ReportageChaohu

Kledingbedrijven krijgen extra geld voor Oeigoeren in dienst

Arbeiders maken in een textielfabriek  in Chaohu, provincie Anhui in China, beschermingspakken voor medisch personeel, foto gemaakt op 28 januari 2020.  Beeld Reuters
Arbeiders maken in een textielfabriek in Chaohu, provincie Anhui in China, beschermingspakken voor medisch personeel, foto gemaakt op 28 januari 2020.Beeld Reuters

Kledingbedrijven willen geen textiel uit Xinjiang om dwangarbeid door Oeigoeren te vermijden. Maar Oeigoeren worden door heel China tewerkgesteld – lang niet alleen in Xinjiang.

Met een sigaretje bungelend tussen zijn vingers houdt een man zijn scooter in balans, terwijl zijn vrouw achterop klimt. Ze komen uit Aksu, in het zuidwesten van Xinjiang, vertelt de man vriendelijk. Al vijf jaar werken ze voor het textielbedrijf Youngor duizenden kilometers verderop. Ja, het leven is goed, beaamt hij. Wat hij hier verdient? Zijn vrouw duwt haar gezicht tegen zijn schouder en fluistert iets in het Oeigoers. De man glimlacht verontschuldigend. “Ik versta je niet.”

Zo’n driehonderd Oeigoeren werken hier voor Youngor, in het groene, pittoreske stadje Chaohu in de oostelijke provincie Anhui. De fabriek is al zeker dertig jaar oud. Het zijn lage gebouwtjes aan een smalle weg waar meer oudere gebouwen staan, achter overwoekerde bakstenen muren. Het woonwijkje dat bij het bedrijf hoort, is niet beter beveiligd dan iedere andere woonwijk in China. Werknemers lopen af en aan.

Om het hardst roepen westerse bedrijven niet meer te willen samenwerken met bedrijven die Oeigoerse arbeiders inzetten. En er gaan stemmen op in het Europese Parlement om het investeringsverdrag met China pas aan te nemen als Beijing de internationale standaard voor dwangarbeid ratificeert. Maar hoe realistisch is dat?

Onzichtbare dwangarbeid

ILO, de internationale koepel van vakbewegingen noemt in haar jaarverslag de ‘onzichtbaarheid’ van dwangarbeid in China. Inderdaad is het nagenoeg onmogelijk een helder beeld te krijgen van Chinese productieketens – laat staan Oeigoerse dwangarbeid eruit te filteren.

De fabriek in Chaohu hoort bij conglomeraat Youngor, een van de bedrijven waar Oeigoeren dwangarbeid zouden verrichten, volgens een recent rapport van de denktank Australian Strategy Policy Insitute (Aspi) genaamd ‘Uyghurs for sale’. Volgens haar eigen website is Youngor nummer 66 op de lijst met grootste private bedrijven van China. De textieltak levert onder andere aan kledingmerken Zegna, Calvin Klein en Jack & Jones.

Textielfabriek Youngor in Chaohu, China, waar veel Oeigoeren werken. Beeld Eefje Rammeloo
Textielfabriek Youngor in Chaohu, China, waar veel Oeigoeren werken.Beeld Eefje Rammeloo

Zeker een miljoen Oeigoeren werd de afgelopen jaren in kampen ‘heropgevoed’ tot keurige Chinezen, zonder al te aanwezige religieuze denkbeelden, trouw aan de Communistische Partij. Het strenge optreden in Xinjiang, was volgens Beijing nodig om extremisme en separatisme in de regio uit te bannen. Inmiddels mogen Oeigoerse ‘studenten’ terug de maatschappij in. De regering voorziet ze van een baan en onderdak, maar lang niet altijd in de thuisprovincie Xinjiang.

Onder de paraplu van het economische stimuleringsproject Xinjiang Aid moedigt de overheid lokale ondernemers aan om in Xinjiang een ‘satellietfabriek’ op te zetten, of om Oeigoeren naar het oosten te halen. Een lucratieve regeling: voor iedere Oeigoer die ze voor drie jaar in dienst neemt, ontvangt een bedrijf vijfduizend yuan (650 euro), blijkt uit de Chinese documenten waar Aspi uit citeert.

De denktank schat dat tussen 2017 en 2019 tenminste tachtigduizend Oeigoeren bij fabrieken buiten Xinjiang werden ondergebracht. Het zijn bedrijven die werken voor een lange lijst buitenlandse merken. Conglomeraat Youngor deed er enthousiast aan mee.

Contract voor drie jaar

De Oeigoeren die voor Youngors fabriek in Chaohu werken, tekenen een contract voor drie jaar. Op een bord bij de ingang van de fabriek staat dat werknemers drieduizend tot vijfduizend yuan per maand verdienen en één keer per jaar een reis naar huis vergoed krijgen. Het is niet duidelijk of dat ook voor de Oeigoerse werknemers geldt. Een niet-Oeigoerse werknemer van het textielbedrijf suggereert van niet. “Als het contract afloopt mogen ze terug naar huis.”

Hij wil zijn naam niet geven, en vertelt dat er wel duizend Oeigoeren in Chaohu wonen. Prima mensen, vindt hij. Een Oeigoerse vriend heeft een grillrestaurant in het stadje en hij gaat er graag wat drinken. Het leven is hier zo goed dat sommige mannen hun vrouw en kinderen meenemen en na drie jaar bijtekenen.

Propagandaposters in een woonwijk in Chaohu Beeld Eefje Rammeloo
Propagandaposters in een woonwijk in ChaohuBeeld Eefje Rammeloo

Het is volgens de werknemer niet meer dan logisch dat de overheid de Oeigoeren aan werk helpt. Hun ervaring met katoenindustrie, maakt ze heel geschikte werknemers voor een textielbedrijf als dit. “Nu zeggen mensen op televisie dat de regering Xinjiang kwaad doet. Dat is toch onzin? Als ze niet eens terug willen naar hun eigen provincie, hoe is dat dan mogelijk?”

De Chinese autoriteiten bestrijden dat er sprake is van dwangarbeid. Sterker nog: ze voorzien de Oeigoeren van arbeid, een inkomen. Het is bovendien heel gebruikelijk dat Chinezen hun familie lang niet zien. Van oudsher heeft het bedrijf, de danwei, een hoop te zeggen over het privéleven van haar werknemers.

In lokale media verschijnen volop berichten en opgewekte reportages over Xinjiang Aid. Een Oeigoerse vrouw vertelt bijvoorbeeld hoe haar familie thuis een winkeltje kon openen met het geld dat zij naar huis stuurt. Dwangarbeid? Op haar vrije dag maakt ze een uitstapje naar Hefei, de hoofdstad van Anhui. Maar georganiseerd – en dus onder toezicht.

Cameratoezicht in een woonwijk in Chaohu Beeld Eefje Rammeloo
Cameratoezicht in een woonwijk in ChaohuBeeld Eefje Rammeloo

Patriottische lessen

Aspi citeert bewijzen dat Oeigoeren minder betaald krijgen dan andere werknemers, dat ze ‘patriottische lessen’ moeten volgen en hun religie niet mogen belijden. In advertenties bieden bemiddelaars Oeigoerse arbeiders aan, die gewend zijn aan ‘semi-militaire stijl management’. Speciale politieagenten worden desgewenst bijgeleverd. Daar is in Chaohu niets van te zien. De textielfabriek heeft wel een vertaler in dienst die vertelt over de ‘Oeigoerse folklore’, vertelt de werknemer. “Zodat we ze niet beledigen.”

Het is moeilijk te ontdekken welke criteria van dwangarbeid op de Oeigoerse werknemers van toepassing zijn. De man op de scooter haast zich uit de voeten, anderen kijken nadrukkelijk de andere kant op als ze aangesproken worden. Praten met een buitenlander kan problemen opleveren. Zo blijft het bijvoorbeeld onduidelijk of werknemers hun eigen identiteitskaart hebben, en dus kunnen vertrekken wanneer ze willen.

Als een oudere man, vermoedelijk de baas van de fabriek, het woonwijkje inloopt om polshoogte te nemen, grijpt hij naar zijn telefoon en begint verwoed te bellen. Een politie-escorte leidt ons terug naar het treinstation. Vragen worden niet beantwoord.

De identiteit van de anonieme werknemer is door de hoofdredactie geverifieerd.

Lees ook:

‘China zet Oeigoeren in als dwangarbeiders voor grote merken als Apple en Nike’

Oeigoeren worden in China als dwangarbeiders gebruikt. Ze moeten werken in fabrieken die voor bekende merken produceren, meldt een Australische denktank.

Chinezen boycotten kledingbedrijven na kritiek op behandeling Oeigoeren

Dreigende sancties en oproepen tot boycots: China reageert op maatregelen die de Britse regering heeft afgekondigd tegen het land.

EU legt China sancties op vanwege onderdrukking Oeigoeren

Het onderdrukken van de bevolking in Xinjiang komt China op Europese strafmaatregelen te staan. Onterecht, volgens Peking.

Kritiek op China kan de westerse kledingmerken duur komen te staan

Westerse kledingmerken weigeren nog langer katoen af te nemen uit Xinjiang, de provincie waar Oeigoeren dwangarbeid verrichten in werkkampen. Peking slaat hard terug met een boycot. Maar wie doet wie nu eigenlijk pijn?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden