Rendement

Ook de nieuwe spaartaks belast niet het echte rendement

null Beeld Fadi Nadrous
Beeld Fadi Nadrous

De Tweede Kamer debatteert vandaag over de nieuwe spaartaks. Daar zijn nog zo veel vragen over, dat de invoering nog jaren zal duren.

Rick van de Lustgraaf

Wereldwijd uniek. Dat is de spaartaks, waarin mensen worden belast alsof ze rendement halen uit hun vermogen. Een simpele vorm van box 3-heffing is het ook. Maar die heffing is oneerlijk, dus komt er een nieuwe variant. Alleen blinkt de nieuwe spaartaks niet langer uit in eenvoud, maar juist in moeilijkheid. Krijgt de toch al overbelaste fiscus zo niet een onmogelijke taak? Over die vraag debatteert de Tweede Kamer vandaag.

Dat de huidige manier van box 3-heffing hoe dan ook moest veranderen, was al jaren duidelijk. De Hoge Raad bepaalde eind vorig jaar zelfs dat de overheid spaarders moet compenseren voor de onrechtmatig opgelegde spaartaks. De fiscus ging er sinds 2017 vanuit dat mensen hun geld vanaf een bepaalde vermogensgrens – sinds vorig jaar staat die op 50.000 euro – beleggen. En daar dus rendement aan overhouden. Over dat veronderstelde rendement (vorig jaar 5,69 procent) moeten zij belasting betalen.

Het punt is dat lang niet iedereen belegt. Veel mensen stallen hun spaargeld gewoon op een spaarrekening. En daar viel de laatste jaren helemaal geen rendement uit te halen. De inkomsten uit het vermogen van deze spaarders zijn dus veel lager dan de fiscus veronderstelt. Dus betalen zij eigenlijk te veel belasting.

Meer werk voor de Belastingdienst

Om het stelsel eerlijker te maken, gaat de fiscus straks uit van persoonlijke gegevens. Dan moet van ieder individu van alles worden verzameld. Hoeveel rente iemand krijgt op spaargeld. Of hoeveel meer diens aandelen waard zijn geworden. Ook de waardestijging van crypto. En van vastgoed. Kortom: alles wat te maken heeft met waardestijging registreert de Belastingdienst. Nogal een verandering van de huidige manier waarbij de fiscus met een fictieve vermogenswinst werkt.

Veel van die gegevens moet de Belastingdienst gaan krijgen van banken en andere instanties. Maar de ICT-systemen zijn waarschijnlijk niet in staat om alle benodigde data te verzamelen, zegt Koos Boer, hoogleraar belastingrecht aan de Universiteit Leiden. Eigenlijk was de spaartaks zo’n eenvoudige constructie dat iedere aanpassing ervan de fiscus meer werk bezorgt.

Burger moet zelf van alles bijhouden

Ook de manier waarop de dienst de vermogenswinsten gaat heffen, is een punt van discussie. Waar de meeste landen werken met een vermogenswinstbelasting – een heffing op daadwerkelijk verdiende winst op vermogen – kiest staatssecretaris van financiën Marnix van Rij voor een andere methode: de zogenoemde vermogensaanwasbelasting.

Die werkt als volgt: nog voordat iemand geld verdient door bijvoorbeeld een huis te verkopen, moet diegene al belasting betalen. Dat zit hem in de waardestijging. Stel, een huis is drie ton waard. En een jaar later vier ton. Dan is de waardestijging dat jaar één ton, en moet dáárover belasting worden betaald. Ook al verkoopt de eigenaar het huis niet. Een nadeel van deze constructie is dat de waarde van dat huis weer een jaar later gedaald kan zijn naar opnieuw drie ton. Dan heeft die huiseigenaar voor niets belasting betaald. Dat moet dan weer verrekend worden.

Moeilijk dus. Ook al omdat burgers mogelijk zelf zullen moeten bijhouden wat de waardestijging van hun woning precies is. Hoe en wanneer die waarde vastgesteld moet worden, is nog onduidelijk. Overigens moeten burgers ook andere gegevens bijhouden die niet bij de bank bekend zijn. Als iemand aandelen of crypto heeft, moet diegene dus zelf noteren wat de waarde daarvan is en dat doorgeven aan de fiscus. Het lijkt onmogelijk voor de Belastingdienst om te controleren of diegene de gegevens naar waarheid heeft ingevuld. Over dit soort vragen gaat het Kamerdebat vandaag.

Een volatiel systeem

Waarom kiest staatssecretaris Van Rij niet voor een vermogenswinstbelasting waarbij pas achteraf wordt belast, als het huis of de aandelen zijn verkocht? Omdat mensen dan zullen wachten met het verkopen van hun bezittingen, verklaart Edwin Heithuis, hoogleraar fiscale economie aan de Universiteit van Amsterdam. Als iemand pas belasting betaalt als die zijn of haar aandelen verkoopt, zal diegene de verkoop uitstellen, is de gedachte. Als iedereen wacht, kan de fiscus minder belasting innen. Door jaarlijks met beurskoersen en woningwaardes te werken, verzekert de fiscus zich in ieder geval van belastinginkomsten.

Maar ook dit systeem is volatiel, ziet Heithuis. Want als de huizenprijzen zakken en de beurzen instorten, heeft de Belastingdienst opeens helemaal niets meer. Zo zijn er nog meer vragen. De nieuwe spaartaks zou in 2025 ingaan, maar Van Rij liet vorige week al weten dat die termijn waarschijnlijk niet gehaald wordt.

Lees ook:

Hoge Raad: fiscus kan niet worden verplicht spaarders te vergoeden die te laat klaagden over spaartaks

De Belastingdienst kan niet door een rechter worden verplicht spaarders te vergoeden die niet op tijd bezwaar hebben gemaakt over de spaartaks. Dat heeft de Hoge Raad bepaald bij nieuwe uitspraken over de belasting op spaargeld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden