IMF-verwachting

Het dure voedsel kost Afrika economische groei

Een man draagt een zak tarwe van het Wereldvoedselprogramma in Ethiopië. Beeld REUTERS
Een man draagt een zak tarwe van het Wereldvoedselprogramma in Ethiopië.Beeld REUTERS

Veel Afrikaanse economieën groeien minder hard doordat voedsel en energie zo duur zijn geworden. Uitzonderingen zijn er ook: olielanden profiteren van de crisis.

Hans Nauta

Afrika handelt relatief weinig met Rusland en Oekraïne, maar toch verstoort de oorlog in Oekraïne een veelbelovend economisch herstel ten zuiden van de Sahara. Veelbelovend ja, want het ging er ondanks de coronacrisis iets beter dan verwacht.

De Afrikaanse landen krabbelden vorig jaar in het derde kwartaal weer op, aldus het Internationaal Monetair Fonds (IMF) donderdag. Ze hielden die positieve lijn vast ondanks de vierde coronagolf, die van de omicron-variant. Daardoor kwam de economische groei in 2021 hoger uit dan voorzien, namelijk op 4,5 procent.

Maar nu ziet de toekomst er weer wat somberder uit. Voedsel en energie zijn op de wereldmarkt duur geworden, en dat dempt de groei van de Afrikaanse economieën. Samen groeien ze dit jaar met 3,8 procent, verwacht het IMF.

“De oorlog in Oekraïne heeft de vooruitzichten op korte termijn voor Afrika ten zuiden van de Sahara veranderd”, zegt Abebe Aemro Selassie, directeur van de Afrikaanse afdeling van het IMF. “Door de schok op de wereldwijde grondstoffenmarkten loopt de inflatie op en dat treft de meest kwetsbare huishoudens in de regio. De voedselonzekerheid verergert, de armoedecijfers stijgen en mogelijk lopen de sociale spanningen op.”

De olielanden profiteren

Er zijn grote verschillen tussen Afrikaanse landen. Voor de acht olie-exporteurs in Afrika, waaronder Nigeria en Angola, zijn de hoge energieprijzen bijvoorbeeld een meevaller. Maar de andere 37 landen zullen meer geld kwijt zijn aan de invoer van energie. Het dagelijks leven wordt er duurder, zegt Selassie. “Dit jaar krijgen elf landen te maken met inflatie van minstens 10 procent en de helft van die landen is al kwetsbaar.”

In Afrika geven consumenten gemiddeld 40 procent van hun inkomen uit aan voedsel. De eigen boeren merken dat kunstmest duurder is geworden en zullen die kosten doorberekenen. Tarwe wordt grotendeels geïmporteerd, uit allerlei landen. Tanzania haalt 70 procent van zijn tarwe direct uit Rusland en voor Senegal is het de helft. Maar voor andere landen zoals Ivoorkust ligt dat percentage veel lager. Samen waren Rusland en Oekraïne goed voor 2,5 procent van de Afrikaanse handel buiten het continent.

“Overheden moeten kwetsbare huishoudens beschermen tegen de stijgende voedsel- en energieprijzen zonder zelf in financiële problemen te raken”, adviseert Selassie. “Ze kunnen voedsel uitdelen of de prijzen verlagen met subsidies”, stelt hij voor. Maar het is balanceren, want veel landen met een laag inkomen hebben al een schuld die ze nauwelijks kunnen dragen.

Lees ook:

Diepe recessie, voedselonzekerheid en wereldwijde armoede – de oorlog in Oekraïne heeft een sneeuwbaleffect

Ook voor landen in de omgeving van het conflict zijn moeilijke tijden aangebroken. Ze zijn afhankelijk van de export naar Rusland of van het geld dat arbeidsmigranten naar huis sturen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden