4 vragenPensioenen

Komt er dit jaar eindelijk een oplossing voor de dreiging van pensioenkortingen? Vier vragen en antwoorden

De Nederlandse pensioenfondsen hebben hun dekkingsgraad zien dalen.Beeld ANP

Komt er in 2020 dan eindelijk een oplossing voor de blijvende dreiging van pensioenkortingen? Vier vragen over een slepend dossier. 

Het kabinet en de sociale partners bewijzen dat het kan: tien jaar onderhandelen over een akkoord en dan allemaal in onvrede achterblijven zodra dat getekend is. Kort na het sluiten van het pensioenakkoord, afgelopen juni, bleek de dreiging dat pensioenuitkeringen moesten worden gekort toch níet verdwenen. Dat zette de verhoudingen ouderwets op scherp. Vier vragen over hoe het komend jaar verder moet. 

Voordat we vooruitblikken, waarom was 2019 achteraf zo’n deceptie?

Omdat de rente in Europa harder daalde dan verwacht. Met een lage rente is lenen goedkoop, maar sparen levert niet veel op. En dat is nogal een aanslag op de financiële gezondheid van pensioenfondsen. Gaat het slecht met fondsen, dan moeten ze bezuinigen op hun uitgaven, lees: op de pensioenuitkeringen.

Aanvankelijk dreigden de grote fondsen te moeten korten in 2020, omdat ze hun bij wet vereiste buffers niet overeind konden houden. Die buffereis verviel met de geboorte van het pensioenakkoord. Zo’n beetje de hele pensioensector leek in een klap gered.

Ook 2020 lijkt bepaald geen topjaar te worden voor fondsen

Afgelopen jaar zakten pensioenfondsen financieel verder weg, en die trend lijkt zich dit jaar door te zetten. Dat meldt Aon, die er rekening mee houdt dat er in 2021 alsnog gekort moet worden. De financieel dienstverlener verwacht dat de rente laag blijft en de aandelenrendementen onzeker. Uitspraken over specifieke fondsen doet Aon niet. Wel duidelijk is dat de (fors) te lage dekking vooral bij de grote fondsen speelt.

Maar de rente daalde verder. En verder. En nu hebben zowel overheidsfonds ABP, zorgfonds PFZW en de metaalfondsen PME en PMT te weinig geld voor alle beloofde uitkeringen, buffer of niet. Dat raakt meer dan 8 miljoen deelnemers.

In november heeft verantwoordelijk minister Wouter Koolmees (D66, sociale zaken) de regels, onder grote druk, voor één jaar verder versoepeld. In heel 2020 mogen fondsen die over hun hersteltermijnen heen zijn, toch 10 procent ‘rood staan’. Zij hoeven niet te korten zolang ze tenminste nog 90 cent in kas hebben voor elke euro die ze aan hun deelnemers verplicht zijn. 

Is dat constant versoepelen houdbaar?

Wat Koolmees betreft niet. Wat de vakbeweging en veel oppositiepartijen betreft wel. Zij vinden korten sowieso niet nodig. De pensioensector moet zich met de huidige regels onnodig arm rekenen, klinkt het. Het frustreert de vakbonden en partijen als 50Plus en de PVV dat fondsen geen toekomstige beleggingswinst mogen incalculeren op onder meer aandelen en vastgoed. Mochten ze dat wel, dan was er nu geen enkel probleem. Op papier zou hun vermogen dan sneller in waarde stijgen. Dit heet het ophogen van de rekenrente.

Maar het kabinet wil niet dat fondsen boekhouden met geld dat ze nog niet hebben. Dat heeft Koolmees net voor de Kerst nog herhaald in een brief aan de Tweede Kamer.

Zal dat nieuwe akkoord dan niet helpen?

Het nieuwe pensioenstelsel is nooit bedoeld om te voorkomen dat er op uitkeringen wordt gekort. Eerder om beter aan te sluiten op de huidige flexibele arbeidsmarkt. In grote lijnen blijft pensioen gewoon duur met een lage rente, ook in het nieuwe stelsel.

Oké... Maar wat zijn dan wél oplossingen voor de dreigende kortingen in 2021?

Een rente die stijgt, zou helpen. En de laatste drie maanden is die rente ook een heel klein beetje omhooggegaan. Daardoor ging het direct al iets minder slecht met de fondsen. Maar in het algemeen zal de lage rente aanhouden, voorspelt onder meer Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank. Daar heeft gepensioneerd Nederland de komende jaren dus weinig van te verwachten. 

De enige andere structurele oplossing is het verhogen van de rekenrente. Maar daar is de minister, zoals gezegd, vooralsnog onverbiddelijk in: dat wil hij niet. 

De tussenoplossing: tegen het eind van 2020 besluiten om de kortingsregels voor 2021 opnieuw op te rekken, zoals ook dit najaar gebeurde. Structureel verandert er dan niets, zoals met een hogere rekenrente wel het geval zou zijn.

Maar vrienden maakt de minister van sociale zaken daar niet mee. Zo is onder meer DNB-baas Knot al openlijk kritisch over het huidige uitstel. Hij zou de pleister er het liefst in één keer aftrekken. Dan lijden de fondsen nu pijn, maar kunnen ze daarna een verse start maken en doorgaan met een gezonde financiële balans. 

Wel blijkt pensioenbeleid de laatste tien jaar keer op keer vloeibaar onder politieke druk. En begin 2021 komen er weer Tweede Kamer-verkiezingen aan. 

Lees ook:

De pensioenen gaan niet omhoog, de pensioenpremies wél

Pensioenuitkeringen laten meebewegen met stijgende consumentenprijzen zit er nog steeds niet in, ondertussen gaan de premies straks omhoog.

Een pensioenmeevaller: de AOW-uitkering gaat flink omhoog

Een uitzonderlijk forse stijging van de AOW geeft gepensioneerden lucht nu korting dreigt op aanvullende pensioenen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden