null

AnalyseArbeidsmarkt

Er is een chronisch tekort aan personeel, maar misschien moeten we dat helemaal niet oplossen

Beeld Suzan Hijink

De betekenis van arbeid heeft in de bestel- en bezorgeconomie aan waarde ingeboet. Maar het chronisch tekort aan personeel zou het tij weleens kunnen keren.

Joost van Velzen

Winkels, restaurants, fabrieken, kantoren; overal is een enorm tekort aan personeel. Werkgevers wringen zich in de meest ingewikkelde bochten om schaarse arbeidskrachten hun kant op te krijgen. Een kansloze missie, vaak. Werkend Nederland heeft in betrekkelijk korte tijd een ander aangezicht gekregen en het is maar zeer de vraag of de boel ooit weer in de vertrouwde plooi valt.

De op hol geslagen arbeidsmarkt is een gevolg van de economie, die tegenwoordig anders is ingericht. Waar we voorheen zelf de hort op gingen om iets te kopen of regelen, doen we dat nu – zeker sinds de pandemie – massaal digitaal. De logistieke werkzaamheden die in die ‘nieuwe economie’ nodig zijn, slokken alle banen op, ook die in andere branches.

Dus wat krijg je dan: de serveerster van dat restaurant op de hoek brengt boodschappen rond voor een flitsbezorger en de vakkenvuller van de buurtsuper heeft zijn baantje ingeruild voor dat van orderpicker in een distributiecentrum. De arbeidsmarkt lijkt zich wel als één man plots te hebben omgedraaid om zich te bewegen in de richting van de nieuwe economie. En zelfs daar staan eindeloos veel vacatures open, smekend om vervuld te worden.

Is groei wenselijk?

“We hebben een tweede wereld geschapen waar heel veel mensen werken”, zegt Govert Buijs, (Goldschmeding leerstoel ‘Maatschappelijke en economische vernieuwing’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam). “Decennialang stond alles in het teken van banen, banen, banen en is er te veel ingezet op het binnenhalen van werk. Nu is het spook van de werkloosheid bijna helemaal verdwenen.

Het is een mysterie want er moeten ook branches zijn waar het niet zo is, maar die houden zich stil. Op steeds meer plekken, zoals op Schiphol, is het gebrek aan personeel een onhoudbare situatie geworden. Het is nog maar de vraag of de enorme loonsverhoging die onlangs is toegezegd, het probleem gaat oplossen.”

Misschien moeten we het ook niet willen oplossen, stelt Buijs, die ook auteur is van het boek Waarom werken we zo hard?. Dat zoveel mensen nu de bestel- en bezorgeconomie dienen, of dat Schiphol de stromen reizigers niet aankan vanwege een personeelstekort, roept bij Buijs de vraag op welke kant we eigenlijk op willen met die arbeidsmarkt van ons.

“Sta eens stil bij welke sectoren er zijn gegroeid en stel je de vraag of dat wenselijk is. Is een baan in de horeca minder interessant dan een baan in de logistiek of het massatoerisme? Schiphol zorgt voor veel vervuiling; willen we dat? Of doen we liever iets aan het tekort aan mankracht in de ICT, de politie, het leger, de zorg of het onderwijs?”

null Beeld Suzan Hijink
Beeld Suzan Hijink

De ambivalentie van de rotbaantjes

Zoals de arbeidsmarkt zich nu heeft ontwikkeld – en dat geldt niet alleen voor Nederland – zo kan het niet lang blijven, stelt Han Mesters, sectorbankier zakelijke dienstverlening bij ABN Amro. “Nederland, maar ook landen als de Verenigde Staten, zijn een soort logistieke centra geworden. Dat is niet lang vol te houden, alleen al vanwege onnodig veel transportbewegingen. Er is steeds meer weerstand tegen die bestel- en bezorgeconomie vanwege het klimaat.”

De banen die de logistieke economie draaiende houden, maar ook andere banen die zich meer aan de onderkant van de arbeidsmarkt bevinden, roepen ook een dubbel gevoel over ons af. We kijken er enerzijds een beetje op neer, terwijl we tegelijkertijd veelvuldig een beroep doen op die rotbaantjes. Anders komt die maaltijd niet tot aan de voordeur, moeten we zelf op de fiets stappen voor die nieuwe broek of blijft dat leuke restaurantje gesloten. Mesters: “In de VS moeten ze huishoudsters, bartenders en receptionisten wel drie keer zoveel betalen als voorheen. We moeten werk weer op waarde schatten.”

Angst is veranderd in hoop

Juist ja, het hoge woord is eruit. De waarde van werk. Hoe kijken we daar tegenaan? Daar zou weleens een deel van het probleem kunnen liggen. En daarmee misschien ook wel een deel van de oplossing. Want als we bepaalde banen waardeloos vinden, dan zijn ze misschien wel overbodig te maken.

Daar wordt al aan gewerkt door de inzet van robotica. In distributiecentra en in kassen worden de zogenoemde bullshitbanen meer en meer vervangen door machines. Webwarenhuizen als Amazon, Bol.com, Zalando en Wehkamp hebben robots in dienst genomen die de bestellingen verzamelen en uit de stellages tillen. In de glastuinbouw vliegen hier en daar drones rond die insecten bestrijden en wordt er geëxperimenteerd met plukrobots. Onze angst dat robotica onze baantjes zou inpikken, heeft plaatsgemaakt voor juist de hoop dat dit gebeurt.

Mesters: “Maar die fietsjongens- en meisjes, die je boodschappen in 10 minuten tot aan de voordeur brengen, die kunnen we voorlopig niet automatiseren”.

Liever in de rode cijfers dan iemand met autisme aannemen

Je moet ook niet alle banen aan machines willen overlaten, zegt filosoof Buijs. “Dat kan deels wel in de logistiek, maar niet in de zorg of in het onderwijs. Er moet bovendien voldoende diversiteit op de arbeidsmarkt blijven, we moeten wel genoeg laaggeschoolde banen behouden. Daarnaast moet er ook werk zijn voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, de minder makkelijk inzetbaren.”

Voor die laatste groep heb je wel goedwillende werkgevers nodig. Of werkgevers die heel erg omhoog zitten. En die zouden er met het huidige extreme tekort aan personeel toch voldoende moeten zijn, zou je zeggen. Maar uit recent onderzoek onder driehonderd Nederlandse ondernemers en hogere managers kwam naar voren dat een kwart van hen liever blijft zoeken naar een schaap met vijf poten dan dat ze iemand in dienst nemen die bijvoorbeeld net uit een burn-out komt. Volgens het onderzoek van Pro Contact stelt 35 procent van de ondervraagden zelfs dat ze liever met hun bedrijf in de rode cijfers duiken dan dat ze iemand aanstellen met pakweg autisme.

Duurder biertje

Of het bedrijfsleven zich die houding nog lang kan veroorloven, mag worden betwijfeld. “De werkenden zijn op”, zegt Joop Schippers , hoogleraar arbeidseconomie aan de Universiteit Utrecht. “Daarom moeten werkgevers de eisen bijstellen voor mensen die nog iets voor de arbeidsmarkt kunnen betekenen en tegelijkertijd in hen investeren. Vergelijk het met een voetbalcoach: die stelt het liefst elf toppers op, maar als er eentje geblesseerd is, zal hij energie moeten steken in de reservespeler met iets minder kwaliteit. Dat zijn werkgevers niet gewend, maar dat zullen ze wel moeten.”

Tegenover de huivering om mensen in dienst te nemen ‘waar iets mee is’ staat een toegenomen bereidheid om werknemers meer te betalen. Zelfs vakbonden tonen zich tevreden met alweer een bereikt akkoord over een fors verbeterde cao. Na een eindeloos mantra van loonmatiging komen werkgevers uit tal van branches met hogere salarissen over de brug. Han Mesters van ABN Amro: “Op Schiphol zie je die waardering nu met forse loonsverhogingen voor medewerkers. Maar ook de horeca zal moeten betalen. Dan wordt dat biertje maar duurder. We moeten eerlijker kijken naar arbeid. Naar wat mensen kunnen en naar wat mensen verdienen.”

De bullshitbaan van de toekomst

Met een hoger loon schroef je de waardering voor werk behoorlijk op – in natura tenminste. Maar de waarde van werk wordt niet exclusief uitgedrukt op de bankrekening aan het eind van de maand. Volgens Buijs zouden werkgevers zich in de eerste plaats moeten afvragen waarom mensen eigenlijk willen werken.

“Autonomie is bijvoorbeeld heel belangrijk in de waardering van arbeid. De aard van leiderschap is dan ook van grote invloed op de werkvloer. Geef mensen verantwoordelijkheid. Maar ook een goeie werk-privébalans. En met name jongeren hechten weer veel waarde aan de betekenis van werk: wat zijn de kernwaarden van het bedrijf waar ze willen werken? Doen ze goed voor de wereld? Brengt de baan die ze bieden een zekere zingeving met zich mee? Als zulke zaken een grotere rol gaan spelen, kan de kwaliteit van arbeid – daarbij geholpen door de krappe arbeidsmarkt – flink toenemen.”

Mesters denkt dat bedrijven en instellingen er dan ook verstandig aan doen om in te zetten op maatschappelijke relevantie: “Aristoteles noemde arbeid al een roeping. Nu zien we dat de jonge generatie het belangrijk vindt dat werk van nut is. Een goedbetaalde baan zonder maatschappelijke relevantie kan weleens de bullshitbaan van de toekomst worden.”

Je werk is je identiteit

Hoogleraar arbeidseconomie Joop Schippers, al veertig jaar verbonden aan de Universiteit Utrecht, bekijkt ons werk en hoe we dat waarderen tot slot nog eens vanuit historisch perspectief. En dan komt hij tot de conclusie dat het nog maar de vraag is of de waardering van arbeid is afgenomen: “Op sommige terreinen wel, maar als je tachtig jaar teruggaat, is de waarde van werk juist toegenomen. Wat voor werk we doen, is meer dan ooit bepalend voor onze identiteit. Als we iemand ontmoeten en daarmee in gesprek raken, is de vraag aan elkaar al snel: wat doe jij? Vroeger had je positie in de samenleving veel meer een link met je achtergrond, de stand waar je uit voortkwam. De adel, de burgerij of de zuil waartoe je behoorde.”

Ergens werken betekende lange tijd ook dat je bleef zitten waar je zat, brengt Schippers in herinnering. “Een bedrijf als Philips zorgde voor zijn personeel van de wieg tot aan het graf. Aan zulke zekerheden hecht de huidige generatie arbeidskrachten veel minder waarde. Werken is heel het leven niet, vinden we tegenwoordig. Je leeft niet om te werken, maar je werkt om te leven.”

Volgens Schippers is het in de huidige, individualistische maatschappij veel moeilijker om iets algemeens te stellen over hoe mensen het werk dat ze doen op waarde schatten. “Zoveel mensen, zoveel zinnen. De samenleving is wat killer, wat afstandelijker geworden. Het land telt ook veel meer mensen die alleen door het leven gaan. Daarom zal een deel van de bevolking het op prijs stellen als een werkgever een warm bad voor ze is. Een plek waar ze sociale contacten hebben. Anderen hechten juist aan ongebondenheid. Maar wat voor iedereen belangrijk is, dat is waardering krijgen voor wat ze doen.”

Lees ook:

Columnist Stevo Akkerman over de waarde van werk

Neem werk serieus, het wordt gedaan door mensen.

Veel stagiairs krijgen niets betaald

In het onderwijs en de zorg krijgen de meeste stagiairs niets betaald voor de inspanningen die ze leveren.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden