Inkeerregeling

Met de ‘inkeerregeling’ verdient de Belastingdienst aan belastingontduikers

Een kolossaal jacht met eigen helikopter voor het Scheepvaartmuseum in Amsterdam.Beeld ANP

Spijtoptanten die hun verborgen vermogen alsnog meldden bij de Belastingdienst, houden dat vermogen vervolgens ook in Nederland. Daardoor kan de fiscus erop blijven heffen, zegt het Centraal Planbureau.

Ook op de lange termijn plukt de ­Nederlandse staat nog vruchten van de zogeheten ‘inkeerregeling’ van de Belastingdienst, waarbij belastingontduikers zich tegen een lage boete kenbaar konden maken aan de fiscus. Tussen 2002 en 2018 gaven ­Nederlanders opgeteld 12 miljard ­euro aan die ze aanvankelijk in het buitenland hadden verstopt, blijkt uit een nieuw onderzoek van het Centraal Planbureau. Dat leverde de staatskas zo’n 2,1 miljard aan ­ontdoken belasting op.

“Dat vermogen blijft vervolgens ook grotendeels in Nederland”, zegt CPB-onderzoeker Arjan Lejour. Het verdwijnt dus niet opnieuw onder de radar. En mensen gebruiken het ook niet om te investeren, bijvoorbeeld in een nieuw eigen huis, zodat het vermogen minder belastbaar zou zijn. Daardoor is de 2,1 miljard aan belasting geen eenmalige winst en kan de fiscus er jaarlijks de spaartaks op blijven loslaten.

Jacht op ontduikers

Lejour had samen met drie collega’s toegang tot geanonimiseerde gegevens van alle 27.000 ‘inkeerders’ tussen 2002 en 2018. Daarnaast ­bekeken ze Nederlandse informatieverzoeken aan Zwitserse banken die Nederlandse klanten bedienen. Dat hun onderzoek tot 2018 loopt, heeft een simpele reden: toen stopte het kabinet met de inkeerregeling. Toenmalig staatssecretaris Eric Wiebes schreef destijds aan de Kamer dat ­allerlei nieuwe uitwisselingen van belastinggegevens tussen landen ertoe leiden dat de fiscus zelf al sterker staat in zijn jacht op ontduikers.

Daarnaast waren er het afgelopen decennium ook nog veel grote belastinglekken, zoals de Panama Papers en de Paradise Papers. Die bevatten een schat aan informatie over zowel ontduikingsstructuren als de namen en rugnummers van de schuldigen. “De kans dat belastingplichtigen met verzwegen vermogen tegen de lamp lopen, wordt hierdoor almaar groter”, schreef Wiebes in 2017.

Als die inkeerregeling alsnog veel spijtoptanten voortbracht, kan de staat dan niet beter allebei doen: ­effectiever opsporen én lage boetes voor wie zich vrijwillig meldt? Lejour: “Wat wij zien, is dat de meeste belastingplichtigen zich meldden net voor er een nieuwe verhoging van de boete aankwam. Dat is een paar keer gebeurd – begin deze eeuw was de boete nog 0 procent op het verzwegen vermogen, later 30, toen 60 en daarna 120 procent.”

De overheid kondigde die verhogingen steeds van tevoren aan, waardoor mensen zich snel meldden om nog onder de lagere boete te vallen. “Het is de vraag of zij nog wel een prikkel voelen als de boete eeuwig laag blijft”, zegt Lejour. Veel nieuwe verhogingen van de boete zaten er niet meer in toen die op het laatst 120 procent bedroeg.

Tientallen miljarden 

Hoeveel verborgen spaargeld nu nog in het buitenland geparkeerd staat, is erg onduidelijk – het is niet voor niets verborgen. Eerdere onderzoeken kwamen tot 50 tot 60 miljard euro aan ontdoken vermogen voor Nederland, zegt Lejour. “Er zouden dus nog wel eens enkele tientallen miljarden terug te halen kunnen zijn.”

Hoe? Zoals Wiebes drie jaar ge­leden al schreef, wisselen landen steeds meer gegevens uit om elkaar te helpen bij het aanpakken van ontduiking. Dat gaat geautomatiseerd: zodra een land als België in zijn gegevens ziet dat een Nederlander vermogen stalt op een Belgische bank, gaat er een melding naar de Nederlandse Belastingdienst. Meestal weet de fiscus hier gewoon van dat vermogen in België, als het goed is tenminste. Maar als dat niet was ­opgegeven, dan kan de Belastingdienst er alsnog achteraan en volgt een boete tot maximaal 300 procent van het ontdoken bedrag.

“Er is nog wel winst te behalen bij die pakkans”, zegt Lejour. “De informatie die deze kant op komt, is best een grote brij. Je hebt veel capaciteit nodig en goede IT om dat allemaal te analyseren.”

Meeste geld verstopt in Zwitserland

Uit de data van alle inkeerders blijkt dat het meeste geld verstopt zat in Zwitserland. Op de tweede en derde plek stonden Luxemburg en België, waar de iets minder rijken hun toevlucht zochten.

Bij belastingontduiking zullen de meeste mensen denken aan tropische eilanden als de Bahama’s of de Britse Maagdeneilanden. Dat is niet gek, het meeste geld zal daar verborgen zitten. Die landen schermen de klanten van hun banken echter zo goed af, dat Nederland daar geen meldingen van krijgt – er vindt dus nauwelijks uitwisseling plaats. En omdat het daar zo veilig verborgen zit, lijkt het Lejour aannemelijk dat die Nederlandse belastingplichtigen ook niet de aandrang voelden om ­gebruik te maken van de inkeer­regeling hier.

Lees ook:

Wiebes treedt harder op bij aangifte verzwegen spaargeld

Mensen die belasting ontduiken of ontwijken verdienen geen verzachting meer, vindt de staatsecretaris.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden