Platteland

Na het verbod op nertsen is er een nieuw begin voor boerendorp Sint Anthonis

Aspergeteler Antoon Willemssem steekt zijn eerste asperges.  Beeld Flip Franssen HH
Aspergeteler Antoon Willemssem steekt zijn eerste asperges.Beeld Flip Franssen HH

Wat gebeurt er met een dorp als de boerenstand verdwijnt? In Sint Anthonis en Sterksel hebben ze er ervaring mee. Er blijkt volop ruimte voor het ‘nieuwe boeren’.

Als de veestapel krimpt, zo klinkt het bezorgd vanaf de boerenerven, dan krimpt het hele platteland mee. “Ons platteland mag niet verloren gaan”, zei de voorzitter van boerenbrancheorganisatie LTO laatst, na het verschijnen van alweer een stikstofrapport. Hij wees op het belang van ‘het cultuurlandschap, van innovatie en ondernemerskracht en van basisscholen en sportverenigingen’ in het buitengebied.

In het Brabantse Sint Anthonis hebben ze ervaring met het verdwijnen van de sector. Er waren zeventien nertsenfokkerijen die sinds ­begin dit jaar vervroegd verboden zijn door corona-uitbraken. Er is er niet één meer over in Sint Anthonis. Ook veel varkenshouders in en rondom het dorp lieten zich de afgelopen jaren uitkopen door de overheid. Melkveehouders en pluimveehouders hielden er vaker mee op. Kortom: het lokale boerenleven aan de oostkant van Brabant heeft een jas uitgedaan, al stopte de grote meerderheid uit vrije wil.

“In 2018 telde Sint Anthonis nog 360 boerenbedrijven, nu rond de 300”, vertelt Wouter Bollen, wethouder namens de VVD in Sint ­Anthonis. “Ik verwacht dat het er over een jaar of acht nog zo’n 200 zijn. Het gaat hard.” Dat moet een gemeenschap toch treffen, economisch en sociaal.

Keukentafelgesprekken

Volgens Bollen heeft de boerenkrimp niet zozeer invloed op bakker en basisschool in zijn gemeente. “Wel op de keten achter de landbouw. Op een bedrijf als Stork, dat machines bouwt voor de vleesverwerkende industrie. En op toeleveranciers; zo’n stal zit vol met techniek. Iedereen kent hier wel iemand die op een of andere manier in de agrarische sector werkt.”

Omdat het motto ‘regeren is vooruitzien’ ook in Sint Anthonis opgeld doet, zocht een speciaal team van de gemeente de boeren al enkele jaren geleden op. Er werden keukentafelgesprekken georganiseerd om boeren te helpen en te adviseren met de keuzes waar ze voor kwamen te staan: stoppen of doorgaan, overschakelen naar een zorgboerderij, verhuizen naar een gebied waar boeren nog wel mag. Zulke gesprekken. Best spannend, zegt Bollen: “Als je het erf op komt, is men toch bang dat je ze komt controleren. Maar uiteindelijk leverde elk gesprek wel iets op.”

Zo agrarisch als het was, zal Sint Anthonis nooit meer worden, weet de wethouder, maar het ‘nieuwe boeren’ krijgt er voorzichtig vorm. “Er is ruimte voor toerisme, voor natuurinclusief boeren; in het stikstofvraagstuk zitten ook kansen. Een boerenbedrijf runnen kan echt nog, zeggen wij in die keukentafelgesprekken, maar doe het in agrarisch gebied en niet dicht bij de woonkern.“ Toch zijn we er nog lang niet met het stikstofdossier, benadrukt Bollen. Het is niet zo dat het platteland een zorgeloze horizon in beeld heeft: “We moeten een nieuwe balans vinden”.

Filiaal van de Boerenleenbank in het Brabantse Sint Anthonis, 1966. Beeld anp
Filiaal van de Boerenleenbank in het Brabantse Sint Anthonis, 1966.Beeld anp

In Sterksel ( Zuid-Oost-Brabant, ruim 1700 inwoners) is het boerenbestand door de jaren heen ook uitgedund, vertelt Jos Vos (56). Hij is daar CDA-raadslid en melkveehouder. “Toen ik hier naar de lagere school ging, woonden er tweehonderd gezinnen in Sterksel waarvan er honderd agrarisch waren. Nu staan er een kleine zevenhonderd woningen. Ongeveer dertig daarvan zijn actieve boerderijen.” Een flinke verandering. Vos: “Maar het is van alle tijden. Ik vind het niet zo dramatisch.”

Opslagplaats voor campers en caravans

Hij ziet om zich heen dat veel boeren inspelen op veranderingen door energieleverancier te worden of de stal in te zetten als opslagplaats voor campers en caravans. Vos is met zijn melkveebedrijf aan het overschakelen naar biologisch. Boeren zijn en blijven hard nodig, verwacht hij. “Als we traditioneel blijven boeren, vallen er veel af, maar dat gaat niet gebeuren. De mens, en dus ook de boer, is gemaakt om te veranderen. De laatste boer gaat hier niet het licht ­uitdoen. Een nieuw soort boer zal zorgen dat het licht blijft branden.”

Boerenbondmuseum

Ook in Gemert zijn de nertsenfokkerijen verdwenen en veel varkenshouders, melkveebedrijven en tuinders gestopt. Maar het Boerenbondsmuseum houdt dapper stand. Het openluchtmuseum toont een weergave van een Brabants dorp aan het begin van de vorige eeuw. Met authentiek ingerichte boerderijen, een plattelandsschooltje, een klompenmakerij en een zuivelfabriekje. Bestaat dat boerenleven nog in Gemert? “Nog niet zo lang geleden hadden we hier 150 boeren op een bevolking van 13.000. Nu zijn dat er 20 a 25 op bijna 17.000 inwoners”, vertelt Harrie Verkampen, voorzitter van het museum. “Honderd jaar geleden was een derde van de bevolking hier boer. Ze waren bij alle dorpsactiviteiten betrokken en hadden een grote stem in de lokale politiek.” Die tijd van toen is definitief voorbij, zegt hij, maar er is volgens hem genoeg potentie en werkgelegenheid in Zuid-Oost Brabant. “Een concern als ASML trekt ook mensen uit Gemert en er zijn veel bouwondernemingen bij gekomen. De bedrijvigheid is hier booming.”

Lees ook:

Land- en Tuinbouworganisatie na PBL-advies: Zonder landbouw gaat het platteland teloor

Als Nederland écht overal binnen de stikstofnormen wil blijven, zou er in Noord-Brabant, Gelderland en Overijssel geen landbouw meer mogelijk zijn. Die conclusie van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zorgt in de sector voor nogal wat onrust.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden