleinen op betere tijden, op het moment dat er zich tóch een partij aandient die het lef heeft om de strijd met het almachtige winkelparadijs, genaamd internet, aan te gaan. Ouwehand snapt die status-quosituatie wel: “We zitten in een fase die nog niet is uitgekristalliseerd. Zolang dat zo blijft, gebeurt er ook niet veel. De pijn moet eerst dusdanig groot zijn, dat partijen wel moeten bewegen.”

Dat moment is nu wel aangebroken, vindt Ninke Happel van het Rotterdamse architectenbureau Happel Cornelisse Verhoeven. Ze komt iedere dag langs het enorme, verlaten pand van voorheen Hudson’s Bay in het centrum van Rotterdam. En daar wordt ze niet vrolijk van: “Het staat daar schrijnend niets te doen. Al die recente investeringen zijn voor niets geweest. Dat is eigenlijk niet te verantwoorden in deze tijd van duurzaamheid.”

Er iets anders van maken is volgens Happel ook niet eenvoudig. Het pand is door zijn afmetingen vooral geschikt voor retail. Woningen zijn alleen aan de gevel goed te realiseren. Dieper binnenin het gebouw is geen daglicht. Om er woningen van te maken vraagt dat dus om een radicale aanpassing van de bestaande constructie.

De voormalige V&D van Den Helder op archiefbeeld. Beeld rv

Maar het kan wel. Happel heeft net vernomen dat haar bureau de opdracht heeft gekregen voor het lege en vervallen pand van de voormalige warenhuisketen V&D in Den Helder. Een prikkelende klus: deze V&D behoorde niet tot de fraaiste filialen van het concern. Happel Cornelisse Verhoeven maakt er dan ook een volstrekte make-over van met op de bovenste etages woningen en alleen nog op de plint winkels, die door diverse winkelpuien met toegangen flexibel kunnen variëren in grootte.

De architect ziet het met de herbestemming van de tientallen lege ­warenhuizen nog wel goed komen. Die staan immers veelal in aantrekkelijke stedelijke gebieden waar een grote behoefte aan woningen is. Ook met kleinere lege winkels die in gebieden staan waar al gewoond wordt, komt het volgens haar wel goed. “Het meest gevoelig zijn de lege panden in de zogenaamde tussenschaal. Dus die niet op gunstige woonlocaties liggen en ook niet in een aantrekkelijk gebied. Wat moet je daarmee?”

Ouwehand van Rabobank vindt dat gemeenten duidelijker moeten zijn in wat ze met geplaagde winkelgebieden willen. “Partijen durven ook weer te investeren als ze weten wat de bestemming van panden kan zijn.”

Happel denkt dat niets doen ook kan helpen. “Op sommige plekken moet je het gewoon laten gebeuren. Hier en daar een zandkorreltje strooien.” Als de massa niet meer naar dergelijke verlaten winkelstraatjes toe komt, vindt ze, dan is dat een kans om zo’n straat te vergroenen. “Uit zo’n verandering kan waarde ontstaan. Misschien zegt dat gezin dan wél: goh, hier wil ik best wonen. Misschien is dat kinderdagverblijf dan wel bereid om te verhuizen. Zandkorreltjes kunnen best parels worden.”

Lees ook:

Niet alleen winkelketens vallen om, ook kleine winkeliers sluiten hun toko

Niet alleen grote ketens sluiten hun winkels, maar ook veel kleine, vaak oudere winkeliers houden het voor gezien. Opvolgers zijn lastig te vinden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden